H5 ONDERZOEKSPLAN
Onderzoeksplan
= heldere en nauwkeurige omschrijving
1. Probleemformulering = wat je gaat onderzoeken en de relevantie
wat, waartoe?
2. Onderzoeksopzet = welke middelen, methodes en/of technieken
waar, wnr, wie, hoe?
Functies: Reflectie ≠ onrealistische doelen / overbodig onderzoek
Transparantie = integratie teamleden + duidelijk voor
opdrachtgever
Efficiëntie
Evaluatie achteraf
onderzoeksdoelstelling
literatuurstudie
probleemformulering vraagstelling
plaats
onderzoeksplan
tijd
onderzoeksopzet
eenheden
Probleemformulering / Probleemstelling instrumenten
= een bondige omschrijving van wat het onderzoeksprobleem precies inhoudt en
waarom het relevant is
om er onderzoek naar te verrichten
1. Algemene vraagstelling : wat en waartoe in enkele alinea’s
2. Status quaestionis : literatuurstudie
3. Concrete onderzoeksvragen
Algemene vraagstelling en onderzoeksdoelstelling
= geeft richting van onderzoek aan
Kennisprobleem = gebrek aan theoretische / praktische kennis in
algemene termen omschreven
cultuurparticipatie
⟶ Theoriegericht onderzoek : genereren van nieuwe inzichten en kennis
waarom lijkt cultuurparticipatie voorbehouden voor
hoogopgeleiden?
⟶ Praktijkgericht onderzoek : praktische kennis leveren om probleem binnen SL
op te lossen
hoe krijgen we een betere sociale mix in de
cultuurhuizen?
, ! elk onderzoek heeft eigenlijk componenten van beide soorten onderzoek
! theorie kan dienen als oplossing en empirisch materiaal kan dienen voor
theorieopbouw
Relevantie
Theoriegericht - ontwikkeling van wetenschap (nieuwe theorie of
theoriefragment)
- verklaringen voor anomalieën in bestaande theorieën
- empirisch beschrijven van fenomenen met oog op theoretische
toetsing
Praktijkgericht - gebruik van resultaten en bevindingen door beleidsmakers,
opdrachtgevers
Literatuurstudie: status quaestionis
= onderzoek naar wat al geweten is over onderwerp (wetenschap = collectief)
= synthese van bestaande literatuur : leemtes, eens/oneens
Inspirerend : genereert nieuwe vragen, verwijdt blik
Kaderen : plaatsen van onderzoek in een traditie, ‘ver-netwerken’
Afbakenen : thema nauwkeurig beschrijven, focus verfijnen
!! variatie qua reikwijdte/scope
Definiëren : concepten hebben vaak geen eenduidige definitie
(invulling en conceptualisering afhankelijk van soort onderzoek)
Vraagstelling en onderzoeksvragen
= verfijnen van algemene probleemstelling naar specifieke vraagstelling
: operationalisering van concepten en onderlinge relaties
!! hangt samen met doelstellingen (selectie op basis van … / stuurt mee …)
vraagstelling ⟶ deelvragen ⟶ onderzoeksvragen ⟶ waarnemingsvragen
(technische vertaling)
⇒ verschillende soorten kennis
Beschrijvende < explorerend onderzoek
Verklarende
Voorspellende
Evaluatieve vooraf bepaalde standaarden halen?
Onderzoeksopzet / (Onderzoeks)technisch ontwerp
= praktische uitvoering van onderzoek
☆ operationalisering van de concepten (hoe meet ik agressie?) < indicatoren
! repercussies op resultaten (vertekening)
Waar?
3 cruciale dimensies
Kunstmatigheid = mate waarin de omgeving als alledaags wordt
gepercipieerd
☆ Naturalistische geldigheid : onderzoekscontext veralgemenen
naar realiteit?
laboratorium ⟷ participerende
observatie
Onderzoeksplan
= heldere en nauwkeurige omschrijving
1. Probleemformulering = wat je gaat onderzoeken en de relevantie
wat, waartoe?
2. Onderzoeksopzet = welke middelen, methodes en/of technieken
waar, wnr, wie, hoe?
Functies: Reflectie ≠ onrealistische doelen / overbodig onderzoek
Transparantie = integratie teamleden + duidelijk voor
opdrachtgever
Efficiëntie
Evaluatie achteraf
onderzoeksdoelstelling
literatuurstudie
probleemformulering vraagstelling
plaats
onderzoeksplan
tijd
onderzoeksopzet
eenheden
Probleemformulering / Probleemstelling instrumenten
= een bondige omschrijving van wat het onderzoeksprobleem precies inhoudt en
waarom het relevant is
om er onderzoek naar te verrichten
1. Algemene vraagstelling : wat en waartoe in enkele alinea’s
2. Status quaestionis : literatuurstudie
3. Concrete onderzoeksvragen
Algemene vraagstelling en onderzoeksdoelstelling
= geeft richting van onderzoek aan
Kennisprobleem = gebrek aan theoretische / praktische kennis in
algemene termen omschreven
cultuurparticipatie
⟶ Theoriegericht onderzoek : genereren van nieuwe inzichten en kennis
waarom lijkt cultuurparticipatie voorbehouden voor
hoogopgeleiden?
⟶ Praktijkgericht onderzoek : praktische kennis leveren om probleem binnen SL
op te lossen
hoe krijgen we een betere sociale mix in de
cultuurhuizen?
, ! elk onderzoek heeft eigenlijk componenten van beide soorten onderzoek
! theorie kan dienen als oplossing en empirisch materiaal kan dienen voor
theorieopbouw
Relevantie
Theoriegericht - ontwikkeling van wetenschap (nieuwe theorie of
theoriefragment)
- verklaringen voor anomalieën in bestaande theorieën
- empirisch beschrijven van fenomenen met oog op theoretische
toetsing
Praktijkgericht - gebruik van resultaten en bevindingen door beleidsmakers,
opdrachtgevers
Literatuurstudie: status quaestionis
= onderzoek naar wat al geweten is over onderwerp (wetenschap = collectief)
= synthese van bestaande literatuur : leemtes, eens/oneens
Inspirerend : genereert nieuwe vragen, verwijdt blik
Kaderen : plaatsen van onderzoek in een traditie, ‘ver-netwerken’
Afbakenen : thema nauwkeurig beschrijven, focus verfijnen
!! variatie qua reikwijdte/scope
Definiëren : concepten hebben vaak geen eenduidige definitie
(invulling en conceptualisering afhankelijk van soort onderzoek)
Vraagstelling en onderzoeksvragen
= verfijnen van algemene probleemstelling naar specifieke vraagstelling
: operationalisering van concepten en onderlinge relaties
!! hangt samen met doelstellingen (selectie op basis van … / stuurt mee …)
vraagstelling ⟶ deelvragen ⟶ onderzoeksvragen ⟶ waarnemingsvragen
(technische vertaling)
⇒ verschillende soorten kennis
Beschrijvende < explorerend onderzoek
Verklarende
Voorspellende
Evaluatieve vooraf bepaalde standaarden halen?
Onderzoeksopzet / (Onderzoeks)technisch ontwerp
= praktische uitvoering van onderzoek
☆ operationalisering van de concepten (hoe meet ik agressie?) < indicatoren
! repercussies op resultaten (vertekening)
Waar?
3 cruciale dimensies
Kunstmatigheid = mate waarin de omgeving als alledaags wordt
gepercipieerd
☆ Naturalistische geldigheid : onderzoekscontext veralgemenen
naar realiteit?
laboratorium ⟷ participerende
observatie