Samenvatting Hindoeïsme & Boeddhisme
Merlijn Vrolijk - 4G2
,Het Hindoeïsme
Goden
Het hindoeïsme kent geen god. Hindoes geloven in de ‘Sanata Dharma’: de eeuwige orde. De
orde is de kringloop van alles, bijvoorbeeld het leven. Als je sterft word je ziel gereïncarneerd
en word je geboren in een ander lichaam. In de Sanata Dharma worden vaak onderdelen van
de eeuwige orde als goden beschreven. Veel hindoes hebben een beeldje in huis van een
bepaalde god waarmee ze zichzelf het meest verbonden voelen. Enkele bekende van die
goden zijn:
- Brahma - Brahma vertegenwoordigt het genererende of scheppende aspect van G-O-D in
de drie-eenheid Generator (Schepper)/Onderhouder/Destructor (Vernietiger)
- Vishnu - Vishnu is het onderhoudende (beschermende) aspect van God en doordringt alles
in dit universum
- Shiva - Shiva vertegenwoordigt het transmuterende of vernietigende aspect van God. Alles
in de schepping bestaat maar tijdelijk en zal vroeger of later getransmuteerd of vernietigd
worden
- Krishna - Krishna wordt wel de God van de bhakti of devotie genoemd. Maar Hij is tevens
de koning die aan de zijde van Arjuna de strijd aanvoerde in de Mahabharata oorlog. Ook
Krishna wordt wel gezien als een grote historische Goeroe die geassocieerd wordt met Yoga
- Rama - Rama is de held van het prachtige heldenepos de Ramayana, dat het verhaal vertelt
van zijn overwinning op de boosaardige koning Ravana. Rama wordt aanbeden als de ideale
mens: dapper, knap, trouw en vriendelijk. Hij is een grote held, een goede echtgenoot en
een rechtvaardige koning. De apengod Hanuman, die Rama helpt om Ravana te verslaan,
wordt zelf ook als een god vereerd. Rama is de zevende incarnatie van Vishnu.
- Durga - Durga wordt gezien als één van de vormen van Devi (de Godin). Ze belichaamt het
centrum van de kracht (Shakti), waarmee het universum is gecreëerd. Ze wordt vaak
afgebeeld met veel armen met wapens en rijdend op een tijger. Hiermee zou zij vele
demonen verslagen hebben.
- Ganesha - Ganesha, de god met het "olifantenhoofd", neemt hindernissen weg en is de
beschermheilige van reizigers. Hindoes bidden tot Ganesha voor ze aan iets nieuws
beginnen, zoals een nieuwe baan of wanneer ze verhuizen.
, Het kastenstelsel
In de Indiase samenleving draait er een kastenstelsel. Dit houd in dat er vier verschillende
rangen zijn in de samenleving. De kastensamenleving zit al heel lang is de Indiase cultuur
(sinds de inval van de Ariërs) en speelt in de moderne tijd nog steeds een rol. Vanaf je
geboorte word er bepaald in welke rang je zit. Dit word bepaald door je familie. Als zij tot de
laagste rang behoren, behoor jij dat ook. Als je sterft en reïncarneert kan je in een andere
kast komen. Dit hangt af van hoe je je gedraagt. Reinheid speelt een grote rol. Met reinheid
word de aftstand tot god bedoeld. De vier rangen zijn:
- Brahmanen – De hoogste kast met het meeste aanzien in India. Meestal bestaat deze rang
uit priesters die zich strikt aan de regels van het Hindoeïsme houden. De naam Brahmanen is
ook afgeleid van de god Brahma. In de moderne samenleving werken ze vaak als ministers,
ambtenaren of hoogleraren.
- Ksastria’s – De tweede kast. Meestal bestaat het uit bestuurders, ministers en adel.
- Vaisja’s – De derde kast die bestaat uit de ‘normale’ en hedendaagse mensen. Dit kan je
vergelijken met de middeleeuwse middelklasse. Vaak zijn het boeren, arbeiders en
landeigenaren.
- Sjoedra’s – De vierde kast die vroeger vooral uit slaven bestond. Tegenwoordig zijn het
vooral goedkope arbeiders die in dienst zijn van mensen uit hogere kasten.
( - Dalits ) – Dit zijn mensen die eigenlijk niet binnen het kastenstelsels vallen. Ze voeren
onreine beroepen uit. Ze zijn vrijwel altijd in dienst van andere om onreine klussen uit te
voeren. Ze worden vaak vermeden door andere kasten.
Merlijn Vrolijk - 4G2
,Het Hindoeïsme
Goden
Het hindoeïsme kent geen god. Hindoes geloven in de ‘Sanata Dharma’: de eeuwige orde. De
orde is de kringloop van alles, bijvoorbeeld het leven. Als je sterft word je ziel gereïncarneerd
en word je geboren in een ander lichaam. In de Sanata Dharma worden vaak onderdelen van
de eeuwige orde als goden beschreven. Veel hindoes hebben een beeldje in huis van een
bepaalde god waarmee ze zichzelf het meest verbonden voelen. Enkele bekende van die
goden zijn:
- Brahma - Brahma vertegenwoordigt het genererende of scheppende aspect van G-O-D in
de drie-eenheid Generator (Schepper)/Onderhouder/Destructor (Vernietiger)
- Vishnu - Vishnu is het onderhoudende (beschermende) aspect van God en doordringt alles
in dit universum
- Shiva - Shiva vertegenwoordigt het transmuterende of vernietigende aspect van God. Alles
in de schepping bestaat maar tijdelijk en zal vroeger of later getransmuteerd of vernietigd
worden
- Krishna - Krishna wordt wel de God van de bhakti of devotie genoemd. Maar Hij is tevens
de koning die aan de zijde van Arjuna de strijd aanvoerde in de Mahabharata oorlog. Ook
Krishna wordt wel gezien als een grote historische Goeroe die geassocieerd wordt met Yoga
- Rama - Rama is de held van het prachtige heldenepos de Ramayana, dat het verhaal vertelt
van zijn overwinning op de boosaardige koning Ravana. Rama wordt aanbeden als de ideale
mens: dapper, knap, trouw en vriendelijk. Hij is een grote held, een goede echtgenoot en
een rechtvaardige koning. De apengod Hanuman, die Rama helpt om Ravana te verslaan,
wordt zelf ook als een god vereerd. Rama is de zevende incarnatie van Vishnu.
- Durga - Durga wordt gezien als één van de vormen van Devi (de Godin). Ze belichaamt het
centrum van de kracht (Shakti), waarmee het universum is gecreëerd. Ze wordt vaak
afgebeeld met veel armen met wapens en rijdend op een tijger. Hiermee zou zij vele
demonen verslagen hebben.
- Ganesha - Ganesha, de god met het "olifantenhoofd", neemt hindernissen weg en is de
beschermheilige van reizigers. Hindoes bidden tot Ganesha voor ze aan iets nieuws
beginnen, zoals een nieuwe baan of wanneer ze verhuizen.
, Het kastenstelsel
In de Indiase samenleving draait er een kastenstelsel. Dit houd in dat er vier verschillende
rangen zijn in de samenleving. De kastensamenleving zit al heel lang is de Indiase cultuur
(sinds de inval van de Ariërs) en speelt in de moderne tijd nog steeds een rol. Vanaf je
geboorte word er bepaald in welke rang je zit. Dit word bepaald door je familie. Als zij tot de
laagste rang behoren, behoor jij dat ook. Als je sterft en reïncarneert kan je in een andere
kast komen. Dit hangt af van hoe je je gedraagt. Reinheid speelt een grote rol. Met reinheid
word de aftstand tot god bedoeld. De vier rangen zijn:
- Brahmanen – De hoogste kast met het meeste aanzien in India. Meestal bestaat deze rang
uit priesters die zich strikt aan de regels van het Hindoeïsme houden. De naam Brahmanen is
ook afgeleid van de god Brahma. In de moderne samenleving werken ze vaak als ministers,
ambtenaren of hoogleraren.
- Ksastria’s – De tweede kast. Meestal bestaat het uit bestuurders, ministers en adel.
- Vaisja’s – De derde kast die bestaat uit de ‘normale’ en hedendaagse mensen. Dit kan je
vergelijken met de middeleeuwse middelklasse. Vaak zijn het boeren, arbeiders en
landeigenaren.
- Sjoedra’s – De vierde kast die vroeger vooral uit slaven bestond. Tegenwoordig zijn het
vooral goedkope arbeiders die in dienst zijn van mensen uit hogere kasten.
( - Dalits ) – Dit zijn mensen die eigenlijk niet binnen het kastenstelsels vallen. Ze voeren
onreine beroepen uit. Ze zijn vrijwel altijd in dienst van andere om onreine klussen uit te
voeren. Ze worden vaak vermeden door andere kasten.