Opvoedingsstijlen en gevolgen
Pedagogiek: wetenschap die opvang en onderwijs van kinderen bestudeert en
onderzoekt welke effecten specifieke opvoedkundige handelingen hebben
Beschrijven gedrag → verklaren gedrag → vertalen naar gedrag
Filosofen: Rousseau (Romantiek) en Locke (verlichting)
Bandura: sociale leertheorie: doll experience: observationeel leren & bekrachtigen
Strategieën
Restrictieve strategieën: kijkwijzer
Actieve strategieën:
- afkeurend commentaar geven (Bandura)
- Empathie met slachtoffers benaderen
Nature/nurture
Tabula rasa: ter wereld komen als ongeschreven blad = Aristoteles & Locke
Watson: mens is maakbaar (nurture)
Koelkastmoeder: emotionele kille moeder veroorzaakt autisme bij hun kids (nurture)
Ouders: 1e kind nurture & tweede kind nature
Harris: meer invloed van peers (nurture)
Differentiële ontvankelijkheid: ontwikkeling, omgeving en gevoeligheid kind (beide)
Bronfenbrenner: omgeving is ingewikkeld; micro, meso, exo, macro (nurture)
Galton: grondlegger gedragsgenetica: onderzocht reputatie intelligentie
Kritiek: genen en omgeving moeilijk te onderscheiden in biologisch gezin
Mendel grondlegger moleculaire genetica
Opvoedstijlen
1. Autoritatief: ouders stellen zich democratisch op; betrokken en aandacht voor
behoeften kind, maar hanteren ook regels en structuur voor kind.
2. Autoritair: duidelijke regels en structuur, maar weinig betrokkenheid en
emotionele ondersteuning. Negatieve disciplinering. Kind gezien als object.
3. Permissief: weinig regels en houden veel rekening met wensen en gevoelens
van kind. Kind gezien als subject.
Anti-autoritair uit West Berlijn: vrij zonder dwang
4. Verwaarlozend: ouders die niet betrokken zijn of regels stellen. kind als object.
Discipline is inconsequent.
Regels Hoffman
Controlerend en gezaghebbend, maar
- Niet: disciplineren m.b.v. fysieke dwang en onthouden van aandacht/liefde
- Wel: positief disciplineren (inductief), uitleggen, empathie
Good enough parenting Scarr
- Good-enough: normale ontwikkeling, er komt uit wat er in zit (nurture)
- Slechter dan good-enough: achterstanden
- Beter dan good-enough: normale ontwikkeling, komt niet meer uit dan er in zit
Coercive Cycle Patterson