1. Bouwkundig erfgoed
1.1 Romaans (ca. 10e eeuw tot 13e eeuw)
- Massieve, zware stenen muren met kleine gevelopeningen
- Rondboog + middenzuiltjes
- Dak: vlak houten gewelf of stenen kruis- en koepelgewelven
- Rondboogfriezen & nissen
- Lisenen
- Spaarvelden
1.2 Gotiek (ca. 13e eeuw – begin 16e eeuw)
- Herverdeling van krachten à meer openingen in massieve muren
- Verticaliteit (dicht bij de hemel)
- Grotere vensteropeningen
- Spitsbogen
- Kruisribgewelven
Trapgevel:
Oudste zijn uit romaanse stijl
In de gotiek zijn die meer uitgewerkt
1.3 Renaissance (ca 16e eeuw)
- Vormentaal van antieke oudheid
- In en uitzwenkte top
- Klokgevel
- Fronton
- Lijsten voor horizontale opdeling
- Oculus / oeil-de-boeuf
- Baksteen, witte natuursteen
- Kruisvensters met glas-in-lood
- Boogvensters met sluitsteen
- Luikjes
- Versierde gevelankers
- Zuilen & pilasters
- Eierlijsten
- Obelisken
- Saters
- Mascarons
- Risalliet
Bv. stadhuis Antwerpen
, 1.4 Barok (ca. 17e eeuw)
- Volplastische vormen
- Gebogen lijnen
- Contrast licht-donker à 3D
- Contrast massa – leegte
- Voluut- en klokgevels
- Versiering gevels
- Voluten
- Vlampotten
- Dieptewerking met perspectieven
- Doel was om te imponeren
- 1 symmetrieas
- Vol, weelderig
- Ingewikkelde patronen en overdadige versiering
1.5 Classicerende barok (ca. eerste helft 18e eeuw)
- Inspireren op klassieke vormentaal
- Lodewijk-XIV-stijl
- Moeilijk te herkennen
1.6 Rococo (midden 18e eeuw)
- Decoratieve stijl (meubels & interieur)
- Speels, lichte kleuren
- Asymmetrisch lijnenspel
- Goud, natuur
- Rocaille: asymmetrisch schelpmotief
- Ook lodewijk-XV-stijl
1.7 Classicisme (ca. tweede helft 18e eeuw)
- Strakke architectuur: klassieke oudheid
- Symmetrie en rechte lijnen, regelmaat
- Zuilenportiek, pilasters, sokkel in natuursteen
- Frontons
- Guirlandes, fetsoenen
- Consoles
- Urnen
- Medaillons, ocullus
- Rozetten
- Palmetten
- Meanders
- Kraal- en eierlijsten
- Ballustrades in smeetijzer
- Ook lodewijk-XV-stijl
1.1 Romaans (ca. 10e eeuw tot 13e eeuw)
- Massieve, zware stenen muren met kleine gevelopeningen
- Rondboog + middenzuiltjes
- Dak: vlak houten gewelf of stenen kruis- en koepelgewelven
- Rondboogfriezen & nissen
- Lisenen
- Spaarvelden
1.2 Gotiek (ca. 13e eeuw – begin 16e eeuw)
- Herverdeling van krachten à meer openingen in massieve muren
- Verticaliteit (dicht bij de hemel)
- Grotere vensteropeningen
- Spitsbogen
- Kruisribgewelven
Trapgevel:
Oudste zijn uit romaanse stijl
In de gotiek zijn die meer uitgewerkt
1.3 Renaissance (ca 16e eeuw)
- Vormentaal van antieke oudheid
- In en uitzwenkte top
- Klokgevel
- Fronton
- Lijsten voor horizontale opdeling
- Oculus / oeil-de-boeuf
- Baksteen, witte natuursteen
- Kruisvensters met glas-in-lood
- Boogvensters met sluitsteen
- Luikjes
- Versierde gevelankers
- Zuilen & pilasters
- Eierlijsten
- Obelisken
- Saters
- Mascarons
- Risalliet
Bv. stadhuis Antwerpen
, 1.4 Barok (ca. 17e eeuw)
- Volplastische vormen
- Gebogen lijnen
- Contrast licht-donker à 3D
- Contrast massa – leegte
- Voluut- en klokgevels
- Versiering gevels
- Voluten
- Vlampotten
- Dieptewerking met perspectieven
- Doel was om te imponeren
- 1 symmetrieas
- Vol, weelderig
- Ingewikkelde patronen en overdadige versiering
1.5 Classicerende barok (ca. eerste helft 18e eeuw)
- Inspireren op klassieke vormentaal
- Lodewijk-XIV-stijl
- Moeilijk te herkennen
1.6 Rococo (midden 18e eeuw)
- Decoratieve stijl (meubels & interieur)
- Speels, lichte kleuren
- Asymmetrisch lijnenspel
- Goud, natuur
- Rocaille: asymmetrisch schelpmotief
- Ook lodewijk-XV-stijl
1.7 Classicisme (ca. tweede helft 18e eeuw)
- Strakke architectuur: klassieke oudheid
- Symmetrie en rechte lijnen, regelmaat
- Zuilenportiek, pilasters, sokkel in natuursteen
- Frontons
- Guirlandes, fetsoenen
- Consoles
- Urnen
- Medaillons, ocullus
- Rozetten
- Palmetten
- Meanders
- Kraal- en eierlijsten
- Ballustrades in smeetijzer
- Ook lodewijk-XV-stijl