Comfort: Thermisch
Kwalitatieve eisen voor gebouw
1. Comfort v/d gebruiker
2. Gezondheidsnoden v/d gebruiker
3. Duurzaamheid v/d bouwconstructies
4. Economische randvoorwaarden
5. Ecologische gegevens
1.Duurzaam
Economisch: gebouw wordt gebouwd zodat het econ. Rendabel is
Ecologisch: ecologische materiaal, regionaal, minst belastbaar vr. milieu
Sociologisch: vb/ verbetering aan omgeving zoals een brug
Ventilatierooster verplicht ventilatie (opening in gevel) 2 nadelen:
o Warmteverlies 18- 20%
o Akoestich probleem, opl: ventilatierooster
geen ventilatie aan de gevel (mechanisch ventilatie)
Spouw = ruimte tss binnen & buitenmuur van thermisch isolatie
Isolatie:
o Om warmte binnen te houden
o +/- 16 cm hoe dikker, hoe beter
Bij lichte dubbele structuur altijd minerale wol als thermische isolatie
Warme lucht in contact met koude temperatuur condens schimmel
Dampscherm (zwarte stippenlijn):
o Plastic folie
o Vocht kan niet in isolatie
o aan warme zijde
2. De Integrale aanpak
2.1 De gevel
De gebouwschil:
2.1.1 Isolatie (akoestisch)
gelinkt met materialen (geen lichte structuur zoals minerale wol)
beton = goed
massa hoe zwaarder, hoe beter
continue volle structuur
2.1.2 Windscherm
enkel op zadelscherm
eerste laag onder pannen, onderdak
luchtstromen gaan niet naar binnen/isolatie
,2.1.3 Waterscherm
Zelfde materiaal windscherm
Lang buitenkant
Continue rond gebouw
Vb/ een folie
Micro-geperforeerd:
o Water kan er niet door
o Damp kan wel naar binnen naar buiten
o Bij defect dampscherm
o Enkel bij zadeldak
2.1.4 Thermische isolatie
In of buiten structuur
Volledig continue, zeer belangrijk !!
Koude brug, bouwknoop = onderbreking van isolatie
Materiaalgebruik belangrijk
2.1.5 Luchtscherm en/of damscherm
Zelfde materiaal, plastic
L:
o wordt lokaal geplaats, bij bouwelement bv/ raam, deur, stopcontact
o Om luchtlekken te vermijden
o Tape
D:
o Altijd over volle oppervlakte gevel
o Waterdamp kan niet naar isolatie
2.2 Akoestiek- gevel
Parameter R (geluidverzwakkingsindex hoeveel geluid geblokkeerd is)
Dubbele muur: met spouw & isolatie
Enkele muur: bv/ beton van 20 cm
Zwakke plekken:
o Venster
o Deuren
o Kier: spleet ten gevolge van draaiend onderdeel
o Naad: tss 2 vaste onderdelen
o Lichte constructies
Conflict met ventilatiesysteem A,B,C roosters
Geen conflict met stabiliteit/ brandweerstand
2.3 Winddichting – Gevel
Winddichting: tegen stroming van buiten naar binnen
o Verhinderen vochtig worden & afkoeling van thermische isolatie van buitenaf
o Dichte constructieschil (gevelmuur, onderdak
o Zwakke plekken:
- Samenkomen dakvlak & gevel
- Aansluiting scheidingsconstructie
, - Deuren
- Kieren en naden
- Thermische isolatie in spouw
o Dampopen(= micro-geperforeerd = “ademend”) aan de buitenkant winddichting
o (Dampdicht aan de binnenkant dampscherm)
2.4 Waterdichting – gevel
Langs de buitenkant
Verhindert vochtig worden constructie (inwendig) door regen & sijpelwater & opstijgend
vocht
Dichte constructieschil ( gevelmuur, dakbedekking-onderdak, folies)
Zwakke plekken:
o Verbindingen vloer- muur
o Uitzettingsvoegen
o Kieren en naden
o Kelders cementeren + bestrijken met bitumenderivaten
cementeren + PE dubbele noppenfolies + drainagematten
Geen conflict met winddichting/akoestiek/stabiliteit/brandweerstand
Folie onder constructie tegen opstijgend vocht
Folie boven raam zodat sijpelend water niet langs de bovenkant naar binnen kan
2.5 Thermisch – gevel
Parameter λ (warmtegeleidingscoëfficiënt) hoe lager, hoe beter als isolatie
Isolatiemateriaal met laagst mogelijke lamba & hoogste plaatsing comfort
= reële thermische prestatie
Thermische isolerende product: < 0,07 W/mK – alles wat > is, niet thermisch isolerend
Zwakke plekken:
o Ventilatie
o Vensters, deuren
o Kieren en naden
o Verbindingen tss gevelvlakken
o Funderingsaanzet
o Dakranden
Conflict met ventilatie/indien foute keuzen materiaal ook met akoestiek
Geen conflict met stabiliteit/brandweerstand/ wind en waterdichting
Mogelijk conflict met plat dak met EPDM/bitumen
Rand fundering dieper dan 50cm (vorstvrije zone)
Cellenglas:
o Eengezinswoning
o Dragende & isolerende steen
o Draagcapaciteit < cellenbeton
Cellenbeton
o Van meerdere verdiepingen
o Dragend & isolerende steen
o Grotere draagcapaciteit
Kimblok = 1ste steen v/d draagmuur op de vloerplaat/fundering
om isolatie zo te laten doorlopen
deze term wordt gebruikt op constructief vlak
Kwalitatieve eisen voor gebouw
1. Comfort v/d gebruiker
2. Gezondheidsnoden v/d gebruiker
3. Duurzaamheid v/d bouwconstructies
4. Economische randvoorwaarden
5. Ecologische gegevens
1.Duurzaam
Economisch: gebouw wordt gebouwd zodat het econ. Rendabel is
Ecologisch: ecologische materiaal, regionaal, minst belastbaar vr. milieu
Sociologisch: vb/ verbetering aan omgeving zoals een brug
Ventilatierooster verplicht ventilatie (opening in gevel) 2 nadelen:
o Warmteverlies 18- 20%
o Akoestich probleem, opl: ventilatierooster
geen ventilatie aan de gevel (mechanisch ventilatie)
Spouw = ruimte tss binnen & buitenmuur van thermisch isolatie
Isolatie:
o Om warmte binnen te houden
o +/- 16 cm hoe dikker, hoe beter
Bij lichte dubbele structuur altijd minerale wol als thermische isolatie
Warme lucht in contact met koude temperatuur condens schimmel
Dampscherm (zwarte stippenlijn):
o Plastic folie
o Vocht kan niet in isolatie
o aan warme zijde
2. De Integrale aanpak
2.1 De gevel
De gebouwschil:
2.1.1 Isolatie (akoestisch)
gelinkt met materialen (geen lichte structuur zoals minerale wol)
beton = goed
massa hoe zwaarder, hoe beter
continue volle structuur
2.1.2 Windscherm
enkel op zadelscherm
eerste laag onder pannen, onderdak
luchtstromen gaan niet naar binnen/isolatie
,2.1.3 Waterscherm
Zelfde materiaal windscherm
Lang buitenkant
Continue rond gebouw
Vb/ een folie
Micro-geperforeerd:
o Water kan er niet door
o Damp kan wel naar binnen naar buiten
o Bij defect dampscherm
o Enkel bij zadeldak
2.1.4 Thermische isolatie
In of buiten structuur
Volledig continue, zeer belangrijk !!
Koude brug, bouwknoop = onderbreking van isolatie
Materiaalgebruik belangrijk
2.1.5 Luchtscherm en/of damscherm
Zelfde materiaal, plastic
L:
o wordt lokaal geplaats, bij bouwelement bv/ raam, deur, stopcontact
o Om luchtlekken te vermijden
o Tape
D:
o Altijd over volle oppervlakte gevel
o Waterdamp kan niet naar isolatie
2.2 Akoestiek- gevel
Parameter R (geluidverzwakkingsindex hoeveel geluid geblokkeerd is)
Dubbele muur: met spouw & isolatie
Enkele muur: bv/ beton van 20 cm
Zwakke plekken:
o Venster
o Deuren
o Kier: spleet ten gevolge van draaiend onderdeel
o Naad: tss 2 vaste onderdelen
o Lichte constructies
Conflict met ventilatiesysteem A,B,C roosters
Geen conflict met stabiliteit/ brandweerstand
2.3 Winddichting – Gevel
Winddichting: tegen stroming van buiten naar binnen
o Verhinderen vochtig worden & afkoeling van thermische isolatie van buitenaf
o Dichte constructieschil (gevelmuur, onderdak
o Zwakke plekken:
- Samenkomen dakvlak & gevel
- Aansluiting scheidingsconstructie
, - Deuren
- Kieren en naden
- Thermische isolatie in spouw
o Dampopen(= micro-geperforeerd = “ademend”) aan de buitenkant winddichting
o (Dampdicht aan de binnenkant dampscherm)
2.4 Waterdichting – gevel
Langs de buitenkant
Verhindert vochtig worden constructie (inwendig) door regen & sijpelwater & opstijgend
vocht
Dichte constructieschil ( gevelmuur, dakbedekking-onderdak, folies)
Zwakke plekken:
o Verbindingen vloer- muur
o Uitzettingsvoegen
o Kieren en naden
o Kelders cementeren + bestrijken met bitumenderivaten
cementeren + PE dubbele noppenfolies + drainagematten
Geen conflict met winddichting/akoestiek/stabiliteit/brandweerstand
Folie onder constructie tegen opstijgend vocht
Folie boven raam zodat sijpelend water niet langs de bovenkant naar binnen kan
2.5 Thermisch – gevel
Parameter λ (warmtegeleidingscoëfficiënt) hoe lager, hoe beter als isolatie
Isolatiemateriaal met laagst mogelijke lamba & hoogste plaatsing comfort
= reële thermische prestatie
Thermische isolerende product: < 0,07 W/mK – alles wat > is, niet thermisch isolerend
Zwakke plekken:
o Ventilatie
o Vensters, deuren
o Kieren en naden
o Verbindingen tss gevelvlakken
o Funderingsaanzet
o Dakranden
Conflict met ventilatie/indien foute keuzen materiaal ook met akoestiek
Geen conflict met stabiliteit/brandweerstand/ wind en waterdichting
Mogelijk conflict met plat dak met EPDM/bitumen
Rand fundering dieper dan 50cm (vorstvrije zone)
Cellenglas:
o Eengezinswoning
o Dragende & isolerende steen
o Draagcapaciteit < cellenbeton
Cellenbeton
o Van meerdere verdiepingen
o Dragend & isolerende steen
o Grotere draagcapaciteit
Kimblok = 1ste steen v/d draagmuur op de vloerplaat/fundering
om isolatie zo te laten doorlopen
deze term wordt gebruikt op constructief vlak