VAK 1
Analyse en kritische beoordeling
van de jaarrekening
Volledige maar beknopte herhalingssamenvatting
op basis van de aangeleverde cursus/presentatie
Focus voor het examen
Begrijpen - berekenen - interpreteren - verbanden leggen tussen liquiditeit, solvabiliteit, rendabiliteit en
cashflow.
ITAA - Vak 1 | Analyse en kritische beoordeling van de jaarrekening p. 1
, 1. Doel van financiële analyse
Een financiële analyse dient om een oordeel te vormen over de financiële gezondheid en evolutie van de
onderneming. Berekeningen zijn dus geen eindpunt: de interpretatie is essentieel.
• Liquiditeit: kan de onderneming haar verplichtingen op korte termijn betalen?
• Solvabiliteit: kan de onderneming haar verplichtingen op lange termijn dragen en hoe financieel onafhankelijk is
ze?
• Rendabiliteit: levert het geïnvesteerde vermogen voldoende rendement op?
Altijd combineren: vergelijking in de tijd, vergelijking met de sector, onderlinge samenhang van ratio's en
onderzoek van de oorzaken achter de cijfers.
Waarderingsregels, uitzonderlijke gebeurtenissen, activiteit en levensfase van de onderneming kunnen de analyse
sterk beïnvloeden.
2. Herwerking van de jaarrekening
Voor financiële analyse wordt meestal gewerkt met een herwerkte balans en resultatenrekening, zodat economisch
vergelijkbare posten samen worden bekeken.
2.1 Herwerkte balans
• Uitgebreide vaste activa: nettoactiva op lange termijn, inclusief vorderingen op meer dan één jaar.
• Beperkt vlottende activa: brutobedrijfskapitaal; omvat bedrijfsactiva en thesaurieactiva.
• Permanent vermogen: middelen die langdurig ter beschikking staan.
• Vreemd vermogen KT: schulden die op korte termijn moeten worden voldaan.
Financieringsprincipe: langetermijnactiva worden in beginsel gefinancierd met permanent vermogen.
Kortetermijnactiva kunnen met kortetermijnmiddelen worden gefinancierd, maar wegens realisatierisico's
is een buffer wenselijk: het nettobedrijfskapitaal.
2.2 Herwerkte resultatenrekening: EBIT en EBITDA
Nettoresultaat vóór belastingen - financiële kasopbrengsten + financiële kaskosten = EBIT
EBIT - niet-kasopbrengsten + niet-kaskosten = EBITDA
• EBIT: resultaat vóór interest en belastingen; nuttig om operationele prestaties los van financiering te bekijken.
• EBITDA: corrigeert EBIT verder voor niet-kaselementen en benadert de operationele kasgeneratie.
• Let op: EBITDA is niet hetzelfde als effectieve cashflow. Werkkapitaal, investeringen en financieringsstromen
spelen ook mee.
3. Horizontale en verticale analyse
3.1 Verticale analyse = statisch beeld
• Balansposten worden uitgedrukt als percentage van het balanstotaal.
• Resultatenrekening: posten als percentage van totale bedrijfsopbrengsten/verkopen; bij verkort schema kan
brutomarge als referentie dienen.
• Doel: structuur zichtbaar maken, bv. kapitalisatiegraad, voorraadgewicht, kostenstructuur en aandeel toegevoegde
waarde.
Voorbeeld: voorraad €300.000 / balanstotaal €1.000.000 = 30% van het balanstotaal.
3.2 Horizontale analyse = dynamisch beeld
Tijdindex = cijfer bepaald jaar x 100 / cijfer basisjaar
• Toont evoluties doorheen verschillende boekjaren.
ITAA - Vak 1 | Analyse en kritische beoordeling van de jaarrekening p. 2