I: INLEIDING
A: BEGRIP EN GRONDSL AGEN
Arbeidsrecht = geheel van rechtsregels die betrekking hebben op het verrichten van arbeid op de
arbeidsmarkt + tot deel de menselijke waardigheid en sociale rechtvaardigheid te bevorderen
Arbeidsovereenkomst = afspraak om in ondergeschiktheid van iemand anders te gaan werken dus
een overeenkomst waar iemand juridisch gezag krijgt over een andere persoon
- Gebeurt ook bij de OH: gezag tegenover de burger
o Burger wordt beschermd: bv grondwet
- Gebeurt ook in familierecht: ouderlijk gezag
o Kind wordt beschermd
DUS juridisch gezag moet ook in het arbeidsrecht geregeld worden om misbruik tegen
te gaan (1)
o Is een eerste, juridische ongelijkheid
Traditioneel uitgangspunt is dat werknemer zwakke partij is en werkgever de sterke partij aanname
geldt nu nog altijd
- Ongelijkheid in onderhandelingspositie van WN en WG
o Vaak WN inferieur
DUS er is arbeidsrecht nodig om de economische ongelijkheid (machtsverhouding) te
regelen (2)
o Is een tweede, feitelijke ongelijkheid
DUS functie van het arbeidsrecht is om een tegengewicht te geven aan de superieure positie van de
WG
MAAR ook wetgever wordt beschermd door het arbeidsrecht
Techniek van het arbeidsrecht zijn wetten = dwingend recht: geen afwijkingen mogelijk
2 manieren in België om deze ongelijkheden op te lossen:
- Bestaansreden van het arbeidsrecht (?)
- Partijen empoweren
B: HISTORISCHE WORTELS
Geen examenvragen hierover
C: GRONDSLAGEN VAN HET ARBEIDSRECHT
NIET KENNEN
1
,II: DE ARBEIDSOVEREENKOMST
Grafiek
- Ongeveer 7 miljoen potentieel werkenden
o Tussen 20 en 65 jaar
- Ongeveer 5 miljoen mensen werken effectief op de arbeidsmarkt
o Als zelfstandigen (1,3 miljoen) / ambtenaren (100 000-tal) / werknemers
Kostprijs sociale bescherming (zie pp online)
In België is er een werkzaamheidsgraad van 72,3 % er werkt 72,3 % van de potentieel werkenden
A: BEGRIP ARBEIDSOVEREENKOMST
Arbeidsovereenkomst = WN die zich verbindt, tegenloon, onder gezag van een WG om arbeid te
verrichten
- Is dus een overeenkomst
- Gaat over loon
- Tegenover arbeid
- In een ondergeschikt verband
! Alleen NP kunnen WN zijn NP en RP kunnen WG zijn
Er zijn 3 statuten
o Werknemer
Contractuele relatie
Vooral hierover in het arbeidsrecht: is hier ook voor geschreven
Private sector
o Zelfstandige
Hier niet echt een arbeidsrecht, vallen er slechts soms over
o Ambtenaar
Werken voor de OH = andere band eenzijdige aanstelling dus meer
bestuursrechtelijke aanneming / bestuursrecht
Eigen stelsel, al valt het soms onder de arbeidsrechtelijke regels
Publieke sector
! In sociale zekerheid is er een specifiek stelsel
Arbeidsovereenkomst (AOK)
- Is onderworpen aan burgerlijk recht
o Van belang voor bindende kracht van de OK: art 5.69 BW
o Van belang voor geldigheidsvoorwaarden van OK: art 5.27 BW
- Statutaire tewerkstelling (= ambtenaren) kan niet via AOK
o AOK gaat louter over WN en WG uit private sector
o MAAR als toestand niet statutair geregeld kan een AOK toch: art 1 AOK-wet
Arbeid
2
,- Er moet arbeid verricht worden
- Aard van arbeid kan betrekking hebben op soort AOK
3
,Loon
- Er moet een vergoeding worden afgesproken
- Naam van de bezoldiging doet er niet toe: moet niet per se benoemd worden als loon
- vrijwilliger = als er GEEN bezoldiging is voor de arbeidsprestatie
o Dan geldt wet 3 juli 2005 voor de vrijwilligers
o Er kunnen toch nog kosten vergoed worden voor vrijwilligers: art 10 wet 3/7/2005
o Er zijn een aantal arbeidsrechtelijke bepalingen die toch nog van toepassing kunnen
zijn
o Ook wanneer de arbeid een vrijetijdsbesteding is, niet gericht op inkomen verdienen;
zal het als een AOK gezien worden als er een beperkte vergoeding voor gegeven
wordt < HvC
- onbelast bijverdienen = als je al een hoofdstatuut hebt kan je tot 6000 euro / jaar onbelast
bijverdienen door occasionele arbeid
o MAAR is strijdig verklaard met art 10 + 11 Gw. < GwH
Gezag
- Er is een ondergeschikt verband
o Gezagsuitoefening van WG
- Gezag kan uitgeoefend worden via lasthebber of aangesteld van WG
- Is een feitenkwestie
- Dit onderscheid AOK met andere overeenkomsten rond arbeid tegen betaling
- aanneming van werk = GEEN gezagsrelatie: art 1787 oud BW
BELANG
Wat is nu het belang van de kwalificatie van arbeidsovereenkomst te kunnen geven?
- Dwingend arbeidsrecht is van toepassing
o Verplichtingen voor WG en rechten voor WN
- Collectieve arbeidsovereenkomsten = CAO’s zijn van toepassing
o Op niveau van de sector
- Sociale zekerheid voor werknemers
o WG moet dus een financiële inspanning doen, nl. werknemersbijdrage betalen
Onderscheid:
- Werknemers
o CAO-wet is van toepassing
o Uitzondering: als je werkgever een OH-dienst is, is het NIET van toepassing
Want publieke sector
- Ambtenaren
o In publieke sector gelden CAO’s NIET
o Wat er WEL kan zijn politieke afspraken of ‘protocol-akkoorden’
- Zelfstandigen
o Contractueel afspraak aangaan om werk te verrichten voor een ander, zonder gezag
o CAO-wet geldt NIET
4
, Zou moeilijk zijn met het mededingingsrecht
Er is een hiërarchie van de bronnen van het arbeidsrecht art 51 CAO-wet
- Wet
o Met hierbinnen Gw. bovenaan
Echter niet veel arbeidsrechtelijke grondrechten
o Wet is dwingend: geen afwijkingen mogelijk
- CAO AVV = algemeen verbindende verklaring
o AVV = techniek waar collectieve afspraak tussen vakbonden en werkgevers door KB
wordt bekrachtigd door de OH
o Nationale CAO of sector CAO
- CAO niet-AVV en ondertekend
o Werkgever is partij door ondertekening
- Geschreven individuele AO
o Dus GEEN algemeen gunstigheidsbeginsel (als het voordeliger is gaat het in B dus niet
voor)
- CAO niet-AVV en niet ondertekend
- Arbeidsreglement
- Aanvullende bepalingen van de wet
- Mondelinge AO
o Eigenlijk zijn er heel veel afspraken op de werkvloer mondeling
o Wat als deze gunstiger is, maar in strijd is met de geschreven afspraak die hoger staat
in de hiërarchie?
HvC heeft bepaald dat het mag: latere mondelinge afspraak kan een
eerdere schriftelijke afspraak wijzigen en is niet in strijd met HDN
- Gebruik
Er is wel een mini-gunstigheidsregime = art 6 AOW 3 juli 1978
Wie rechten put uit AO-wet waar die in de individuele AO afspraken maakt die afwijken maar
niet minder gunstig zijn, dan zijn deze niet nietig
o Bv wettelijk vastgestelde opzegtermijnen geregeld in de wet, maar zelf afgeweken in
AO waardoor positie wordt verbeterd (langere opzegtermijn) = geldig
o Geldt enkel voor de AOWet
B: GEZAG EN DE AARD VAN DE ARBEIDSRELATIE
1: ALGEMEEN
De wet spreekt over ‘gezag’ WG heeft leidinggevende positie
MAAR economie/arbeidsmarkt is divers en aan verandering onderhevig er zijn ook andere
vormen van samenwerking tussen WN-WG
o Bv ideeën volgen van WN
Gezag/ondergeschikt verband
5
, - Recht op gezag, leiding of toezicht
- Ook vrijheid / autonomie om beslissingen te nemen staat niet in de weg
- Juridische mogelijkheid tot gezagsuitoefeningen
Hoe wordt het ondergeschikt verband beoordeeld?
- Is een feitenkwestie
o Bv artsen in ziekenhuis als WN of als zelfstandige
Als WN: arts is in onafhankelijke vrijheid met patiënten HvC: ondergeschikt
verband kan zitten in verplichtingen om op bepaalde plaatsen / tijdstippen er
moet zijn, in een bepaalde structuur
Dus ook een prof kan een WN zijn, hoewel toezicht beperkt is maar
doordat er een structuur/organisatievorm is
o Nog altijd veel grijze zones: is niet altijd duidelijk
- Er zijn traditioneel wel een aantal aanwijzingen:
o Bevelen en instructies
o Controle op arbeid
o Organisatie van de activiteit
o Plaats tewerkstelling
o Werkrooster
o Vergoedingswijze
o Exclusieve tewerkstelling
o Concurrentiebeding
o …
o Wat met economische afhankelijkheid?
In principe is economische afhankelijkheid NIET relevant om gezag te bepalen
Als je werkt voor een onderneming en afhankelijk bent van de
onderneming voor je inkomen ben je in principe wel een WN
Maar steeds goed bekijken: economische ≠ juridische
onafhankelijkheid
Toch een aantal discussiepunten
! een ondergeschikt verband wilt NIET zeggen dat WN al zijn autonomie verliest
- Vaak zelf nog veel autonomie bij het uitoefenen van de functie
o Bv arties, leraar, geneesheer …
- ! gezag gaat vooral over organisatie van de arbeidsprestatie
o DUS als arbeid zelf georganiseerd wordt = zelfstandige
Gezag gaat vooral over de mogelijkheid
WG moet gezag niet noodzakelijk werkelijk of permanent uitoefenen: juridische mogelijkheid
volstaat
o Bv controle a posteriori
In praktijk is er ook vaak misbruik er zijn schijnzelfstandigen
- Dus in werkelijkheid WN maar zijn werkzaam als zelfstandige
6
,- Kan bewust gebeuren om sociale bijdragen te ontlopen
- Geval ‘Leekens’
o Voetbaltrainer richtte een NV Sofile op die een contract sluit met club Brugge
NV Sofile zal coaching + prestaties van voetbaltraining ter beschikking stellen
in ruil voor een vergoeding
Geen arbeidsovereenkomst want tussen 2 vennootschappen dachten ze
MAAR uit praktijk bleek dat er heel veel omstandigheden zijn dat er een
arbeidsrelatie tot stand was gekomen
Dus eigenlijk was een schijnconstructie tussen de NV’s: in de feitelijke
uitvoering was er een gezagsuitoefening door club Brugge op meneer
Leekens
7
, - Er zijn steeds meer ‘management’ vennootschappen
o Doet denken aan geval ‘Leekens’
o Men wilt hier iets aan doen
o Als het echte WN zijn die een fictie-vennootschap gebruiken is het illegaal en is er al
een oplossing voor
Er kan een herkwalificatie zijn door de rechter: zelfstandigenstatuut kan geherkwalificeerd
worden naar een arbeidsovereenkomst als er een ondergeschikt verband is
o HvC heeft bepaald dat een feitenrechter kan herkwalificeren maar enkel op grond van
de feitengegevens om de kwalificatie die door de partijen er aan is gegeven uit te
sluiten
Dus je moet elementen vinden die de zelfstandige kwalificatie onmogelijk
maken
2: KWALIFICATIEVRAAGSTUK IN DE CASS ATIERECHTSPRAAK
Arbeidsrecht is dwingend recht DUS je kan in principe NIET kiezen of het al dan niet van toepassing is
MAAR kwalificatie die partijen aan de overeenkomst geven blijft van belang visie HvC door de tijd:
- 1e strekking: realiteit > kwalificatie
o Feitenrechter niet gebonden door kwalificatie door partijen
- 2e strekking: kwalificatie > realiteit
o Feitenrechter kan kwalificatie enkel wijzigen door bedrog / dwaling / onverenigbare
oorzaken of bedingen
e
- 3 strekking = nieuwe strekking:
o Rechter kan enkel andere benaming geven aan de overeenkomst als het mogelijk is
om op basis van de gegevens die zijn voorgelegd de gegeven benaming uit te sluiten
o Is dus veel strenger
3: DE ARBEIDSRELATIEWET
Echter, de wetgever heeft ingegrepen om meer rechtszekerheid te bekomen = programmawet 27
december 2006 / Wet aard arbeidsrelaties
Om grijze zones en schijnzelfstandigen tegen te gaan
o Programmawet = lange lijst van wetsartikelen over vanalles die samen worden gezet
o Schijnzelfstandigen = werkers die willens nillens het statuut van zelfstandige
aannemen, terwijl ze eigenlijk onder gezag werken
o Men bedoeld met ‘aard’ eigenlijk ‘kwalificatie’
De wet bevestigt een aantal principes om de arbeidsrelatie te beoordelen (zie hieronder)
A: PRINCIPE VAN WILSAUTONOMIE
In principe kiezen partijen vrij de aard van hun arbeidsrelatie / samenwerkingsvorm: art 331, zin 1
arbeidsrelatiewet
- Kiezen dus zelf zelfstandige of WG-WN
8