→ Regelgeving/wetten/verordeningen.
Het Latijnse woord voor recht is ‘ius’ (je spreekt dit uit als jus) en je vindt dit terug in
bijvoorbeeld de woorden justitie en jurisprudentie.
Het doel van recht is het gedrag van mensen in hun onderlinge verkeer te ordenen en te
uniformeren.
→ Het recht zorgt ervoor dat de regels gehandhaafd worden.
Het recht heeft diverse functies, namelijk:
Normatieve functie → Gedragsregels in de samenleving zijn schriftelijk vastgelegd.
Ook wel rechtsnormen.
Geschil oplossende functie → Voorkomen van eigenrichting.
Additionele functie (= aanvullende functie) → Biedt basis wanneer partijen vergeten
zijn iets af te spreken.
Instrumentele functie → Doorhakken van knopen om zaken in de samenleving te
regelen.
Er zijn verschillende soorten rechtsbronnen, deze zijn namelijk:
De wet
De rechtspraak (jurisprudentie)
De gewoonte
Het verdrag
Maar wat zijn rechtsbronnen? Rechtsbronnen zijn alle op dit moment geldende rechtsregels
in Nederland, dit noemen we ook wel het positieve recht.
,In Nederland kunnen we de wetgevers onderverdelen in twee verschillende groepen,
namelijk:
Centrale wetgevers → Regering + Staten-Generaal
Decentrale wetgevers
o Provinciale wetgevers → Provinciale Staten
o Gemeentelijke wetgevers → Gemeenteraad.
We kennen ook een hiërarchie in de wetgeving:
Hogere regels boven lagere regels
Nieuwe regels boven oude regels
Bijzondere regels boven algemene regels
, Een wet in formele zin is tot stand gekomen door de nationale wetgever (Regering + Staten-
Generaal).
Een wet in materiele zin is tot stand gekomen voor een onbeperkt aantal personen door een
daartoe gevoegd orgaan.