DEEL 14: GEVOLGEN VAN ZIEK ZIJN VOOR
PATIËNTEN EN HUN GEZIN
14.1 ZIEKTE: EEN GEZINSPROBLEEM
Ziekte speelt zich af in pers omgeving en sociale netwerk het is dan ook niet
verbazendwekkend dat de ziekte van de patiënt ook door de dierbaren worden ervaren
Door druk op gezinnen word alleen maar vergroot door de uitbreidende trend in de
richting thuiszorg en dagbehandelingen ipv ziekenhuis opnames
14.1.1 FORMELE ZORG EN MANTELZORG
Formele zorg verwijst naar betaalde professionele zorg, terwijl mantelzorg meestal wordt
verleend door nietopgeleide familieleden of vrienden zonder formele contracten of
vergoedingen. Mantelzorgers hebben vaak behoefte aan ondersteuning, zoals scholing en
respijtzorg. Nederland en België erkennen steeds meer de rol van mantelzorgers als
partners in de zorg.
Meest voorkomende zorgtaken:
Praktische hulp (koken, was doen,..)
Emotionele ondersteuning, aanmoedeging en alg toezicht
Hulp bij het regelen of coördineren v medische/zorgafspraken
Administratief of financieel beheer
Hulp met pers zorgtaken (aankleden, wassen, eten)
Hulp met mobiliteit (uit bed stappen, door huis bewegen)
14.1.2 PREVALENTIE VAN MANTELZORG
De vraag naar zorg neemt toe door de vergrijzing en de toename van chronische
aandoeningen. In Europa wordt een derde van de bevolking ouder dan 65 jaar, waarvan
veel mensen mantelzorg ontvangen. Nederland en Vlaanderen hebben een significant
aantal mantelzorgers, met een op de drie volwassenen die intensieve zorg bieden aan
een familielid of vriend.
14.1.3 WAT BETEKENT HET OM VERZORGENDE TE ZIJN?
Volgens Roth betekend de term 'verzorger' verwijst naar iemand die regelmatig
specifieke zorgtaken uitvoert die anders door de zorgontvanger zelf gedaan zouden
worden, zoals hulp bij aankleden en toiletbezoek. Het is belangrijk na te denken over de
implicaties van terminologie, aangezien het label 'mantelzorger' nog niet algemeen
geaccepteerd is.
1
, WC6 gezondheidspsychologie
14.1.4 DEMOGRAFISCHE EIGENSCHAPPEN VAN MANTELZORGERS
Onderzoek in zes Europese landen toont aan dat meer dan de helft van de mantelzorgers
vrouw is, gemiddeld 55 jaar oud, en vaak deel uitmaakt van de sandwichgeneratie,
waarbij ze zowel voor hun ouders als voor hun kinderen zorgen. Mantelzorgers hebben
vaak zelf gezondheidsproblemen, met een hoge prevalentie van langdurige klachten en
overbelasting, vooral bij oudere zorgverleners.
14.2 VERWACHTINGEN TEN AANZIEN VAN ZORG
14.2.1 GENDERGERELATEERDE VERWACHTINGEN
Vrouwen verlenen meer zorg dan mannen vanwege maatschappelijke verwachtingen en
een hogere levensverwachting. Traditioneel worden vrouwen gezien als verzorgend en
mannen als carrièregericht. Hoewel er verschuivingen zijn, blijven vrouwen de
meerderheid van de zorgverleners.
14.2.2 CULTUUR EN VERWACHTINGEN TEN AANZIEN VAN VERZORGENDE
Culturele verwachtingen rondom zorg verschillen wereldwijd. Onderzoek toont variatie in
collectivisme versus individualisme, en respect voor ouders (‘xiao’ in het Chinees) in
verschillende culturen. Deze culturele waarden beïnvloeden de rol van mantelzorgers.
14.2.3 DE KWESTIE VAN ZORGBEREIDHEID
Zorgverleners kunnen intrinsieke (uit principe) of extrinsieke (voor geld of verwachte rol)
motivaties hebben. Onderzoek toont dat dochters vaker extrinsieke motivaties hebben
dan echtgenoten. Er zijn genetische en hormonale factoren, zoals oxytocine, die
prosociaal gedrag en zorgbereidheid kunnen beïnvloeden.
Samengevat: de verwachtingen rondom zorg worden beïnvloed door genderrollen,
culturele normen en individuele motivaties. Deze factoren spelen een cruciale rol in de
verdeling en perceptie van mantelzorg
14.3 GEZINSSYSTEMEN EN GEZINSLEDEN
Wanneer een gezinslid ziek wordt, moet het gezin zich aanpassen aan een nieuwe
situatie, wat onzekerheid en stress kan veroorzaken. Volgens McCubbin en Patterson
(1982) doorloopt een gezin drie fasen van aanpassing:
- Fase van afweer: Gezinsleden ontkennen of ontwijken de realiteit
- Fase van herstructurering: Gezinsleden erkennen de realiteit en
reorganiseren hun leven
- Fase van consolidering: Een nieuwe rol wordt permanent als herstel niet
mogelijk is, wat kan leiden tot nieuwe manieren van denken
2