1) fouten in DNA
1.1 centrale dogma van de moleculaire biologie
vormt de basis van verschillende vakken
1.2 fouten in DNA
als er fouten in het DNA zitten, zal het organisme fout
ontwikkelen en fout DNA doorgeven
➔ bewaren van integriteit van ons genoom
➔ bewaren van eigenschappen van de soort
➔ doorgeven van de juiste kopie van instructies om een organisme te vormen
➔ 1016 delingen dus bij enkele foutjes al snel doorgegeven
mutaties in voortplantingscellen:
▪ gen in niet-noodzakelijk DNA niet heel erg
▪ in eiwit coderend stuk: AZ verandert waardoor eigenschap van enzym verandert en
kenmerken veranderen => genetische aandoening
▪ essentieel gen: cel heeft eiwit in juiste vorm nodig om te overleven
vb: mutaties in androgeenreceptor waardoor SRY niet kan binden,
mutaties in lichaamscel/somatische cel:
▪ in essentieel gen of eiwit: cel gaat dood
▪ gen in niet-noodzakelijk DNA: niet erg
▪ gen dat codeert voor een eiwit dat bij celcyclus betrokken is: foute signalen waardoor
woekering ontstaat als die begint te delen wanneer het niet nodig is => kanker
soorten mutaties:
▪ puntmutatie: één basepaar is verandert
▪ deletie: basepaar dat verdwijnt (één of meerdere)
▪ insertie: stuk DNA is extra erbij
▪ duplicatie: meerdere kopieën van een DNA-fragment ontstaan
▪ translocatie: stuk chromosoom verandert van plaats (deletie en insertie)
, moleculaire biologie: hoofdstuk 3 DNA herstel
1.3 fouten afhankelijk van replicatie (polymerisatie)
▪ foute substraat gebruiken: fout dNTP of
andere moleculen als dNTP
vb: bromo-uracil verwisselt CH3 met broom
daardoor is er geen proton meer op N
bromo-uracil gaat met adenine of guanine
waterstofbrug kunnen vormen i.p.v. T
hierdoor ontstaan er mutaties bij volgende
generaties door base-analogen
▪ intercalatie: vlakke aromatische stoffen
gaan tussen baseparen inzitten
structuur verandert waardoor er geen B-helix is en fouten initieert
vb: ethidium bromide, acridine orange (in sigarettenrook)
▪ slippen ter hoogte van VNTR (tandenherhalingen met verschillende lengtes)
verschillen per persoon door DNA-replicatie
o bij maken van nieuwe streng kunnen herhalingen op zichzelf dichtplooien
=> aantal herhalingen is verlengd
o oorspronkelijke streng plooit dicht
=> loop wordt overgeslaan waardoor herhalingen verkorten
vb: CAG-repeats voor androgeenreceptor: normaal 21x maar bij meer/minder gaat dat inhiberen
kennedy disease: zenuwcellen gaan ten onder en dit zorgt voor verlammingsverschijnselen
1.4 fouten onafhankelijk van replicatie
▪ depurinatie = hydrolyse o.i.v. water waarbij purine (A of G) loskomt en verbreken van N-
glycosidische binding; enkel nog suiker-fosfaat ruggengraat blijft over
10 000x per cel per dag
er staat niks t.o.v. de complementair pyrimidine in de DNA-streng, er is een gat