Samenvatting van de Basis Acute Zorg
ABCDE-METHODIEK........................................................................................................... 3
GLASGOW COMA SCALE.................................................................................................... 4
SHOCK............................................................................................................................. 6
SEPTISCHE SYNDROMEN................................................................................................. 12
LAW OF EIGHT................................................................................................................ 14
ZUURSTOFTOEDIENING................................................................................................... 18
ZUUR-BASE EVENWICHT.................................................................................................. 22
BLOEDGASANALYSE........................................................................................................ 26
ANATOMIE VAN HET HART...............................................................................................26
RITME- EN GELEIDINGSSTOORNISSEN..............................................................................29
ECG................................................................................................................................ 36
ACS................................................................................................................................ 39
BEHANDELING BRADY-TACHY..........................................................................................43
ECV................................................................................................................................ 48
VERDIEPING................................................................................................................... 49
,ABCDE-Methodiek
Airway (Luchtweg)
Look
AVPU? Bewustzijn, praat iemand? Interventies
Inspectie van de mondholte: bloed, braaksel, corpus alienum, Intubatie (endotracheaal
zwelling tong (anafylaxie)? of larynxmasker)
Bij anafylaxie: 0.5mg intramusculair adrenaline CWK-immobilisatie
Letsel van het aangezicht? Chin-lift en jaw thrust (bij
Listen letsel)
Hoorbare ademhaling, stridor, bijgeluiden, heesheid Guadel en mayotube
Feel Losse elementen
Bij twijfel voelen naar uitademingslucht met oor boven de verwijderen uit de mond
mond/neus
Breathing (Ademhaling)
Look
Centrale cyanose?
Gestuwde halsvenen bij rechtszijdig hartfalen, harttamponnade en een
spanningspneumothorax
Uitwendig zichtbare afwijkingen op de thorax: hematomen of
wonden? Interventies
Symmetrie ademexcursies NRM 15 L O2
Ademfrequentie/ademarbeid: intrekkingen, gebruik X-thorax
hulpademhalingsspieren Drain
Listen (Niet)invasief
Ausculteren longen beiderzijds ademgeruis, asymmetrie, crepiteren beademen
Percussie longen (asymmetrie?) Verneveling
Feel Pijnstilling
Subcutaan emfyseem bij pneumothorax
Trachea in midline spanningspneumothorax Een Meten
spanningspneumothorax ontstaat meestal door een verwonding (trauma) van de Saturatie
borstkas, zoals een gebroken rib die de long doorboort, of een steek- of Ademhaling
schotwond.
Bij trauma -> ribfracturen
Circulation (circulatie)
Look
Kleur van de patiënt rood, bleek maar ook zweten en marmering Interventies
Blood on the floor and four places more borst, buik, bekken en Monitoring
bovenbeen Stop bloedverlies
Listen LAB
bloedkweken/bloedgas
Auscultatie van het hart harttonen, souffles, pericardwrijven
2x IV-toegang
Feel
Vullen/transfusie
Carotis/radialis voelen krachtig, frequentie en regelmaat
POCUS
Capillaire refill 5 seconden op sternum <2 sec
ECG
Warme acra
Abdomen peritoneale prikkeling, pulserende massa?
Disbility
Look/listen/feel Interventies
Glucose
Glasgow coma scale
corrigeren
CT-brein
, FAST
Face: vraag de patiënt te lachen of zijn/haar tanden te laten zien. Let op een afhangende mondhoek.
Arm: vraag de patiënt zijn/haar ogen te sluiten en beide armen horizontaal naar voren te strekken en
de binnenzijde van de handen naar boven te draaien. Let op het afzakken van een arm (Barré).
Speech: vraag of de patiënt een zin kan zeggen. Let op onduidelijk spreken of niet op de woorden
kunnen komen.
Time: vraag de patiënt wanneer de klachten zijn begonnen.
Lateralisaties
Glucose meten
Environment
Look/listen/feel Interventies
Temperatuur Actief koelen of opwarmen
Top tot teen check zwelling, oedemen, Bij hypothermie verwarmde
hematomen, bloedingen infuusvloeistoffen
Pijn
Glasgow coma scale
De Glasgow Coma Scale is een instrument om eenduidig te kunnen communiceren over het
bewustzijnsniveau van een patiënt. De GCS bestaat uit de EMV en een pupil score.
De EMV
In de EMV zit de AVPU maar verwerkt in de ‘Eyes’.
Eyes Motoric Verbal
Opent ogen spontaan 4 Voert enkelvoudige opdrachten uit 6 Georiënteerd 5
Opent ogen op
3 Lokaliseert een pijnprikkel 5 Verward 4
aanspreken
Opent ogen op
2 Terugtrekken bij pijnprikkel 4 Inadequaat spreekt, maar 3
pijnprikkel geen conversatie mogelijk
Opent ogen niet 1 Buigen bij pijnprikkel 3 Onverstaanbaar 2
Strekken bij pijnprikkel 2 Geen verbale uitingen 1
Geen reactie op pijnprikkel 1
Pupilcontrole
De regulatie van de pupilgrote wordt gedaan door de sympathicus en parasympaticus. Zo
wordt de pupil groter door de sympathicus (Het aanspannen van musculus dilator pupillae) en wordt
de pupil kleiner door de parasympaticus (aanspannen musculus constictor pupillae).
Hoe werkt de pupilreflex?
1. Licht valt op de ratina (het netvlies). De lichtgevoelige cellen nemen het licht waar.
2. Het signaal gaat via de nervus opticus (hersenzenuw II) naar de hersenen.
3. De hersenstam bepaald hoeveel licht er doorkomt, sympathicus en parasympaticus.
4. Via de nervus oculomotorius (hersenzenuw III) gaat het signaal weer terug naar het oog.
Bij beschadiging van de n. opticus (II) Schijn je in het beschadigde oog → geen vernauwing
van beide pupillen. Schijn je in het gezonde oog → beide pupillen vernauwen wel.
Bij beschadiging van n. oculomotorius komt het lichtsignaal wel in de hersenen aan, maar kan
niet meer naar de pupil worden gestuurd. Aan de aangedane kant: een grote (wijde) pupil; de
pupil reageert niet op licht; het oog kan naar buiten en iets naar beneden staan ("down and
out"); vaak hangt het bovenooglid (ptosis).
De controle
1. Zorg voor gelijkmatige lichtinval 3. Controleer de grootte van de pupillen
2. Beide ogen openen 4. Kijk naar oogstand