Sociale en Politieke Wijsbegeerte Academiejaar 2025-2026
SOCIALE EN POLITIEKE WIJSBEGEERTE
DEEL 1: DE POLITIEKE ORDE
Waarop is de legitimiteit vd politieke orde eigenlijk gebaseerd?
H1. Het sociaal contract
Nieuwe maatschappelijke orde?
Premoderne samenleving (oudheid en middeleeuwen)
- Religieus-metafysische wereldbeeld (oudheid)
o = de hele wereld werd gezien als een betekenisvol en
samenhangend geheel, waarin ook de mens zijn natuurlijke
plaats en functie had
- Aristotelisch-thomistisch teleologisch wereldbeeld (oudheid):
o = samengaan van descriptieve en normatieve orde; wereld werd
beschouwd als een schepping van God
▪ Descriptieve orde = wat het ‘is’
▪ Normatieve orde = wat het ‘moet’ doen; welke
doeloorzaak het heeft
o Duidelijke rollenpatronen en taakverdelingen die door God
waren bepaald
o Ook de politieke orde als ‘natuurlijke’ orde, ondersteund door
een gedeeld religieus wereldbeeld
o God staat garant voor de legitimiteit van de politieke
machtsuitoefening
- In middeleeuwen: feodale orde
o Onderscheid tussen de adel en de rest van de bevolking ~
onderscheid tussen sterken en zwakken zoals we dat
terugvinden in de natuur als schepping van God
o Politieke en maatschappelijke orde is legitiem omdat de macht
van de adel (hoofd: koning) is gegrondvest id autoriteit van God
Pagina 1
,Sociale en Politieke Wijsbegeerte Academiejaar 2025-2026
Drie veranderingen vanaf de zestiende eeuw door opkomst van de
moderniteit:
1. Mechanisering van het wereldbeeld
o Opkomst van de moderne, mechanistische wetenschap
(zonder ‘doeloorzaken’) ~ Galileo en Newton
o Onttovering van de wereld ~ Max Weber
▪ = de wereld in het nieuwe wereldbeeld heeft geen
natuurlijke of goddelijke betekenis meer; gevolg: de rol
van de mens kan niet meer uit de natuurlijke
werkelijkheid worden afgelezen
o Kloof tussen descriptieve en normatieve (is-ought fallacy) –
David Hume
▪ = uit was ‘is’ (is) kan nooit worden afgeleid wat zou
‘moeten’ gebeuren (ought)
2. Religieus pluralisme
a. Opkomst van het protestantisme – Maarten Luther, Johannes
Calvij
b. Afscheuring van de anglicaanse kerk – Hendrik VIII
c. Religieus pluralisme ~ verdwijnt de mogelijkheid om de
politieke orde te baseren op een religieus wereldbeeld dat door
iedereen gedeeld w
d. Godsdienstoorlogen (bv. Tachtigjarige Oorlog)
3. De mens als autonoom individu
a. Middeleeuwen: mens als ondergeschikt ad gemeenschap; rol
die het te vervullen had werd voorgeschreven door het
religieuze wereldbeeld
b. Renaissance: humanistische denkbeelden die grote waarde
hehten aan de vrijheid en de individualiteit vd mens
c. Moderne tijd: mens als autonoom individu
i. Het gaat niet langer nog op in het grote geheel
ii. Ze eisen voor de vrijheid om hun eigen leven vorm te
geven en zelf waarden en normen te kiezen
→ Spanning tussen het eigenbelang en het algemeen
belang
Pagina 2
,Sociale en Politieke Wijsbegeerte Academiejaar 2025-2026
Door die veranderingen ontstaan er vragen ~ ‘wie oefent de macht uit in
onze SL? Onder welke regels moeten we de SL inrichten? Hoe kunnen we
die machtsverdeling en die regels rechtvaardigen?’
→ Wereld is onttovert ~ politieke orde kunnen we niet langer baseren op
de natuurlijke orde
→ Pluralistische SL ~ we kunnen niet meer verwijzen nr de wil of de
autoriteit van God
→ Autonome mensen ~ zullen het niet meer spontaan eens geraken over
de inhoud van het gemeenschappelijk belang
Het probleem van de maatschappelijke orde:
- Volgens welke regels moeten mensen met verschillende waarden en
visies op het goede leven samenleven?
- Hoe rechtvaardigen we die regels zonder beroep op de natuur en
zonder gedeelde religie?
Drie grote antwoorden in de vroegmoderne politieke filosofie op de vraag
naar het fundament van politieke legitimiteit:
- Thomas Hobbes: eigenbelang
- John Locke: natuurrechten
- Jean-Jacques Rousseau: de wil van het volk
Pagina 3
, Sociale en Politieke Wijsbegeerte Academiejaar 2025-2026
Thomas Hobbes (1588-1679)
Zoon van Engelse dominee
In dienst van graaf van Devonshire
Contacten met o.a. Galileo en Descartes
Vlucht naar Frankrijk tijdens de Engelse burgeroorlog (1642-1651)
Keert terug tijdens het protectoraat van Cromwell (1653-1658)
Verdediger van de absolute macht van de ‘soeverein’ als enige garantie
tegen chaos en instabiliteit
- Pessimistisch en materialistisch wereldbeeld
Verdacht van atheïsme
Belangrijke werken:
- De Cive (1642)
- Leviathan (1651)
Grote lijnen
Hobbes heeft een louter materialistische ontologie (vs. dualisme van
Descartes)
- = verwerpt het dualisme tussen lichaam en geest
o Enkel de lichamelijke werkelijkheid bestaan
o Al onze menselijke ‘mentale’ kwaliteiten zijn terug te voeren tot
louter materiële processen en eigenschappen
Hij verwerpt het teleologische wereldbeeld
- De mens en de wereld werken volgens mechanistische principes
- De mens heeft geen ‘telos’, maar streeft naar zelfbehoud
(eigenbelang)
- Moraliteit zit niet ingebakken in de menselijke natuur
En verdedigt een contracttheorie mbt de legitimiteit van politieke macht
- Morele verplichtingen zijn het resultaat van een vrijwillig sociaal
contract tussen individuen die enkel hun eigenbelang nastreven
- De keuze voor het contract is een rationele calculus
Pagina 4
SOCIALE EN POLITIEKE WIJSBEGEERTE
DEEL 1: DE POLITIEKE ORDE
Waarop is de legitimiteit vd politieke orde eigenlijk gebaseerd?
H1. Het sociaal contract
Nieuwe maatschappelijke orde?
Premoderne samenleving (oudheid en middeleeuwen)
- Religieus-metafysische wereldbeeld (oudheid)
o = de hele wereld werd gezien als een betekenisvol en
samenhangend geheel, waarin ook de mens zijn natuurlijke
plaats en functie had
- Aristotelisch-thomistisch teleologisch wereldbeeld (oudheid):
o = samengaan van descriptieve en normatieve orde; wereld werd
beschouwd als een schepping van God
▪ Descriptieve orde = wat het ‘is’
▪ Normatieve orde = wat het ‘moet’ doen; welke
doeloorzaak het heeft
o Duidelijke rollenpatronen en taakverdelingen die door God
waren bepaald
o Ook de politieke orde als ‘natuurlijke’ orde, ondersteund door
een gedeeld religieus wereldbeeld
o God staat garant voor de legitimiteit van de politieke
machtsuitoefening
- In middeleeuwen: feodale orde
o Onderscheid tussen de adel en de rest van de bevolking ~
onderscheid tussen sterken en zwakken zoals we dat
terugvinden in de natuur als schepping van God
o Politieke en maatschappelijke orde is legitiem omdat de macht
van de adel (hoofd: koning) is gegrondvest id autoriteit van God
Pagina 1
,Sociale en Politieke Wijsbegeerte Academiejaar 2025-2026
Drie veranderingen vanaf de zestiende eeuw door opkomst van de
moderniteit:
1. Mechanisering van het wereldbeeld
o Opkomst van de moderne, mechanistische wetenschap
(zonder ‘doeloorzaken’) ~ Galileo en Newton
o Onttovering van de wereld ~ Max Weber
▪ = de wereld in het nieuwe wereldbeeld heeft geen
natuurlijke of goddelijke betekenis meer; gevolg: de rol
van de mens kan niet meer uit de natuurlijke
werkelijkheid worden afgelezen
o Kloof tussen descriptieve en normatieve (is-ought fallacy) –
David Hume
▪ = uit was ‘is’ (is) kan nooit worden afgeleid wat zou
‘moeten’ gebeuren (ought)
2. Religieus pluralisme
a. Opkomst van het protestantisme – Maarten Luther, Johannes
Calvij
b. Afscheuring van de anglicaanse kerk – Hendrik VIII
c. Religieus pluralisme ~ verdwijnt de mogelijkheid om de
politieke orde te baseren op een religieus wereldbeeld dat door
iedereen gedeeld w
d. Godsdienstoorlogen (bv. Tachtigjarige Oorlog)
3. De mens als autonoom individu
a. Middeleeuwen: mens als ondergeschikt ad gemeenschap; rol
die het te vervullen had werd voorgeschreven door het
religieuze wereldbeeld
b. Renaissance: humanistische denkbeelden die grote waarde
hehten aan de vrijheid en de individualiteit vd mens
c. Moderne tijd: mens als autonoom individu
i. Het gaat niet langer nog op in het grote geheel
ii. Ze eisen voor de vrijheid om hun eigen leven vorm te
geven en zelf waarden en normen te kiezen
→ Spanning tussen het eigenbelang en het algemeen
belang
Pagina 2
,Sociale en Politieke Wijsbegeerte Academiejaar 2025-2026
Door die veranderingen ontstaan er vragen ~ ‘wie oefent de macht uit in
onze SL? Onder welke regels moeten we de SL inrichten? Hoe kunnen we
die machtsverdeling en die regels rechtvaardigen?’
→ Wereld is onttovert ~ politieke orde kunnen we niet langer baseren op
de natuurlijke orde
→ Pluralistische SL ~ we kunnen niet meer verwijzen nr de wil of de
autoriteit van God
→ Autonome mensen ~ zullen het niet meer spontaan eens geraken over
de inhoud van het gemeenschappelijk belang
Het probleem van de maatschappelijke orde:
- Volgens welke regels moeten mensen met verschillende waarden en
visies op het goede leven samenleven?
- Hoe rechtvaardigen we die regels zonder beroep op de natuur en
zonder gedeelde religie?
Drie grote antwoorden in de vroegmoderne politieke filosofie op de vraag
naar het fundament van politieke legitimiteit:
- Thomas Hobbes: eigenbelang
- John Locke: natuurrechten
- Jean-Jacques Rousseau: de wil van het volk
Pagina 3
, Sociale en Politieke Wijsbegeerte Academiejaar 2025-2026
Thomas Hobbes (1588-1679)
Zoon van Engelse dominee
In dienst van graaf van Devonshire
Contacten met o.a. Galileo en Descartes
Vlucht naar Frankrijk tijdens de Engelse burgeroorlog (1642-1651)
Keert terug tijdens het protectoraat van Cromwell (1653-1658)
Verdediger van de absolute macht van de ‘soeverein’ als enige garantie
tegen chaos en instabiliteit
- Pessimistisch en materialistisch wereldbeeld
Verdacht van atheïsme
Belangrijke werken:
- De Cive (1642)
- Leviathan (1651)
Grote lijnen
Hobbes heeft een louter materialistische ontologie (vs. dualisme van
Descartes)
- = verwerpt het dualisme tussen lichaam en geest
o Enkel de lichamelijke werkelijkheid bestaan
o Al onze menselijke ‘mentale’ kwaliteiten zijn terug te voeren tot
louter materiële processen en eigenschappen
Hij verwerpt het teleologische wereldbeeld
- De mens en de wereld werken volgens mechanistische principes
- De mens heeft geen ‘telos’, maar streeft naar zelfbehoud
(eigenbelang)
- Moraliteit zit niet ingebakken in de menselijke natuur
En verdedigt een contracttheorie mbt de legitimiteit van politieke macht
- Morele verplichtingen zijn het resultaat van een vrijwillig sociaal
contract tussen individuen die enkel hun eigenbelang nastreven
- De keuze voor het contract is een rationele calculus
Pagina 4