Praktische psychofarmacologie
Basisbegrippen
Anatomische terminologie
Anatomie van het zenuwstelsel
Anatomie van de hersenen
- Snijvlakken en oriëntatie in de hersenen
- Ontwikkeling van neurale buis tot hersenen
,- Cerebrum dia8
➔ Functionele organisatie dia9
➔ Somatosensoriële cortex (tast):
• Signalen afkomstig v receptoren id huid
(vr tast, druk, warmte, koude, en pijn) w
via dorsale hoorn vh ruggenmerg &
thalamus geprojecteerd op primaire
somatosensorische cortex (S)
➢ Deze regio in staat juiste locatie vd
prikkel vast te stellen
➢ Gevoeligste delen vh lich nemen
grootste oppervlakte in (bv gezicht,
hand)
• Secundaire somatosensorische cortex
(S2) draagt bij tot gevoeligheid vr en
interpretatie van sensoriële prikkels
• ! zenuwvezels vr vitale sensibiliteit
(warmte, koude, grove tast, druk, pijn)
kruisen bij intrede in ruggenmerg,
zenuwvezels vr epikritische sensibiliteit
(fijne tast) kruisen pas id medulla
oblongata
➔ Visuele cortex (zicht): dia11
• Info uit netvlies w langs optisch chiasme via laterale geniculate nucleus (= visuele
thalamus) op primaire visuele cortex (V1) id occipitaalkwab geprojecteerd
• Rekrutering vd colliculus superior (= visuele tectum) zorgt vr oriënterende respons
• Verworven visuele info w verder geïnterpreteerd door visuele associatiegebieden vd
cortex → zo draagt perirhinale cortex bij tot herkennen v visuele input (wie/wat?)
➔ Auditieve cortex (gehoor): dia12
• Info uit cochlea w via pons, colliculus inferior (= auditieve tectum) en mediale
geniculate nucleus (= auditieve thalamus) op primaire auditieve cortex (A1), ter
hoogte vd insula en temporale kwab geprojecteerd
• Rekrutering vd colliculus inferior draagt bij tot integratie v en oriënt nr audit prikkels
, • De verworven auditieve info w verder geïnterpret door omliggende secundaire
auditieve cortex (A2) → laat ons begrijpen wat we horen
➔ Gustatieve cortex (smaak): dia13
• Info uit smaaksensoren id tong w via craniale zenuwen (VII, IX, X) geprojecteerd op
nucleus solitarius vd medulla oblongata en via ventrale posteromediale thalamus
(gustatieve thalamus) verder geprojecteerd op gustatieve cortex (thv insula)
➔ Olfactorische cortex (reuk): dia14
• Info uit olfactorische epitheel w rechtstreeks geprojecteerd op primaire
olfactorische cortex (piriforme cortex en periamygdaloid cortex), zonder passage
langs thalamus
• Verworven info w verder verwerkt door naburige amygdala, entorhinale cortex,
perirhinale cortex en parahippocampale cortex
• Olfactorisch systeem is dus zeer nauw verbonden met limbisch systeem. Dit
verklaart wrm reukprikkels sterke en rechtstreekse impact kunnen hebben op emos
en herinneringen
➔ Motorcortex: dia15
• Stuurt willekeurige bewegingen aan. Neuronen in motorcortex project via piramiden v
medulla oblongata nr ventrale hoorn v ruggenmerg. Motorneuronen sturen
vervolgens skeletspieren aan. Dit is zogenaamde piramidale syst voor motoriek
• Vr uitvoeren v fijnere motoriek z meer zenuwcellen betrokken. Bep lichaamsdelen
(zoals tong, lippen, duim) nemen bijgevolg relatief grote delen in vd primaire
motorische cortex vd frontaalkwab
• Supplementaire motorgebieden dragen bij tot plannen en uitvoeren van complexe
bewegingen. Gebied v Broca draagt bij tot spraak
➔ Striatum en globus pallidus: dia16
• Striatum (caudate nucleus en putamen) en globus pallidus z cerebrale struct die
deel uitmaken vd basale ganglia. Deze subcorticale hersenkernen z betrokken in:
➢ Motivatie, aanleren en uitvoeren v doelgericht gedr
➢ Automatiseren v complexe motoriek en gewoontevorming. Basale ganglia maken
deel uit vh extrapiramidaal systeem vr mototiek. Basale ganglia beïnvl
zenuwbanen v piramidale syst en motorbewegingen aan te sturen
➔ Amygdala: dia17
• Maalt deel uit vd mediale temporale kwab
• Ze rea op nieuwe stim (verrassing), ze coderen emotion toestand
(happy/fearful/angry/disgusted), dragen bij tot opslaan v emotion lading v stim
(associatief leren) en tot selectie v aangepast (reflexief) gedrag (fight/flight/freeze)
• Amygdala controleren ook overeenk autonome (sympath ZS) en endocriene respons
(hypothalamus-hypofyse-bijnier-as)
➔ Hippocampus: dia18
• Maakt deel uit vd mediale temporale kwab
• Speelt kritische rol bij coderen v contextuele en emotionele info en waarborgen v LT-
opslag v episodische herinneringen
• Dorsale hippocampus draagt voornlk bij tot ruimtelijke oriëntering en opslaan v
episodische herinneringen
• Ventrale hippocampus speelt meer prominente rol bij verwerken v emotionele info
➔ Prefrontale cortex: dia19
• Pfc speelt kritische rol bij aandacht, werkgeheugen en executieve functies
, • Pfc staat in vr ontw v actieplannen, gebaseerd op ervaringen en rek houdend met
huidige en toekomstige doelstellingen
• Pfc speelt eveneens belangr rol bij emotieregulatie en gedrflexibiliteit, hetgeenh
noodz is om doelstellingen te behalen bij fluctuerende interoceptieve/affectieve
status in veranderlijke omgeving
- Diencephalon en hersenstam:
➔ Thalamus: dia21-23
• Speelt kritische rol als relais en filter vr sensoriële info (muv reuk)
• Thalamo-cortico-thalamische loops w verondersteld belangr rol te spelen bij slaap-
waak cycli en bewustz
➔ Hypothalamus, hypofyse en epifyse: dia22
• Hypothalamus speelt rol bij versch overlevingsfuncties: honger en voedselinname,
dorst en waterinname, thermoregulatie, circadiane regulatie, sexueel; agressief en
defensief gedr
• Hypofyse (=pit gland) heeft belangr endocriene functie. Stelt versch hormonen vrij id
bloedbaan (geslachtshormonen, stresshormonen, groeihormonen,…)
• Epifyse (= pijnappelklier) produceert melatonine en speelt rol bij slaap-waak cycli
➔ Limbisch systeem: dia24
• Cingulate gyrus vd cortex, amygdala, hippocampus en hypothalamus kunnen
beschouwd w als kernonderdelen vh limbisch circuit, met nauwe interacties met
delen vd basale ganglia en thalamus
• Dit is een evolutionair geconserveerd circuit dat bijdraagt homeostatische (= reactief
herstellen ve stabiel intern milieu) en allostatische (= proactief aanpassen aan
verwachte behoeften) regulatie door verwerken v interoceptieve en affectieve
signalen, opslaan v herinneringen, en sturen v aangepast gedr
➔ De hersenstam: dia25+26
• Middenhersenen (= midbrain) omvatten tectum en tegmentum
➢ Tectum (= dak, dorsaal) speelt rol bij oriënterende reflexen: colliculus superoir (of
visueel tectum) vr visuele stim en colliculus inferior (of auditief tectum) vr
auditieve stim
➢ Tegmentum (= bedekt, ventral) speelt essentiële rol bij alertheid en motovatie
(projecties v ventrale tegmentale regio nr voorhersenen), motor controle
(projecties v substantia nigra nr basale ganglia) en pijnmodulatie
(periaquaductale grijze stof)
• Pons (= brug) vormt verbinding tss cerebrum en cerebellum en draagt bij tot alertheid
en diverse vitale functies (ademhaling, hartslag)
• Medulla oblongata (= verlengd merg) controleert vitale functies (ademhaling,
hartslag, bloeddruk, lichtemp…) en specifieke reflexen (hoesten, braken)
• Reticulaire formatie is diffuus netwerk v zenuwcellen tss medulla oblongata en
posterieure hypothalamus met ascenderende projecties (nr oa thalamus en cortex)
en descenderende projecties (nr ruggenmerg)
➢ Ascenderend reticulair syst reguleert alertheid, emotie en cognitie
➢ Descenderend systeem drijft autonome controle, skeletspiertonus en
pijnmodulatie
• Ascenderend reticulair activerend systeem (ARAS) omvat diverse neurochemische
systemen:
➢ Histaminerge (HA) nuclei (tuberomamillaire nucleus)
Basisbegrippen
Anatomische terminologie
Anatomie van het zenuwstelsel
Anatomie van de hersenen
- Snijvlakken en oriëntatie in de hersenen
- Ontwikkeling van neurale buis tot hersenen
,- Cerebrum dia8
➔ Functionele organisatie dia9
➔ Somatosensoriële cortex (tast):
• Signalen afkomstig v receptoren id huid
(vr tast, druk, warmte, koude, en pijn) w
via dorsale hoorn vh ruggenmerg &
thalamus geprojecteerd op primaire
somatosensorische cortex (S)
➢ Deze regio in staat juiste locatie vd
prikkel vast te stellen
➢ Gevoeligste delen vh lich nemen
grootste oppervlakte in (bv gezicht,
hand)
• Secundaire somatosensorische cortex
(S2) draagt bij tot gevoeligheid vr en
interpretatie van sensoriële prikkels
• ! zenuwvezels vr vitale sensibiliteit
(warmte, koude, grove tast, druk, pijn)
kruisen bij intrede in ruggenmerg,
zenuwvezels vr epikritische sensibiliteit
(fijne tast) kruisen pas id medulla
oblongata
➔ Visuele cortex (zicht): dia11
• Info uit netvlies w langs optisch chiasme via laterale geniculate nucleus (= visuele
thalamus) op primaire visuele cortex (V1) id occipitaalkwab geprojecteerd
• Rekrutering vd colliculus superior (= visuele tectum) zorgt vr oriënterende respons
• Verworven visuele info w verder geïnterpreteerd door visuele associatiegebieden vd
cortex → zo draagt perirhinale cortex bij tot herkennen v visuele input (wie/wat?)
➔ Auditieve cortex (gehoor): dia12
• Info uit cochlea w via pons, colliculus inferior (= auditieve tectum) en mediale
geniculate nucleus (= auditieve thalamus) op primaire auditieve cortex (A1), ter
hoogte vd insula en temporale kwab geprojecteerd
• Rekrutering vd colliculus inferior draagt bij tot integratie v en oriënt nr audit prikkels
, • De verworven auditieve info w verder geïnterpret door omliggende secundaire
auditieve cortex (A2) → laat ons begrijpen wat we horen
➔ Gustatieve cortex (smaak): dia13
• Info uit smaaksensoren id tong w via craniale zenuwen (VII, IX, X) geprojecteerd op
nucleus solitarius vd medulla oblongata en via ventrale posteromediale thalamus
(gustatieve thalamus) verder geprojecteerd op gustatieve cortex (thv insula)
➔ Olfactorische cortex (reuk): dia14
• Info uit olfactorische epitheel w rechtstreeks geprojecteerd op primaire
olfactorische cortex (piriforme cortex en periamygdaloid cortex), zonder passage
langs thalamus
• Verworven info w verder verwerkt door naburige amygdala, entorhinale cortex,
perirhinale cortex en parahippocampale cortex
• Olfactorisch systeem is dus zeer nauw verbonden met limbisch systeem. Dit
verklaart wrm reukprikkels sterke en rechtstreekse impact kunnen hebben op emos
en herinneringen
➔ Motorcortex: dia15
• Stuurt willekeurige bewegingen aan. Neuronen in motorcortex project via piramiden v
medulla oblongata nr ventrale hoorn v ruggenmerg. Motorneuronen sturen
vervolgens skeletspieren aan. Dit is zogenaamde piramidale syst voor motoriek
• Vr uitvoeren v fijnere motoriek z meer zenuwcellen betrokken. Bep lichaamsdelen
(zoals tong, lippen, duim) nemen bijgevolg relatief grote delen in vd primaire
motorische cortex vd frontaalkwab
• Supplementaire motorgebieden dragen bij tot plannen en uitvoeren van complexe
bewegingen. Gebied v Broca draagt bij tot spraak
➔ Striatum en globus pallidus: dia16
• Striatum (caudate nucleus en putamen) en globus pallidus z cerebrale struct die
deel uitmaken vd basale ganglia. Deze subcorticale hersenkernen z betrokken in:
➢ Motivatie, aanleren en uitvoeren v doelgericht gedr
➢ Automatiseren v complexe motoriek en gewoontevorming. Basale ganglia maken
deel uit vh extrapiramidaal systeem vr mototiek. Basale ganglia beïnvl
zenuwbanen v piramidale syst en motorbewegingen aan te sturen
➔ Amygdala: dia17
• Maalt deel uit vd mediale temporale kwab
• Ze rea op nieuwe stim (verrassing), ze coderen emotion toestand
(happy/fearful/angry/disgusted), dragen bij tot opslaan v emotion lading v stim
(associatief leren) en tot selectie v aangepast (reflexief) gedrag (fight/flight/freeze)
• Amygdala controleren ook overeenk autonome (sympath ZS) en endocriene respons
(hypothalamus-hypofyse-bijnier-as)
➔ Hippocampus: dia18
• Maakt deel uit vd mediale temporale kwab
• Speelt kritische rol bij coderen v contextuele en emotionele info en waarborgen v LT-
opslag v episodische herinneringen
• Dorsale hippocampus draagt voornlk bij tot ruimtelijke oriëntering en opslaan v
episodische herinneringen
• Ventrale hippocampus speelt meer prominente rol bij verwerken v emotionele info
➔ Prefrontale cortex: dia19
• Pfc speelt kritische rol bij aandacht, werkgeheugen en executieve functies
, • Pfc staat in vr ontw v actieplannen, gebaseerd op ervaringen en rek houdend met
huidige en toekomstige doelstellingen
• Pfc speelt eveneens belangr rol bij emotieregulatie en gedrflexibiliteit, hetgeenh
noodz is om doelstellingen te behalen bij fluctuerende interoceptieve/affectieve
status in veranderlijke omgeving
- Diencephalon en hersenstam:
➔ Thalamus: dia21-23
• Speelt kritische rol als relais en filter vr sensoriële info (muv reuk)
• Thalamo-cortico-thalamische loops w verondersteld belangr rol te spelen bij slaap-
waak cycli en bewustz
➔ Hypothalamus, hypofyse en epifyse: dia22
• Hypothalamus speelt rol bij versch overlevingsfuncties: honger en voedselinname,
dorst en waterinname, thermoregulatie, circadiane regulatie, sexueel; agressief en
defensief gedr
• Hypofyse (=pit gland) heeft belangr endocriene functie. Stelt versch hormonen vrij id
bloedbaan (geslachtshormonen, stresshormonen, groeihormonen,…)
• Epifyse (= pijnappelklier) produceert melatonine en speelt rol bij slaap-waak cycli
➔ Limbisch systeem: dia24
• Cingulate gyrus vd cortex, amygdala, hippocampus en hypothalamus kunnen
beschouwd w als kernonderdelen vh limbisch circuit, met nauwe interacties met
delen vd basale ganglia en thalamus
• Dit is een evolutionair geconserveerd circuit dat bijdraagt homeostatische (= reactief
herstellen ve stabiel intern milieu) en allostatische (= proactief aanpassen aan
verwachte behoeften) regulatie door verwerken v interoceptieve en affectieve
signalen, opslaan v herinneringen, en sturen v aangepast gedr
➔ De hersenstam: dia25+26
• Middenhersenen (= midbrain) omvatten tectum en tegmentum
➢ Tectum (= dak, dorsaal) speelt rol bij oriënterende reflexen: colliculus superoir (of
visueel tectum) vr visuele stim en colliculus inferior (of auditief tectum) vr
auditieve stim
➢ Tegmentum (= bedekt, ventral) speelt essentiële rol bij alertheid en motovatie
(projecties v ventrale tegmentale regio nr voorhersenen), motor controle
(projecties v substantia nigra nr basale ganglia) en pijnmodulatie
(periaquaductale grijze stof)
• Pons (= brug) vormt verbinding tss cerebrum en cerebellum en draagt bij tot alertheid
en diverse vitale functies (ademhaling, hartslag)
• Medulla oblongata (= verlengd merg) controleert vitale functies (ademhaling,
hartslag, bloeddruk, lichtemp…) en specifieke reflexen (hoesten, braken)
• Reticulaire formatie is diffuus netwerk v zenuwcellen tss medulla oblongata en
posterieure hypothalamus met ascenderende projecties (nr oa thalamus en cortex)
en descenderende projecties (nr ruggenmerg)
➢ Ascenderend reticulair syst reguleert alertheid, emotie en cognitie
➢ Descenderend systeem drijft autonome controle, skeletspiertonus en
pijnmodulatie
• Ascenderend reticulair activerend systeem (ARAS) omvat diverse neurochemische
systemen:
➢ Histaminerge (HA) nuclei (tuberomamillaire nucleus)