Titel KBS: coördineren van de zorg
Naam student:
Studentnummer:
Klas:
Stage: leerjaar 2
Stagecode: OVK2SSTG01
Datum: 13-09-2021/04-02-2022
Stage-instelling: Franciscus gasthuis
Stage-afdeling: chirurgie 2
, Kritische Beroepssituatie
Situatie:
Mijn KBS beschrijft het coördineren van de zorg tijdens mijn dagdienst. Het betreft 4 patiënten op de
afdeling chirurgie 2. Doordat een collega ziek was stond ik deze dagdienst zelfstandig op de
toegewezen kamer en kreeg ik waar nodig hulp van mijn begeleider. Ik heb de taken verdeeld en
knelpunten of bijzonderheden aangegeven bij de dagstart. Ik heb met mijn begeleider afgesproken
aan haar terug te koppelen.
Taak:
Het is mijn taak als stagiaire om regie te nemen over mijn eigen leerproces dit door mijn leerdoel aan
te geven aan mijn begeleider en te reflecteren op mijn eigen handelen. In de rol van zorgverlener is
het mijn taak om het zorgdossier van de patiënten in te lezen en in samenspraak met de zorgvragers
de benodigde zorg vast te stellen en deze zorg te verlenen. Dit betekend begeleiden bij het wassen
en aankleden en wondcontrole uit te voeren. In de rol communicator is het mijn taak om op
persoonsgerichte wijze met de patiënten te communiceren. In de rol van gezondheidsbevorderaar is
het mijn taak om gezondheidsrisico’s te signaleren, zoals decubitus, delier en de vitale functies. Via
de prepurse, dos score of EWS, screeningsinstrumenten om deze gezondheidsrisico’s inzichtelijk te
maken, in te vullen. In de rol van organisator is het mijn taak om de patiënten te ondersteunen bij
het mobiliseren, het activiteitenplan bij te houden en om de verleende zorg te rapporten in het
zorgdossier van de patiënten.
Actie:
Ik begon mijn dagdienst met het inlezen van het zorgdossier van de patiënten die op mijn kamer
lagen, zodat ik de verpleegkundige zorgvragen kon vaststellen (Competentie 14.) In het
activiteitenplan kon ik vaststellen welke mensen zelfstandig waren en een hulpje nodig hadden ook
kon ik hier overzichtelijk zien welke ingebrachte materialen de patiënten hadden en dat er
wondcontrole gedaan moest worden. Vervolgens heb ik de verpleegkundige rapportages gelezen om
te zien welke bijzonderheden er de nacht en dag voorop hebben plaatsgevonden en hoe het met de
patiënt is gegaan. Vervolgens heb ik bij de dagstart aangegeven dat ik twee patiënten heb die nog
medisch zijn en ik nog twee patiënten die wachten op een plekje voor thuiszorg of in een
verpleeghuis. De patiënten waren qua adl vrij zelfstandig of hadden een klein hulpje nodig.
Met mijn begeleider heb ik nog eens de patiënten besproken en heb ik de taken verdeeld
(competentie 12). Ik heb aangegeven dat de dag start en de artsenvisite onder begeleiding doen mijn
persoonlijke leerdoel was (Competentie 11). Ook heb ik hier aangegeven bij mijn collega dat ik nog
geen medicatie mag delen (Competentie 16). En dat ik onder begeleiding de artsenvisite wil doen.
Ik heb mijn begeleider gevraagd mijn medicatie voor mij uit te delen, toen ben ik mezelf gaan
voorstellen aan de patiënten en ze even wakker gemaakt. Ik ben even langs elk patiënt gelopen om
te vragen hoe ze zich voelen en hoe de nacht voor ze is verlopen, hierna heb ik ze gevraagd of ze
even willen opfrissen, hoe ze dit wilden en in hoeverre ze dit zelfstandig kunnen.
Dhr. R. had een wond aan de voet links en deze zat in het gips, nadat meneer zich had opgefrist heb
ik gekeken of het gips nog goed zat, of de tenen warm waren en mnr deze kon bewegen en of er
sprake was van capillaire refill. Dit was bij dhr. het geval (Competentie 1). Dhr. kon veel zelfstandig,
ook mobiliseren. Ik had gedurende dienst gemerkt dat meneer dit wel deed door veel te hinkelen en
zich vast te houden aan de bedranden. Om de zelfmanagement veilig voor dhr te bevorderen heb ik
het 5a model toegepast; (Competentie 2). Achterhalen: ik heb dhr gevraagd of dhr op de hoogte is
hoe hij het best kan mobiliseren dhr gaf aan dit te weten. Adviseren: ik heb toen gevraagd of ik dhr
advies mocht geven en dhr stond hier open voor. Ik heb toen aangegeven dat het vooral belangrijk is
2
Shayonira Rosa | 1001282