Over zingeving in de moderne tijd
Frederiek Depoortere
SAMENVATTING
Gebaseerd op het boek en de slides RZL2026_x
RZL: Religie, Zingeving, Levensbeschouwing
Inleiding: Antropoceen
- Wat is antropoceen?
Een voorgesteld nieuw geologisch tijdvak (na het Holoceen) gekenmerkt door de mensheid als
geologische superkracht. Het idee is dat de recente impact van de mensheid op de planeet zo
groot, wereldwijd verspreid, snel en onomkeerbaar is dat deze zichtbaar is en zal zijn in het
geologisch archief.
Van het Grieks: Antropos: mens; Ceen: nieuw tijdvak
Term voor het eerst gebruikt door Stoermer (US, geoloog) in 1980. En officieel gemaakt door
Paul Crutzen (NL, Nobelprijs Chemie 1995, ozonlaag) in 2000.
Start v/h antropoceen: veel discussie: 1960 ? of 1750: Industriële revolutie (James Watt)?
Met de term ‘paleo-antropoceen’ wordt de episode bedoeld vanaf het verschijnen v/d mens tot
het echte antropoceen.
Het bestaan van het Antropoceen biedt een argument voor spiritualiteit (cfr. Het vorige boek van
Depoortere: Mens zijn in het Antropoceen)
- Wat is spiritualiteit? (definitie uitgewerkt vanuit de zorg-sector)
Spiritualiteit omvat verbondenheid met steeds grotere gehelen, van het meest nabije (gezin) tot
het meest omvattende (universum, of zelfs iets hogers). Het is een spiraalvormige beweging van
binnen naar buiten, waarbij het eigen ik meer van de werkelijkheid opneemt en verbondenheid
realiseert. Spiritualiteit betreft het individu in zijn totaliteit: wat mensen denken ('hoofd'), voelen
('hart') en doen ('handen').
Drie basiskenmerken van spiritualiteit (Weathers, McCarthy en Coffey):
o Verbondenheid
o Met jezelf
o Met je medemens
, o Met de natuur
o Met God
o Transcendentie, overstijgen
o Zin in het leven, ‘zinvinding’
Vier bijkomende kenmerken:
o Aangeboren
o Persoonlijk
o Kan veranderen gedurende je leven
o Is verbonden met welzijn, vrede, innerlijke kracht…
Volwassenen moeten spiritualiteit (opnieuw) aanleren die ze in hun kindertijd afgeleerd hadden.
Spiritualiteit moet groeien in gesprek en confrontatie met de menselijke kennis (die ook groeit)
en moet zich in vraag laten stellen door dramatische gebeurtenissen (P. Sheldrake, UK)
- Wat is levensbeschouwing?
Een visie op het leven: wat het betekent, wat de waarde ervan is en hoe het geleefd moet worden
- Wat is ideologie?
Een geheel van ideeën over de mens, menselijke relaties en de inrichting van de maatschappij,
dat leeft binnen een maatschappelijke groep. Eerder negatieve connotatie.
Terug naar Antropoceen. Dat uiteindelijk niet erkend werd…
Ondanks bredere acceptatie in verschillende wetenschappen en daarbuiten, werd een voorstel
om het antropoceen officieel als geologisch tijdvak te erkennen afgewezen door verschillende
commissies van de Geologische Wetenschappen. Er was onder meer discussie over waar de
Golden Spike lag (dit is het punt in de gesteentelagen waar je overgang naar het nieuwe tijdvak
ziet). Ook Manuel Sintubin (prof geologie KUL) vond het begrip te vroeg en te weinig voldragen.
De term wordt echter nog steeds als waardevol beschouwd voor het beschrijven van de
interactie tussen mens en omgeving.
Het antropoceen van Crutzen werd niet helemaal juist begrepen. Crutzen linkt antropoceen met
de Aardesysteemwetenschap (een nieuwe wetenschap, de ontdekking van de aarde als
systeem)
Volgens Clive Hamilton (AU) heeft de mens impact op dit aardesysteem. ‘De mensheid heeft het
aardesysteem buiten de variabiliteit van het holoceen geduwd’. Dat is niet geleidelijk gradueel
gebeurd maar is een ‘fase overgang’ geweest. Daarmee heeft de mens zijn lot niet meer in eigen
handen. De wilskrachtige mens heeft een grote collectieve macht maar het aardsysteem biedt
ook weerwerk en is een tegenspeler geworden.
Hamilton introduceert ook het begrip ‘soort-denken’, dat wordt overgenomen door Frank White
(bekend van Overview Effect, over astronauten die de wereldbol vanuit de ruimte zien): denken,
voelen en handelen als één geheel.
, Dit is een pleidooi voor spiritualiteit (cfr transcendentie, overstijgen van eigenbelang).
Volgens Frank White is soort-denken noodzakelijk om het antropoceen te overleven. Maar we
zullen White niet zomaar volgen; de tijdsgeest is immers gewijzigd*. Er zijn misschien
alternatieven: dit is een overgang naar een volgend hoofdstuk: het vooruitgangsdenken (H2).
*: klimaatprotest is uitgedoofd (Greta Thunberg, Youth for Climate, Anuna Dewever,
klimaatspijbelaars). Van een groene golf in 2019 zijn we naar een groene terugslag in 2024
gegaan. Overigens was er ook een genderkloof en leefde het klimaatactivisme meer bij meisjes
dan bij jongens.
Hoofdstuk 1: Wat is religie?
„Imagine“ liedje van John Lennon, 1971.
paradoxaal: de tekst wijst religie af maar inhoud gaat wel over verlangen naar troost en
harmonie, universele broederschap wat velen als religieus zouden omschrijven. Wordt overigens
vaak gespeeld in kerkdiensten.
Volgens Waldman en Blaney heeft het lied iets van een hymne (= religieus lied).
Religie volgens een aantal auteurs:
Functioneel (wat doet het?) versus substantieel (wat is het?)
Nongbri (historicus in Oslo):
o Religie is een impliciet begrip: je voelt aan wat het is, maar is moeilijk onder woorden te
brengen. In het alledaagse gebruik gaat het over een afzonderlijk gebied waarin het gaat
over een god, over ‘verlossing’, over opvatting van de werkelijkheid; het bestaat in veel
varianten, komt vanuit een universele impuls bij elke mens, speelt zich af in de geest…
o “Religie is alles wat voldoende lijkt op het protestantse christendom”
o 5 grote entiteiten: hindoeïsme, boeddhisme, jodendom, christendom, islam
John Yinger (US)
o Een manier om om te gaan (‘worstelen’) met de ultieme problemen van het menselijk
bestaan (lijden, dood, onrechtvaardigheid). Dit is een functionele benadering. Deze
benadering is dominant geworden sinds 1950.
Peter Berger (US)
o De functionele benadering van religie dient een ideologisch doel: religie in een slecht
daglicht stellen… Kan een verklaring zijn voor de afname van het religieuze in onze tijd
Fitzgerald (UK) en McCutcheon (CAN)
o De term religie mag als academisch begrip afgeschaft worden.