Colleges Morfologie
Morfologie I
Inleiding:
• Bouw en functie:
o Lokaal = rood
o Regionaal (spinaal) = groen
o Algeheel (supraspinaal, corticaal en supracorticaal) = blauw
• Gezondheidsprobleem:
o Herstel
o Adaptie/compensatie
• Prikkels → prikkelwegen →
o Biochemische
o Fysiologische
o Biomechanische
o Neurofysiologische
o Psychologische
o Sociologische
o Mobiliseren
Embryologie:
• Embryo rond 17de dag = de blastula met embryonale schijf:
o Ecotoderm vormt de neurale plaat.
o Mesoderm – differentieert en migreet vanuit het ectoderm
o Endoderm
o 3 lagen ontwikkelen zich op verschillende manieren.
• Kiembladen:
o Endoterm:
▪ Vormt:
− Epitheel van de longen en spijsverteringsorganen
− Epitheel van blaas en urineleiders
− Endocriene klieren
❖ Thymus / lever / pancreas
o Ecoderm = bovenste plaatje van de vier.
▪ Gaat opkrullen tijdens de ontwikkeling van het embryo. Kruk sluit en hier vormt
de ectoderme buis. In het laatste plaatje ontstaan naast de ectoderme buis
, somieten. Neurocrest structuren zijn belangrijk bij de ontwikkeling van het
mesoderm.
▪ Vormt:
− Zenuwweefsel
− Zintuigen
− Ogen, oren
− Huid (epidermis), nagels en haren
− Deel hypofyse
o Mesoderm
▪ Vormt:
− Hart
− Spieren
− Bindweefsels
− Genitaliën
− Skelet
− Lymphatische oragen
− Nieren
− Dermis
• Differentiatie:
o Cellen = ontwikkelen zich tot weefsel enz. en uiteindelijk tot organen.
o Weefsel
o Organen
o Orgaansysteem
o Organisme
• Neurale crest cellen kunnen zich behoorlijk differentiëren, ze kunnen namelijk
verschillende structuren vormen zoals:
• Mesoderm → 31 somieten → structuren bewegingsapparaat:
o Voor de ontwikkeling en specifieke differentiatie (genetische expressie) van
bindweefsels is beweging essentieel.
• Segmentatie → verdere groei → anatomische posities in embryonale fase → segmentale
opbouw bij volwassenen moeilijker herkenbaar.
• Prikkel die aan de huid wordt toegediend kan aan een ander spinaal/segmentale
aanduiden. Hierdoor moet je weten welke sclerotoom bij het gebied hoort waar je wilt
gaan behandelen.
,• Via primaire zenuwwortel (1) segmentale verbinding met:
o Sklerotoom (2)
o Myotoom (3)
o Viscerotoom (4)
o Deel dermatoom (5)
o Neurale zenuw krijgt contact met zenuwen spieren enz. Hoe meer het embryo
ontwikkeld hoe meer de zenuwen contact maken en uiteindelijk eindigt dit bij de
huid.
• Secundaire segmentatie bij ectoderm en entoderm → dermatoom en viscerotoom.
• Somieten ontwikkelen zich, tussenliggende gebied tussen twee somieten is de kern van
een wervel. Uiteindelijk groeien de zenuwbanen tussen deze wervelbogen door naar de
verschillende regio’s.
• Entoderm → viscerotoom:
o Ingewanden = sympatische innervatie is segmentaal georganiseerd. Loopt voor een
groot deel met de spinale zenuw.
o Viscerotoom en dermatomen = zakken gedurende de groei af t.o.v. de mesodermale
weefsels.
Organisatieniveaus:
• Hoe kunnen we het lijf op een andere manier bekijken. Dan kun je vanuit histologie
organisatie en weefselsystemen bekijken. Je kijkt hoe de stamcellen zich ontwikkelen tot
een bepaalde weefselstructuur.
, Histologie:
• Weefsel = cellen + interstitium:
• 4 soorten weefsel waaruit het lichaam is opgebouwd:
o Epitheel:
▪ 1 = longen, 2 = darmen
Morfologie I
Inleiding:
• Bouw en functie:
o Lokaal = rood
o Regionaal (spinaal) = groen
o Algeheel (supraspinaal, corticaal en supracorticaal) = blauw
• Gezondheidsprobleem:
o Herstel
o Adaptie/compensatie
• Prikkels → prikkelwegen →
o Biochemische
o Fysiologische
o Biomechanische
o Neurofysiologische
o Psychologische
o Sociologische
o Mobiliseren
Embryologie:
• Embryo rond 17de dag = de blastula met embryonale schijf:
o Ecotoderm vormt de neurale plaat.
o Mesoderm – differentieert en migreet vanuit het ectoderm
o Endoderm
o 3 lagen ontwikkelen zich op verschillende manieren.
• Kiembladen:
o Endoterm:
▪ Vormt:
− Epitheel van de longen en spijsverteringsorganen
− Epitheel van blaas en urineleiders
− Endocriene klieren
❖ Thymus / lever / pancreas
o Ecoderm = bovenste plaatje van de vier.
▪ Gaat opkrullen tijdens de ontwikkeling van het embryo. Kruk sluit en hier vormt
de ectoderme buis. In het laatste plaatje ontstaan naast de ectoderme buis
, somieten. Neurocrest structuren zijn belangrijk bij de ontwikkeling van het
mesoderm.
▪ Vormt:
− Zenuwweefsel
− Zintuigen
− Ogen, oren
− Huid (epidermis), nagels en haren
− Deel hypofyse
o Mesoderm
▪ Vormt:
− Hart
− Spieren
− Bindweefsels
− Genitaliën
− Skelet
− Lymphatische oragen
− Nieren
− Dermis
• Differentiatie:
o Cellen = ontwikkelen zich tot weefsel enz. en uiteindelijk tot organen.
o Weefsel
o Organen
o Orgaansysteem
o Organisme
• Neurale crest cellen kunnen zich behoorlijk differentiëren, ze kunnen namelijk
verschillende structuren vormen zoals:
• Mesoderm → 31 somieten → structuren bewegingsapparaat:
o Voor de ontwikkeling en specifieke differentiatie (genetische expressie) van
bindweefsels is beweging essentieel.
• Segmentatie → verdere groei → anatomische posities in embryonale fase → segmentale
opbouw bij volwassenen moeilijker herkenbaar.
• Prikkel die aan de huid wordt toegediend kan aan een ander spinaal/segmentale
aanduiden. Hierdoor moet je weten welke sclerotoom bij het gebied hoort waar je wilt
gaan behandelen.
,• Via primaire zenuwwortel (1) segmentale verbinding met:
o Sklerotoom (2)
o Myotoom (3)
o Viscerotoom (4)
o Deel dermatoom (5)
o Neurale zenuw krijgt contact met zenuwen spieren enz. Hoe meer het embryo
ontwikkeld hoe meer de zenuwen contact maken en uiteindelijk eindigt dit bij de
huid.
• Secundaire segmentatie bij ectoderm en entoderm → dermatoom en viscerotoom.
• Somieten ontwikkelen zich, tussenliggende gebied tussen twee somieten is de kern van
een wervel. Uiteindelijk groeien de zenuwbanen tussen deze wervelbogen door naar de
verschillende regio’s.
• Entoderm → viscerotoom:
o Ingewanden = sympatische innervatie is segmentaal georganiseerd. Loopt voor een
groot deel met de spinale zenuw.
o Viscerotoom en dermatomen = zakken gedurende de groei af t.o.v. de mesodermale
weefsels.
Organisatieniveaus:
• Hoe kunnen we het lijf op een andere manier bekijken. Dan kun je vanuit histologie
organisatie en weefselsystemen bekijken. Je kijkt hoe de stamcellen zich ontwikkelen tot
een bepaalde weefselstructuur.
, Histologie:
• Weefsel = cellen + interstitium:
• 4 soorten weefsel waaruit het lichaam is opgebouwd:
o Epitheel:
▪ 1 = longen, 2 = darmen