Deel VII: thermoregulatie en koorts
Introductie thermoregulatie en energiebalans:
- Thermoregulatie is essentieel onderdeel van onze energiebalans, die
constant in evenwicht moet zijn
o Energie-opname: gebeurt via voeding en drank
o Energieverbruik: bestaat uit fysieke arbeid, het basaal
metabolisme en adaptieve thermogenese
o Klinisch belang: koorts is vaak signaal van ziekte, een ontregeling
van het thermoregulerend centrum in hersenen is op zichzelf al een
ernstige aandoening
Warmbloedig en koudbloedig:
- Warmbloedigen (zoogdieren)
o Produceren heel veel energie, maar is
sterk gebonden aan de lichaams T
o Zodra we afwijken van de optimale
lichaams T daalt onze energieproductie
drastisch
o Kunnen onze T over grote range van
omgevings T constant houden maar als
lichaam de omgevings T overneemt wordt
het levensgevaarlijk
- Koudbloedigen (reptielen en amfibieën)
o Produceren over algemeen minder energie
o Kunnen dit wel over een veel bredere T range
o Pas bij uiterste T neemt hun energie opwekking af
Schommelingen in lichaams T:
- Basale T is 37°C, maar is niet de hele dag door exact zelfde
o Dag/nacht ritme: lichaams T is laagst tijdens nacht en vroege
ochtend
o Tijdens uren van activiteit en werk overdag stijgt die aanzienlijk
Wat is normale T en hoe meten we die:
- Relevante T voor ons functioneren is onze kern T
- Meetplaatsen
o Rectaal
o Mond: -0,5°C
o Oksel: -1,0°C
o Oor: -0,1°C
o Voorhoofd: -0,1°C
- Normale ochtenwaarde in de mond: 35,8-37,2°C
- Problemen bij het meten
o Rectaal > Infrarood > Mond > Oksel
De Visscher Amber – KU Leuven – Farmaceutische Wetenschappen 2 de Bachelor
Semester 2
, o Oksel is minst betrouwbaar, vaak ook door technische fouten
o Mond kan beïnvloed worden door snelheid van ademen, recent
gedronken van koud water of niet of warme dranken of roken of
kauwgom ook invloed
Definities:
Koorts = dit is een gecontroleerde stijging van de T, lichaam zet die zelf in gang
als reactie op bv een infectie, de thermostaat in hersenen wordt simpelweg op
hogere instelwaarde gezet
Hyperthermie = ongecontroleerde stijging van T doordat de balans tussen
warmteproductie en warmteverlies verstoord is, het lichaam zet dit niet zelf in
gang, de T stijgt boven setpoint vaak door een externe factor zoals extreme hitte
Poikilothermie = verwijst naar T schommelingen die puur ontstaan onder
invloed van omgevingsfactoren, waarbij lichaam de T onvoldoende zelf kan
reguleren
1. Fysiopathologie van thermoregulatie
Het regelsysteem (homeostase):
- Setpoint: thermostaat of streefwaarde
- Sensor: meet constant de huidige kern T van lichaam en vergelijkt die met
het setpoint
- Effector: de mechanismen die in actie schieten om de T aan te passen als
sensor een afwijking van setpoint opmerkt
Als setpoint verandert, past lichaams T zich niet direct aan er is een
vertraging
Bij koorts wordt bv eerst het setpoint in hersenen verhoogd en daarna pas
de effectoren aan het werk zetten om de kern T ook echt naar hoger,
nieuwer niveau te brengen
Toestand Setpoint Kerntempera Uitleg
tuur
Normother Normaal Normaal Alles is in evenwicht en
mie functioneert naar behoren
Koorts ↑ ↑ (Verhoogd) Het lichaam verhoogt zelf de
(Verhoog thermostaat, waarna de
d) lichaamstemperatuur volgt
Hyperther Normaal ↑ (Verhoogd) De thermostaat staat normaal,
mie maar door externe factoren (of
falende effectoren) stijgt de
lichaamstemperatuur ongewenst
Hypothermi Normaal ↓ (Verlaagd) De thermostaat staat normaal,
e maar het lichaam verliest te veel
warmte, waardoor de
De Visscher Amber – KU Leuven – Farmaceutische Wetenschappen 2 de Bachelor
Semester 2
, kerntemperatuur daalt
(onderkoeling)
1.1. Setpoint (1)
- Instelling van setpoint varieert door
o Individuele verschillen, normale basis T is bij iedereen anders
o Fysieke inspanning heeft invloed op setpoint
o Nacht- en dagritme
o Leeftijd speelt rol, hoe ouder dan heeft basale lichaams T neiging te
dalen
o Menstruele cyclus
o Psychische factoren (stress)
1.2. Het effector-apparaat
- Om balans tussen warmteverlies en warmteproductie te sturen gebruikt
lichaam het zogenaamde effector-apparaat
o Autonome reacties: onbewuste reacties die lichaam zelf aanstuurt
en die we niet direct kunnen beïnvloeden (bv: zweten,…)
o Neuro-endocriene reactie: dit is een hormonale aansturing,
geregeld via de hypofyse en hierbij spelen hormonen zoals
schildklierhormoon, cortisol en catecholamines een grote rol in
stofwisseling en T
o Somatische reactie: heeft betrekking op fysieke acties van
lichaam, bv rillen als het koud hebt dit is iets reflexmatig van je
spieren
o Corticale reactie: dit is ons bewust gedrag, of je een jas of trui
gaat aandoen
1.2.1. Warmteproductie
- Lichaam genereert altijd warmte door processen die continu doorgaan,
deze warmte is afkomstig van obligaat
o Basaal celmetabolisme
o Spieractiviteit
o Hormonen
o Voeding
- Aanpassing (adaptieve aanpassingen)
o Snel: spiertonus
o Traag
Hormonaal (schildklierhormoon)
Catecholamines
Bruin vetweefsel
1.2.1.1. Schildklierhormoon
- Zij hebben een cruciale rol in ons energiemetabolisme
o Het hormoon circuleert in 2 vormen in bloed, waarbij T4 meest
voorkomende is
o Zodra T4 celwand passeert, wordt het omgezet in de biologisch
actieve vorm: T3
De Visscher Amber – KU Leuven – Farmaceutische Wetenschappen 2 de Bachelor
Semester 2
Introductie thermoregulatie en energiebalans:
- Thermoregulatie is essentieel onderdeel van onze energiebalans, die
constant in evenwicht moet zijn
o Energie-opname: gebeurt via voeding en drank
o Energieverbruik: bestaat uit fysieke arbeid, het basaal
metabolisme en adaptieve thermogenese
o Klinisch belang: koorts is vaak signaal van ziekte, een ontregeling
van het thermoregulerend centrum in hersenen is op zichzelf al een
ernstige aandoening
Warmbloedig en koudbloedig:
- Warmbloedigen (zoogdieren)
o Produceren heel veel energie, maar is
sterk gebonden aan de lichaams T
o Zodra we afwijken van de optimale
lichaams T daalt onze energieproductie
drastisch
o Kunnen onze T over grote range van
omgevings T constant houden maar als
lichaam de omgevings T overneemt wordt
het levensgevaarlijk
- Koudbloedigen (reptielen en amfibieën)
o Produceren over algemeen minder energie
o Kunnen dit wel over een veel bredere T range
o Pas bij uiterste T neemt hun energie opwekking af
Schommelingen in lichaams T:
- Basale T is 37°C, maar is niet de hele dag door exact zelfde
o Dag/nacht ritme: lichaams T is laagst tijdens nacht en vroege
ochtend
o Tijdens uren van activiteit en werk overdag stijgt die aanzienlijk
Wat is normale T en hoe meten we die:
- Relevante T voor ons functioneren is onze kern T
- Meetplaatsen
o Rectaal
o Mond: -0,5°C
o Oksel: -1,0°C
o Oor: -0,1°C
o Voorhoofd: -0,1°C
- Normale ochtenwaarde in de mond: 35,8-37,2°C
- Problemen bij het meten
o Rectaal > Infrarood > Mond > Oksel
De Visscher Amber – KU Leuven – Farmaceutische Wetenschappen 2 de Bachelor
Semester 2
, o Oksel is minst betrouwbaar, vaak ook door technische fouten
o Mond kan beïnvloed worden door snelheid van ademen, recent
gedronken van koud water of niet of warme dranken of roken of
kauwgom ook invloed
Definities:
Koorts = dit is een gecontroleerde stijging van de T, lichaam zet die zelf in gang
als reactie op bv een infectie, de thermostaat in hersenen wordt simpelweg op
hogere instelwaarde gezet
Hyperthermie = ongecontroleerde stijging van T doordat de balans tussen
warmteproductie en warmteverlies verstoord is, het lichaam zet dit niet zelf in
gang, de T stijgt boven setpoint vaak door een externe factor zoals extreme hitte
Poikilothermie = verwijst naar T schommelingen die puur ontstaan onder
invloed van omgevingsfactoren, waarbij lichaam de T onvoldoende zelf kan
reguleren
1. Fysiopathologie van thermoregulatie
Het regelsysteem (homeostase):
- Setpoint: thermostaat of streefwaarde
- Sensor: meet constant de huidige kern T van lichaam en vergelijkt die met
het setpoint
- Effector: de mechanismen die in actie schieten om de T aan te passen als
sensor een afwijking van setpoint opmerkt
Als setpoint verandert, past lichaams T zich niet direct aan er is een
vertraging
Bij koorts wordt bv eerst het setpoint in hersenen verhoogd en daarna pas
de effectoren aan het werk zetten om de kern T ook echt naar hoger,
nieuwer niveau te brengen
Toestand Setpoint Kerntempera Uitleg
tuur
Normother Normaal Normaal Alles is in evenwicht en
mie functioneert naar behoren
Koorts ↑ ↑ (Verhoogd) Het lichaam verhoogt zelf de
(Verhoog thermostaat, waarna de
d) lichaamstemperatuur volgt
Hyperther Normaal ↑ (Verhoogd) De thermostaat staat normaal,
mie maar door externe factoren (of
falende effectoren) stijgt de
lichaamstemperatuur ongewenst
Hypothermi Normaal ↓ (Verlaagd) De thermostaat staat normaal,
e maar het lichaam verliest te veel
warmte, waardoor de
De Visscher Amber – KU Leuven – Farmaceutische Wetenschappen 2 de Bachelor
Semester 2
, kerntemperatuur daalt
(onderkoeling)
1.1. Setpoint (1)
- Instelling van setpoint varieert door
o Individuele verschillen, normale basis T is bij iedereen anders
o Fysieke inspanning heeft invloed op setpoint
o Nacht- en dagritme
o Leeftijd speelt rol, hoe ouder dan heeft basale lichaams T neiging te
dalen
o Menstruele cyclus
o Psychische factoren (stress)
1.2. Het effector-apparaat
- Om balans tussen warmteverlies en warmteproductie te sturen gebruikt
lichaam het zogenaamde effector-apparaat
o Autonome reacties: onbewuste reacties die lichaam zelf aanstuurt
en die we niet direct kunnen beïnvloeden (bv: zweten,…)
o Neuro-endocriene reactie: dit is een hormonale aansturing,
geregeld via de hypofyse en hierbij spelen hormonen zoals
schildklierhormoon, cortisol en catecholamines een grote rol in
stofwisseling en T
o Somatische reactie: heeft betrekking op fysieke acties van
lichaam, bv rillen als het koud hebt dit is iets reflexmatig van je
spieren
o Corticale reactie: dit is ons bewust gedrag, of je een jas of trui
gaat aandoen
1.2.1. Warmteproductie
- Lichaam genereert altijd warmte door processen die continu doorgaan,
deze warmte is afkomstig van obligaat
o Basaal celmetabolisme
o Spieractiviteit
o Hormonen
o Voeding
- Aanpassing (adaptieve aanpassingen)
o Snel: spiertonus
o Traag
Hormonaal (schildklierhormoon)
Catecholamines
Bruin vetweefsel
1.2.1.1. Schildklierhormoon
- Zij hebben een cruciale rol in ons energiemetabolisme
o Het hormoon circuleert in 2 vormen in bloed, waarbij T4 meest
voorkomende is
o Zodra T4 celwand passeert, wordt het omgezet in de biologisch
actieve vorm: T3
De Visscher Amber – KU Leuven – Farmaceutische Wetenschappen 2 de Bachelor
Semester 2