Escrito por estudiantes que aprobaron Inmediatamente disponible después del pago Leer en línea o como PDF ¿Documento equivocado? Cámbialo gratis 4,6 TrustPilot
logo-home
Resumen

Samenvatting Cultuurstromingen en -stijlen in het moderne Europa

Puntuación
-
Vendido
1
Páginas
90
Subido en
09-06-2026
Escrito en
2025/2026

Samenvatting van: Cultuurstromingen en -stijlen in het moderne Europa

Institución
Grado

Vista previa del contenido

Cultuurstromingen en stijlen in het moderne europa


LES 1: (lesopname = alleen geluid)


WAT IS CULTUUR
- Tot redelijk recent was cultuur = elitair/hoge cultuur  nu andere
antwoorden (zie
gecultureerdheid = beschaafdheid)
o Death of Marat: schilderij uit 1793 dat typisch als cultureel
hoogstaand word beschouwd  op de kunstbeurs nagemaakt uit
legoblokjes is niet hoogstaand maar juist heel huiselijk… (lage
cultuur)
o Frietkotcultuur, selfiecultuur,… ?wat is hoge en wat is lage cultuur?
 vaak terugkomende spanning tussen elitaire/volkse en hoge/lage
(wat noemt men cultuur?)
- Wisselende invulling + overlapping
- Normatieve dimensie(s)
- Geen Consensus:
o Jacob Burckhardt – ‘het is een vaag concept’ (1882)
 Grondlegger van klassieke cultuurgeschiedenis (grote namen,
schilderkunst,..= grote mannen en meesterwerken zijn
cultuurdragers)
 Elitair
o T.S. Eliot – ‘Religie is de kracht achter cultuur’ (1948)
 Veel omvattender maar allemaal binnen nationaal framework
dus binnen een nationale cultuur. Maar ook geen sterke
definitie.
 Cultuur wort dor iedereen gedragen
- Geschiedenis:
o Oudheid: cultuur in verband met natuur
 Grieken
 = beschaafdheid (vs barbaarsheid)
 individuele verworvenheid (paideia) (=persoonlijke
verfijning)
 Romeinen
 ‘civilitas’ (burgerschap = positief) + ‘Cultus/cultura’ als
cultivering (landbouw)
 ook individuele verworvenheid en geen collectieve
dimensie  enkel ‘romanitas’
(politieke/staatskundige eenheid) heeft collectieve
dimensie
 Ook soms negatieve betekenis (slechte gewoontes
cultiveren)
o ME + renaissance
 Cultus wordt iets religieus (ook collectief = verering):
Christianitas is de enige relevante christelijke eenheid 
mensen met zelfde geloof

,  Civilis: (latijnse stam) komt in veel volkstalen opduiken
 Idee en link met het ‘elitaire’ ‘de steden’ ‘het
hof/hoffelijkheid’
 Humanisme (16e/17e): terugkeer van klassieke term ‘cultura’
 Cultiveren van de geest (verbeteren van..)
o Verlichting
 Verbreding van het idee van cultuur (er valt veel meer onder):
ook aandacht voor andere volkeren/beschavingen (dan de
Europese)
o Vb: Schilderij Francis Hayman, Robert Clive and Mir
Jafar aker the Battle of Plassey, 1757: ontmoeting
Engelse soldaten met Indische invloeden in kledij,
Indiërs worden als gelijkwaardig afgebeeld, ze zijn
niet primitief  beschaving in verschillende
tijdvakken en op verschillende plekken in de wereld
mogelijk
 Er komt een groot vertrouwen in wetenschap en filosofie
 God blijft belangrijk maar de mens komt steeds meer
centraal te staan
 Secularisering van historisch proces: mens heeft er impact op
toekomst en kan er zelf mee aan de slag  Cultuurkritiek
komt op vanaf dat menselijke rol erkent wordt
 Toekomst wordt steeds belangrijker (weg met focus op
oudheid en verleden)
o Nieuwe cultuuropvatting
 Collectief ipv individueel
 Geheel van menselijke activiteiten ipv specifieke domeinen
zoals landbouw…
 Het is een proces en een resultaat
 Geschiedenis als een beschavingsproces/cultiveringsproces
  cultuurkritiek is mogelijk (je kan dingen in vraag stellen/vgl
met het verleden
- Een gelaagd begrip tot 1800
o Johann Gottfried von Herder (1744-1803)
 Niet langer een beschavingspeil, wel de eigenaardige vorm
van ontwikkeling van een volk
 nadruk op eigenheid van een bepaalde groep: de volksziel
 Cultuur op verschillende niveaus:
1) Beschavingscyclus bij elk volk
2) Wereldhistorisch proces
- Negentiende-eeuwse complexiteit (= universeel + volkseigen)
o ‘Universalistisch’ cultuurbegrip
 Vb: franse ‘civilisation’, engelse ‘civilization’ = uiten van
superioriteit en is legitimatie voor kolonisatie =
beschavingsmotoriek
 ‘onze cultuur is universeel en overal toepasbaar, we gaan
deze overal implementeren’, ‘andere hebben geen
bestaansrecht’
  kritiek vanuit postkolonialisme
o Nationale culturen
 Volk en cultuur beginnen te overlappen

,  Opkomen nationaal besef (= ‘Volksgeest’)
 Paradox: ruimte voor andere culturen (ze kunnen blijven
bestaan en hebben bestaansrecht, maar eigen cultuur is
beter)  eigen cultuur staat los van andere maar er is ook
één universele beschaving war de mensheid naartoe
evolueert
 Innerlijke vs uiterlijke beschaving (Theorie hoeft niet altijd te
corresponderen met werkelijkheid zie vb: frietkotcultuur)
 ‘volksziel is terug te vinden op het platteland  elitaire idee
van stedelijke hoogstaande cultuur
- Democratisering en kritiek in de 20ste eeuw
o Cultuur en civilisatie wordt steeds meer een neutraal
containerbegrip
 Objectief naar kijken en zo cultuur een waardevrij begrip
maken
 Relativering en democratisering = emancipatie,
dekolonisatie, …
 besef dat er andere culturen zijn en andere
groepen met andere gewoontes
 Reactie = Kritiek: ‘democratisering is cultuurverval’
 Als je niet mag zeggen dat één cultuur beter is, wrm
bestaat de term dan?


CULTUURGESCHIEDENIS oorsprong en ontwikkeling
- Klassieke cultuurgeschiedenis
o Gaat niet over de massa
o Invulling als ‘hoge cultuur’ (humanistisch cultuurbegrip)
o Van Kulturgeschichte van late 18e eeuw tot ca. 1960
o Integrale geschiedschrijving van de Zeitgeist
o Herfsttij der middeleeuwen 1919: Kijken naar de meesterwerken van
die tijd en zo begrijpen hoe de samenleving destijds in elkaar zat
 Kritiek van (politiek geïnteresseerde) historisten: te intuïtief

- Jaren 1960-1970: invloed sociale wetenschappen
o Methodes, onderwerpen en perspectieven lenen uit de sociale
wetenschappen, om naar het verleden te kijken
o Vb: ‘the making of the english working class van E.P. Thompson
1963: klassenbewustzijn als iets cultureel (speciaal want geen focus
op elite, ook aandacht voor andere groepen/culturen)
 Cultuur is een sociaal economische uiting, niet los te
koppelen met rest van de samenleving
o Vb: Clifford Geertz: hanengevechten onderzocht  gaat over veel
meer dan op eerste zicht zou denken (niet alleen gokken met
geld maar komt ook status/symboliek/traditie/lef = reputatie, bij
kijken)
 Kijken naar alledaagsheid in cultuur en daar symboliek aan
koppelen
- New Cultural History (sinds jaren 1980)

, o Grote diversiteit aan nieuwe onderwerpen (emoties, mode, sport,
toerisme, etc..)
o Belangrijke accenten:
 Sterke antropologische inslag (ideeën en praktijken) 
invloed Geertz
 Theoretische fundering
(Foucault = macht en machtsrelaties, Bourdieu = habitus,
Elias = publieke en private ruimte en verschil identiteit,
Sewell = , etc.)
 Representaties/verbeelding
 Materiele cultuur
 Postkoloniale theorie: aandacht voor vergeten stemmen
 Andere omgang met ‘traditionele’ bronnen (vb: reading
against the grain)
o Kritiek: (door mensen zoals Peter Burke)
 Is alles cultuurgeschiedenis? Als alle context wordt
meegenomen  moet het dan wel een aparte sub discipline
zijn?
*CURSUSIDEE
Wisselwerking ideeen en materiële cultuur  constant en staan altijd in verband
(Cultuur beïnvloed wat er in een samenleving gebeurd + gebeurtenissen in de
samenleving beïnvloeden de cultuur)
 Blijven elkaar bevestigen tot één dit niet meer doet (er is altijd een zaadje
dat het uiteen kan vallen, juist omdat het zo een dominant idee is 
meer frictie erop)
Dubbele benadering van symbolen (Geertz + Sewell):
1) Model ‘voor’ de realiteit: sjabloon/template (idee waarmee sjabloon
gelegd wordt, vormt zo de realitiet)
a. Idee is het model voor de realiteit
2) Model ‘van’ de realiteit: ijkpunt, standaard (de materialiteit blijft het
idee constant bevestigen)
a. Fysieke realiteit
Sewell: er zijn verschillende structuren aanwezig in samenleving die cultuur mee
vormgeven maar op elk moment in vraag kunnen worden gesteld en alles
overhoop kunnen halen
- Relatie van complementariteit (mutual tuning)
o (zie wederzijds bevestigen tot dat één onderuit wordt gehaald en er
plek is voor iets nieuws)
- Disjunctie (spanningen/tegenstrijdigheden) + transformaties
(veranderingen/aanpassing)
o Zijn inherent mogelijk

Escuela, estudio y materia

Institución
Estudio
Grado

Información del documento

Subido en
9 de junio de 2026
Número de páginas
90
Escrito en
2025/2026
Tipo
RESUMEN

Temas

$11.37
Accede al documento completo:

¿Documento equivocado? Cámbialo gratis Dentro de los 14 días posteriores a la compra y antes de descargarlo, puedes elegir otro documento. Puedes gastar el importe de nuevo.
Escrito por estudiantes que aprobaron
Inmediatamente disponible después del pago
Leer en línea o como PDF

Conoce al vendedor
Seller avatar
hanneskenis
5.0
(1)

Conoce al vendedor

Seller avatar
hanneskenis Katholieke Universiteit Leuven
Seguir Necesitas iniciar sesión para seguir a otros usuarios o asignaturas
Vendido
2
Miembro desde
3 semanas
Número de seguidores
0
Documentos
2
Última venta
2 semanas hace

5.0

1 reseñas

5
1
4
0
3
0
2
0
1
0

Recientemente visto por ti

Por qué los estudiantes eligen Stuvia

Creado por compañeros estudiantes, verificado por reseñas

Calidad en la que puedes confiar: escrito por estudiantes que aprobaron y evaluado por otros que han usado estos resúmenes.

¿No estás satisfecho? Elige otro documento

¡No te preocupes! Puedes elegir directamente otro documento que se ajuste mejor a lo que buscas.

Paga como quieras, empieza a estudiar al instante

Sin suscripción, sin compromisos. Paga como estés acostumbrado con tarjeta de crédito y descarga tu documento PDF inmediatamente.

Student with book image

“Comprado, descargado y aprobado. Así de fácil puede ser.”

Alisha Student

Preguntas frecuentes