Samenvatingen lessen ontwikkelingspsychologie semester 1:
Les 1 - ontwikkeling stimuleren:
Ontwikkeling stimuleren = Ontwikkelingspsychologie = levensloop
1.0. Begripsomschrijving:
Ontwikkelingspsychologie:
• Studie van hoe het gedrag in al zijn aspecten evolueert doorheen de verschillende
levensfasen.
Gedrag = naast het zichtbare handelen, ook gevoelens, hoe mensen denken en fantaseren,
hoe ze waarnemen, ...
1.1. Een korte historiek
De filosofie:
• Raadsel uit de Oudheid (=de mens)
“Wat loopt ‘s morgens op vier, ‘s middags op twee en ‘s avonds op drie poten?”
→ De mens
• Cicero (1ste eeuw BC) over de ouderdom:
“Veel gebreken hangen niet samen met de bejaarde leeftijd als zodanig, maar zijn enkel
kenmerkend voor een lamlendige, futloze en slaperige oude dag. Vergelijk het met jonge
mensen: die zijn vaker baldadig en bandeloos dan ouderen, en toch zijn niet alle jongeren zo,
maar enkel de boosaardigste onder hen. Zo ook is seniele aftakeling − die meestal aangeduid
wordt als dementie − slechts kenmerkend voor ziekelijke ouderen.”
→ Al sinds de mensengeschiedenis bestaat stellen filosofen zich allerlei vragen over allerlei
verschillende thema’s.
1
,Flore Peirlinckx BoKo1 2025-2026
Babybiografieën:
• Begin van systematische observaties van kinderen (eind 18e + 19e eeuw)
(dit was vrij objectief, geen algemene uitspraken, veel te beperkt)
• biologen – filosofen – pedagogen beschrijven vorderingen van eigen kinderen
→ empirisch beschrijvende ontwikkelingspsychologie
• NIEUW: niet alleen nadenken → maar ook OBSERVEREN
• MAAR: subjectief en slechts 1 of 2 casussen
→ Er onstaan nieuwe technieken om aan onderzoek te doen (= enquetes, mensen bevragen over
ontwikkeling kind)
→ Zorgt voor wetenschappelijk onderbouwde uitspraken over ontwikkeling kind
→ Onderzoek bij 1jarige kinderen → algemene conclusie (=gemiddelde) , dus niet bij elk kind zo
Objectieve wetenschap:
• Nieuwe onderzoekstechnieken:
→ Voor het verzamelen van gegevens → bv. Enquêtes
→ Voor het verwerken van de gegevens → statistiek
• Lengte van de periode breidt uit (als onderwerp van onderzoek binnen de
ontwikkelingspsychologie)
→ Naast de kindsheid ook interesse voor andere levensfasen:
• Jongeren
= vrijgesteld van arbeid → zoeken elkaar op → eigen omgangsvormen
• Ouderen
= medische problemen + pensionering → groep met eigen kenmerken
• Volwassenen
= ‘statische’ periode + algemene psychologie → blijven lange tijd uit beeld
2
,Flore Peirlinckx BoKo1 2025-2026
Nieuwe levensfase:
• Lang geleden nog niet zoveel versch periodes
→ toen maar 2 fase = kind & volwassen
• Overgangsritueel, opeens ben je volwassen
→ premitieve cultuur
• Nieuwe fase
→ jeugd / jongeren / adolecent
• Ontstaan door vrijstelling van arbeid
→ Als je vroeger ging werken werd je volwassen
• Ouderen werden bestudeerd vanuit medische insteek
→ ouder worden = kwaaltjes die optreden
• Later ook vanuit sociologie
→ mensen die op pensioen gaan hebben eigen kenmerken, wordt eigen groep om te
bestuderen
• Volwassenen werden als laatste interessant voor onderzoek
→ Werd altijd gedacht dat dit een stabiele periode was en dat je dan niet meer verder
ontwikkelde
→ klopt niet! Je blijft ontwikkelen…
Ontwikkelingspsychologie:
→ Ontwikkelingspsychologie in levensloopperspectief of levenslooppsychologie
3
, Flore Peirlinckx BoKo1 2025-2026
Oefening:
Vanuit historisch perspectief zijn er verschillende manieren te onderkennen waarop men zich
door de eeuwen heen vragen stelde over hoe de mens doorheen zijn leven evolueert.
1.2. De indeling in fasen
4 grote onderzoeksdomeinen binnen de ontwikkelingpsychologie:
• Kinderpsychologie
• Jeugd- of adolescentiepsychologie
• Psychologie van de volwassenheid
• Psychologie van de ouderdom ( = psychogerontologie)
Concrete fasenindeling:
Prenatale fase Bevruchting tot geboorte
Babytijd Eerste levensjaar
Peutertijd 1 tot 3 jaar
Kleutertijd 3 tot 6 jaar
Schoolperiode 6 tot 12 jaar
Adolescentie 12 tot 20 jaar
Volwassenheid 20 tot 65 jaar
Ouderdom Vanaf 65 jaar tot …
4