,Week 1 - Wet en Moraal
Tekst 1 Reader Statuory Lawlssness Radbruch
- Aanhanger natuurrecht (door naziregime)
- Rechtszekerheid
- Rechtvaardigheid en
- Doelmatigheid
Het recht moet het ordelijk maatschappelijke verkeer waarborgen
Naziregime; Radbruch gedachte veranderde want er zijn situaties waarbij rechtvaardigheid
boven rechtszekerheid moet komen te staan. Voorbeeldzaken:
- Puttvarken zaak
- Oproep tot vervolging rechters
- Zaak van deserteur
De wetten van Hitler ontberen volgens Radbruch de essentie van het recht;
rechtvaardigheid.
Radbruch formule: het positieve recgt geldt altijd zelfs als het onrechtvaardig is. Als de kloof
tussen gerechtigheid en rechtszekerheid echter te groot wordt, moet de rechtszekerheid
(positieve recht) wijken voor gerechtigheid. Dit is een materiële rechtsstaat opvatting. (Het
kan onaanvaardbaar of ondraaglijk zijn waarbij het geweten in opstand kan komen).
Tekst 2 Reader Natural law Himma
Natuurrecht Theorie zegt dat sommige normen geldig zijn omdat ze moreel juist zijn. Recht
en moraal overlappen dus deels; overlappende these.
Project van conceptuele rechtsfilosofie: onderzoekt wat recht precies is en wat het
onderscheidt van andere regelsystemen. Twee hoofdbenaderingen:
- Natuur Rechtstheorieën: recht is verbonden met moraal.
- Rechtspositivisme: recht staat los van moraal.
Klassieke natuur rechtstheorie
- Thomas van Aquino onderscheidt hierin 4 soorten recht
- Eeuwig recht, natuurrecht, menselijk recht en goddelijk recht
Er is wel keuzeruimte in bepalen van het recht zolang ze niet ingaan tegen moraal.
- L. Fuller ; recht hoeft geen morele inhoud te hebben maar wel een procedureel
moraal volgen. Volgens hem is het recht een doelgerichte activiteit: het probeert
menselijk gedrag te sturen via regels. Om dat te laten werken moet een
rechtsstelsel voldoen aan 8 principes van legaliteit (zoals duidelijkheid, consistentie
etc). Anders kan systeem geen recht heten.
- Interne moraal van het recht dus het proces van het recht.
- Hart: kritiek op fuller enn vind dat hij moraal verwart met doeltreffendheid
Tekst 3 Reader Morality of Law- Fuller: Fuller begint met verhaal over Rex die hervorming
wilde in zijn koningkrijk door nieuw wetboek te schrijven. Fuller herhaald de lessen die hij uit
methode van Rex haalde: 8 manieren om niet te slagen in het maken van recht.
1. Nalaten van regels stellen
2. Het nalaten van publiceren van regels
3. Toestaan terugwerkende kracht van wetten
, 4. Onduidelijk opschrijven van wetten
5. Het hebben van regels die elkaar tegenspreken
6. Het hebben van regels die onmogelijke dingen eisen aan het volk
7. Het zo vaak aanpassen van wet dat het volk niet meer kan afstellen
8. Het hebben van een n verschil in de regels zoals ie staat en zoals er toepassing aan
wordt gegeven..
Wanneer een van deze 8 punten van toepassing is kan er niet gesproken worden van een
rechtsysteem. Dan is er volgens Fuller ook geen morele verplichting om te gehoorzamen
hieraan. Volgens Fuller vergt rechtsstatelijkheid een vorm van wederkerigheid; overheid
tegen burger; als jij je aan de regels houdt beloven wij dat dit ook de regels zijn waarmee
we je beoordelen.
Nazi regime is complexer voor Fuller; bestaat er geen eenvoudig criterium voor wettelijk
gehoorzaamheid. Gehoorzaamheid aan wet is anders dan gehoorzaamheid aan gezag.
Hiertegenover staan rechtspositivisme die vind dat recht los staat van moraal.
Tekst 4 Reader :aw and Morals - Hart (Hart beschouwing tussen recht en moraal)
- Recht hoeft niet moreel juist te zijn
- Tegengesteld aan natuurrecht dat in de ene opvatting recht moet voldoen aan
morele waarden uitgedrukt in hoger recht en als het hier niet bij aansluit geen recht
is. → Hart verwerpt dit -
Minimum inhoud van natuurrecht
- Een andere opvatting is dat het herhaald gedrag verbind aan een hoger doel. Het
hogere recht moet dan voorschrijven welke stappenn moeten worden genomen om
het doel te bereiken. → Hart komt uit bij doel overleven. Om te overleven moet het
recht een minimale morele inhoud hebben. Deze minimale inhoud kan worden
afgeleid aan vijftal feiten;
- 1; menselijke kwetsbaarheid → u zult niet doden
- 2; gelijkheid → men moet elkaar dulden
- 3; naastenliefde
- 4; schaarse goederen → vorm van eigendom → universele regels en niet
speciaal voor individuen
- 5; beperkt begrip en wilskracht → naleven van regels kan verschillende
motieven hebben. Die motieven zijn niet universeel. Er moet daarom een
systeem zijn om mensen te dwingen zich te conformeren aan regels →
sancties.
Hart sluit af dat deze 5 waarheden ons meer duidelijkheid geven in het natuurrecht. We
kunnen keuzes (tussen bv wel of geen sancties) voorkomen want dit zou noodzakelijk zijn.
Waneer rechtspositivist stelt dat recht iederen inhoud kann hebben zijn er dus bepaalde
dingen (5) waar je niet omheen kan.
Morele waarde en status van het recht
Hart beschouwing of moraliteit samenvalt altijd met recht? → Normaal volgt het recht de
morele opvattingen maar er zijn pijnlijke voorbeelden dat er dan niet altijd genoeg
bescherming wordt geboden omdat er dan kracht tot afdwingen kan ontstaan. Hart
bespreekt 6 variaties van de stelling dat recht en moraliteit nog nader aan elkaar zijn
verbonden dan enkel minimuminhoud
, 1. Macht en autoriteit; er moet sprake zijn van meer dan dreiging→ morele overtuiging
in systeem. Regels kunnen alleen afgedwongen worden wanneer subjecten zich
hieraan vrijwillig onderwerpen.
a. Enerzijds recht dat enkel afgedwongen wordt door macht
b. Anderzijds die intrinsiek wordt nagevolgd.
c. Recht kan niet altijd moreel zijn want men kan niet alleen volgen als zij zelf
moreel juist vinden.
2. De invloed van moraliteit op recht
3. Interpretatie: Recht moet gelet op open textuur van taal, worden geïnterpreteerd. Dit
wegen en balanceren is noodzakelijk en wellicht moraal te noemen maar niet
duidelijk
4. Kritiek op het recht: er zou een goed rechtsysteem moeten zijn en dat er dan
noodzakelijk moraal moet zijn maar dit verschilt wel voor iedereen
5. Beginselen legaliteit en rechtvaardigheid
6. Juridische validiteit en weerstand
a. Veel rechtspositivisten zouden geen moeite hebben met de connecties tussen
recht en moraal zoals in voorgaande punten is weergegeven.
Rechtspositivisten waren enkel uit op het scheppen van duidelijkheid maar
sluit niet uit dat er gekeken moet worden naar rechtvaardigheid.
Moeilijk beoordelen welke beter is. In brede opvatting accepteren we recht dat
overeenkomst met het systeem van primaire en secundaire regels. Als we strenge opvatting
aanhangen verwerpen we recht wat in strijd is met moraliteit. Hiermee wil Hart zeggen dat
het recht dat wordt verworpen op grond van de bredere opvatting ook verworpen zou
worden op grond van de strenge opvatting. Volgens Hart is er geen meerwaarde bij het
hanteren van deze strengere opvatting. Er is geen praktisch voordeel om strenge opvatting
te volgen. Een rechtsopvatting waarbij het mogelijk is om de geldigheid van het recht los te
zien van de morele waarde van het recht stelt ons in staat om morele vragen beter te
beantwoorden. p 209
DUS: Hart wijst erop dat mensen kwetsbaar zijn en er dus regels nodig zijn die een
wederzijds toleren voorschrijven. Regels zijn nodig en mogelijk. En nodig om te handhavne
want niet iedereen heeft de gelijke wilskracht en motivatie om regels na te leven. Hart is dus
gematigd rechtspositivist en vind niet perse dat recht verplicht overeenkomst met moraal
maar wel dat het recht een natuurlijk noodzakelijk verband kent met moraliteit in de zin dat
het recht altijd minimale morele waarde heeft.
KORT
Radbruch: Via gerechtigheid (inhoud)
- Ontwikkeling door WOO2
- Radbruch formule
- Rechtspositivisme geldt ten alle tijde tenzij het zo onrechtvaardig is.
- Dus eerst vooraal rechtszekerheid maar later werd dat voor hem aangevuld
met moraal naar rechtvaardigheid
- Biedt toetsingskader voor morele grenzen aan positieve wetgeving
Fuller: Via legaliteit (vorm/procedure)
- Wordt vaak gerekend tot natuurrecht ookal richt hij zich vooral op de vorm; wetten
moeten op een moreel verantwoorde manier tot stand komen om recht te zijn.