Gewervelde dieren
Vissen Amfibiën Reptielen Vogels Zoogdieren
Huid- - Schubben - Geen schubben -> - Schubben - Verenkleed - Pels
Bedekk- - Dakpangewijs. wel naakte huid. - Dakpangewijs - Dekveren - Beschutting tegen
ing - Beschermt tegen - Bedekt met slijmlaag. - Bescherming tegen - Donsveren verwonding en regen.
verwonding. - Gevormd door verwonding, niet - Meeste ruien in herfst. - Pels bij zee
- Benige schubben kliertjes in de huid. tegen koude - Rui bij watervogels = zoogdieren heeft geen
gevormd door - Slijmlaag beschermt - Vervellen regelmatig vrij brutaal. zin.
lederhuid. dunne huid tegen - Schildpadden - Poten bedekt met - Egels gebruiken harde
- Bedekt met slijmlaag. droogte. vervellen niet. schild schubben + klauwen haren (stekels) als
- Wrijving met water - Komt voor in vochtige groeit door. - Schutkleuren: wijfjes bescherming tegen
word sterk plaatsen. maken zich zelf roofdieren.
verminderd = snellere - Waarschuwingskleure minder zichtbaar als - Huid = haren, nagels,
verplaatsing n of schrikkleuren: ze (broeden) klauwen, en hoeven.
- Schubben groeien voor hun giftige wetsbaar zijn. - Kleur van
mee slijmen. - Lokkleuren: andere huidbedekking is
- Groeilijnen duidelijk functie om belangrijk. -> doel:
afgetekend door broedplaats of wijfje camouflage,
sterke te veroveren. schutkeluren
seizoensverschillen
(groeistilstand)
- 1 groeilijn = 1
groeiseizoenen
Lichaams- - Spitse kop - Spitse kop. - Algemeen spitse kop - Bek of snavel - Gespitste of ronde
delen - Gestroomlijnde vorm - kikker is uitzondering - Inwendig gelegen - Ledematen: 1 paar kop met ontwikkelde
- Vinnen met vastliggende reukorgaan. poten, 1 paar kakeken.
uitklapbare tong om - Ogen aan vleugels. - Oorschelpen
insecten te vangen weerskanten - Staart: belangrijk - Echte neus met goed
- 2 paar poten, ingeplant = breder instrument bij vliegen ontwikkelde
zijdelinks. zichtveld. en sturen. inwendige
- Meestal een staart - Meeste hebben 2 paar - Sommige mannelijke reukorganen.
(kikker + pad zijn poten. staarten = lokmiddel. - Ogen zijwaarts of
uitzondering) - Staart word gebruikt vooraan.
als evenwichtsorgaan - Tastharen
als steun, grijp en - Romp afhankelijk van
voortbewegingsorgee leefmillieu.
n. - Meestal 2 paar poten.
Vissen Amfibiën Reptielen Vogels Zoogdieren
Huid- - Schubben - Geen schubben -> - Schubben - Verenkleed - Pels
Bedekk- - Dakpangewijs. wel naakte huid. - Dakpangewijs - Dekveren - Beschutting tegen
ing - Beschermt tegen - Bedekt met slijmlaag. - Bescherming tegen - Donsveren verwonding en regen.
verwonding. - Gevormd door verwonding, niet - Meeste ruien in herfst. - Pels bij zee
- Benige schubben kliertjes in de huid. tegen koude - Rui bij watervogels = zoogdieren heeft geen
gevormd door - Slijmlaag beschermt - Vervellen regelmatig vrij brutaal. zin.
lederhuid. dunne huid tegen - Schildpadden - Poten bedekt met - Egels gebruiken harde
- Bedekt met slijmlaag. droogte. vervellen niet. schild schubben + klauwen haren (stekels) als
- Wrijving met water - Komt voor in vochtige groeit door. - Schutkleuren: wijfjes bescherming tegen
word sterk plaatsen. maken zich zelf roofdieren.
verminderd = snellere - Waarschuwingskleure minder zichtbaar als - Huid = haren, nagels,
verplaatsing n of schrikkleuren: ze (broeden) klauwen, en hoeven.
- Schubben groeien voor hun giftige wetsbaar zijn. - Kleur van
mee slijmen. - Lokkleuren: andere huidbedekking is
- Groeilijnen duidelijk functie om belangrijk. -> doel:
afgetekend door broedplaats of wijfje camouflage,
sterke te veroveren. schutkeluren
seizoensverschillen
(groeistilstand)
- 1 groeilijn = 1
groeiseizoenen
Lichaams- - Spitse kop - Spitse kop. - Algemeen spitse kop - Bek of snavel - Gespitste of ronde
delen - Gestroomlijnde vorm - kikker is uitzondering - Inwendig gelegen - Ledematen: 1 paar kop met ontwikkelde
- Vinnen met vastliggende reukorgaan. poten, 1 paar kakeken.
uitklapbare tong om - Ogen aan vleugels. - Oorschelpen
insecten te vangen weerskanten - Staart: belangrijk - Echte neus met goed
- 2 paar poten, ingeplant = breder instrument bij vliegen ontwikkelde
zijdelinks. zichtveld. en sturen. inwendige
- Meestal een staart - Meeste hebben 2 paar - Sommige mannelijke reukorganen.
(kikker + pad zijn poten. staarten = lokmiddel. - Ogen zijwaarts of
uitzondering) - Staart word gebruikt vooraan.
als evenwichtsorgaan - Tastharen
als steun, grijp en - Romp afhankelijk van
voortbewegingsorgee leefmillieu.
n. - Meestal 2 paar poten.