Psychodiagnostisch werken 2
Hoorcollege 1
Wat is intelligentie ?
1. Intelligentie in de naïeve psychologische theorie
Onderzoek van Sternberg
Wat denkt een leek over intelligentie?
Leek= iemand die geen expert is in iets
● Impliciete theorie over intelligentie
Mensen hebben onbewuste ideeën over wat intelligentie is, gebaseerd op hun
ervaringen.
● Inschatting van intelligentie bij anderen correleert hoog
met resultaten uit intelligentietesten (bij iemand die je goed kent)
● Breder en diffuser beeld van intelligentie dan de wetenschap:
- Ook alledaags functioneren in rekening genomen
- Common sence idee van intelligentie
Onderzoek uit 1988:
Toonde aan dat leken best goed zijn in het inschatten van intelligentie bij
mensen die ze goed kennen.
Taak van psychologie als wetenschap
● Vanuit veelheid aan opvattingen: begrip intelligentie afbakenen
● Door middel van onderzoek: definitie formuleren
● Wetenschappelijke opvattingen onderscheiden zich van
‘leken’-opvattingen:
- zo zuiver mogelijk gedefinieerde en meetbare concepten
- theorieën, hypothesen en verwachtingen over psychologische
verschijnselen worden getoetst
1
,Wetenschappelijke afbakening van het begrip
Intelligentie in Onderzoek
In onderzoek draait intelligentie vooral om academische prestaties, zoals
schooltaken en probleemoplossing binnen vaste structuren.
Boring: wat de test meet
Definitie van Boring (1923):
"Intelligentie is dat wat de test meet."
Deze definitie is circulair omdat het geen echte uitleg geeft van wat
intelligentie is. Ondanks dat het veel gebruikt wordt, is het vaak verwarrend en
heeft het meer kwaad dan goed gedaan in het begrijpen van intelligentie.
Bovendien blijkt uit onderzoek dat mensen niet altijd dezelfde score halen op
intelligentietests, wat de vraag opnieuw oproept: Wat is intelligentie eigenlijk?
“Er zijn zeer veel opvattingen over intelligentie”
Niveaus van intelligentie: A, B en C
Ordenen van Definities in Niveaus A, B en C (Vernon)
Niveau A:
Dit niveau verwijst naar het aangeboren potentieel om intelligent te handelen.
Het is:
● Vastgelegd in de hersenen en bepaald door genen
● Cultuuronafhankelijk en stabiel over tijd
● Niet meetbaar, omdat het verder gaat dan wat tests kunnen vastleggen
● Een puur theoretisch begrip, gebaseerd op veronderstellingen zonder
directe bewijsvoering.
2
,Niveau B:
Dit niveau beschrijft intelligentie als de interactie tussen genetische aanleg en
omgevingsinvloeden. Het wordt beïnvloed door:
● Opvoeding
● Leefomstandigheden voor en na de geboorte (zoals voeding en culturele
gewoonten)
● Onderwijs en levenservaringen
Intelligentie op dit niveau is cultuurgebonden, veranderlijk en in principe
meetbaar, maar de precieze definitie blijft vaag.
Niveau C:
Dit niveau verwijst naar wat een intelligentietest meet, oftewel de gemeten
intelligentie van een persoon.
Voorbeeld: IQ-scores zoals 120 of 98.
De meeste wetenschappelijke definities van intelligentie richten zich op niveau
B en C, omdat deze aspecten meetbaar zijn.
Niet 1 definitie: wat nu ?
Moderne definities van intelligentie:
● Cognitieve processen en vaardigheden: Nadruk op onderliggende
mentale processen zoals denken, waarnemen, en herinneren.
● Metacognitie: Het vermogen om de eigen cognitieve processen en
vermogens te sturen (bijvoorbeeld: zelfreflectie op het eigen denken).
● Uitvoeringsprocessen: In meer dan 40% van de moderne definities;
verwijst naar het vermogen om effectief en efficiënt acties te
ondernemen. Dit is minder vaak het geval in oudere definities (10%).
● Abstract redeneren: Vindt men in de helft van de moderne definities, wat
het vermogen betreft om complexe ideeën zonder concrete voorbeelden
te begrijpen.
3
, ● Probleemoplossing: Het vermogen om nieuwe of onbekende problemen
aan te pakken en op te lossen.
● Leren en aanpassen: Het vermogen om nieuwe taken aan te leren en
zich aan te passen aan veranderende omstandigheden.
Veel van de moderne definities meten aspecten die gericht zijn op niveau B en
C, die meetbare cognitieve en uitvoerende vaardigheden reflecteren.
Deze moet je begrijpen :
“Intelligentie is een conglomeraat van verstandelijke vermogens, processen en
vaardigheden, zoals abstract, logisch en consistent kunnen redeneren, relaties
kunnen ontdekken, leggen en doorzien, problemen oplossen, regels kunnen
ontdekken in schijnbaar ongeordend materiaal, met bestaande kennis nieuwe
taken kunnen oplossen, zich flexibel aanpassen aan nieuwe situaties, in staat
zijn leervermogen te tonen zonder directe en onvolledige instructies.”
Hoorcollege 2 : Geschiedenis en theorieën rond intelligentie
Geschiedenis van intelligentie
● Wetenschappers bestuderen al meer dan honderd jaar het fenomeen
van intelligentie
● Veel verschillende soorten onderzoek
● Veel verschillende theorieën
→ Belangrijk om deze achtergrond mee te hebben om de huidige modellen te
begrijpen
4
Hoorcollege 1
Wat is intelligentie ?
1. Intelligentie in de naïeve psychologische theorie
Onderzoek van Sternberg
Wat denkt een leek over intelligentie?
Leek= iemand die geen expert is in iets
● Impliciete theorie over intelligentie
Mensen hebben onbewuste ideeën over wat intelligentie is, gebaseerd op hun
ervaringen.
● Inschatting van intelligentie bij anderen correleert hoog
met resultaten uit intelligentietesten (bij iemand die je goed kent)
● Breder en diffuser beeld van intelligentie dan de wetenschap:
- Ook alledaags functioneren in rekening genomen
- Common sence idee van intelligentie
Onderzoek uit 1988:
Toonde aan dat leken best goed zijn in het inschatten van intelligentie bij
mensen die ze goed kennen.
Taak van psychologie als wetenschap
● Vanuit veelheid aan opvattingen: begrip intelligentie afbakenen
● Door middel van onderzoek: definitie formuleren
● Wetenschappelijke opvattingen onderscheiden zich van
‘leken’-opvattingen:
- zo zuiver mogelijk gedefinieerde en meetbare concepten
- theorieën, hypothesen en verwachtingen over psychologische
verschijnselen worden getoetst
1
,Wetenschappelijke afbakening van het begrip
Intelligentie in Onderzoek
In onderzoek draait intelligentie vooral om academische prestaties, zoals
schooltaken en probleemoplossing binnen vaste structuren.
Boring: wat de test meet
Definitie van Boring (1923):
"Intelligentie is dat wat de test meet."
Deze definitie is circulair omdat het geen echte uitleg geeft van wat
intelligentie is. Ondanks dat het veel gebruikt wordt, is het vaak verwarrend en
heeft het meer kwaad dan goed gedaan in het begrijpen van intelligentie.
Bovendien blijkt uit onderzoek dat mensen niet altijd dezelfde score halen op
intelligentietests, wat de vraag opnieuw oproept: Wat is intelligentie eigenlijk?
“Er zijn zeer veel opvattingen over intelligentie”
Niveaus van intelligentie: A, B en C
Ordenen van Definities in Niveaus A, B en C (Vernon)
Niveau A:
Dit niveau verwijst naar het aangeboren potentieel om intelligent te handelen.
Het is:
● Vastgelegd in de hersenen en bepaald door genen
● Cultuuronafhankelijk en stabiel over tijd
● Niet meetbaar, omdat het verder gaat dan wat tests kunnen vastleggen
● Een puur theoretisch begrip, gebaseerd op veronderstellingen zonder
directe bewijsvoering.
2
,Niveau B:
Dit niveau beschrijft intelligentie als de interactie tussen genetische aanleg en
omgevingsinvloeden. Het wordt beïnvloed door:
● Opvoeding
● Leefomstandigheden voor en na de geboorte (zoals voeding en culturele
gewoonten)
● Onderwijs en levenservaringen
Intelligentie op dit niveau is cultuurgebonden, veranderlijk en in principe
meetbaar, maar de precieze definitie blijft vaag.
Niveau C:
Dit niveau verwijst naar wat een intelligentietest meet, oftewel de gemeten
intelligentie van een persoon.
Voorbeeld: IQ-scores zoals 120 of 98.
De meeste wetenschappelijke definities van intelligentie richten zich op niveau
B en C, omdat deze aspecten meetbaar zijn.
Niet 1 definitie: wat nu ?
Moderne definities van intelligentie:
● Cognitieve processen en vaardigheden: Nadruk op onderliggende
mentale processen zoals denken, waarnemen, en herinneren.
● Metacognitie: Het vermogen om de eigen cognitieve processen en
vermogens te sturen (bijvoorbeeld: zelfreflectie op het eigen denken).
● Uitvoeringsprocessen: In meer dan 40% van de moderne definities;
verwijst naar het vermogen om effectief en efficiënt acties te
ondernemen. Dit is minder vaak het geval in oudere definities (10%).
● Abstract redeneren: Vindt men in de helft van de moderne definities, wat
het vermogen betreft om complexe ideeën zonder concrete voorbeelden
te begrijpen.
3
, ● Probleemoplossing: Het vermogen om nieuwe of onbekende problemen
aan te pakken en op te lossen.
● Leren en aanpassen: Het vermogen om nieuwe taken aan te leren en
zich aan te passen aan veranderende omstandigheden.
Veel van de moderne definities meten aspecten die gericht zijn op niveau B en
C, die meetbare cognitieve en uitvoerende vaardigheden reflecteren.
Deze moet je begrijpen :
“Intelligentie is een conglomeraat van verstandelijke vermogens, processen en
vaardigheden, zoals abstract, logisch en consistent kunnen redeneren, relaties
kunnen ontdekken, leggen en doorzien, problemen oplossen, regels kunnen
ontdekken in schijnbaar ongeordend materiaal, met bestaande kennis nieuwe
taken kunnen oplossen, zich flexibel aanpassen aan nieuwe situaties, in staat
zijn leervermogen te tonen zonder directe en onvolledige instructies.”
Hoorcollege 2 : Geschiedenis en theorieën rond intelligentie
Geschiedenis van intelligentie
● Wetenschappers bestuderen al meer dan honderd jaar het fenomeen
van intelligentie
● Veel verschillende soorten onderzoek
● Veel verschillende theorieën
→ Belangrijk om deze achtergrond mee te hebben om de huidige modellen te
begrijpen
4