OPLEIDINGSONDERDEEL:
KRACHTIGE LEEROMGEVING: MUZISCH INSPIREREN 1 –
LEEREENHEID DANS
Voornaam en Naam student: Sarah Focquaert
Klasgroep: OKO 2A
Academiejaar 2025-2026
, DEEL I: UITGEWERKTE BEGELEIDE SPEELLEERKANS
Duid hierbij volgende elementen aan in aangegeven kleuren (zie takenfiche voor
concrete omschrijving)
1. De BSLK houdt rekening met de onderwijsbehoeften van de kleuters in jouw klas.
2. Er zijn differentiatiekansen voorzien vanuit de onderwijsbehoeften van de kleuters.
3. De doelen zijn afgestemd op de onderwijsbehoeften. (toepassen, niet aanduiden)
4. Er wordt een rijk inhoudelijk aanbod voorzien waarbij er een didactisch doordachte
opbouw gehanteerd wordt. (toepassen, niet aanduiden)
5. Muziekkeuze
Fiche voor voorbereiden van begeleide speelleerkansen
Duid aan of je het olod ‘Krachtige Leeromgeving’ al dan niet volgt of reeds gevolgd hebt: JA – NEE
Titel speelleerkans
(vermeld duidelijk de gekozen werkvorm van dans in je titel)
Dans ontwerpen a.d.h.v. een danspartituur – thema ‘dit is geen doos’
Leeftijd kleuters:
1ste kleuter
Beginsituatie
(motiveer vanuit verkennen, verbinden,…. gebruik hierbij je brede gegevensverzameling.)
Ik sta in een zuivere 1ste kleuterklas met 15 kleuters. Een BSLK rond dans hebben ze nog niet gedaan,
zowel dansexpressie, danspartituur als gestructureerde dans is voor het nieuw. Doorheen de dag zie ik
dat de kinderen veel nood hebben aan bewegingsimpulsen, want ze kunnen niet lang ergens stilzitten.
S,O, H en C lopen heel veel door de klas en zijn zeer energiek. Zo was er eens muziek in de klas tijdens
het keuze aanbod en liepen ze heel de tijd op de muziek rond de tafel.
Het zal belangrijk zijn dat ik hier rekening mee houd tijdens mijn speelleerkans.
Tijdens een eerdere opdracht rond poëziebeleving hebben we eerder gewerkt met bewegingen
koppelen aan een prent en dit lukte voor hen zeer goed. Hierbij hebben we bewogen als een klein pakje
en een groot pakje waarbij ze zichzelf groot en klein maakten. Ook de termen laag en hoog kwam aan
bod. Ik zag bij deze activiteit dat Alisa en Esra niet tot beweging kwamen, ook wanneer ik hen er extra
bij wou betrekken hadden zij hier geen behoefte voor. Ik probeer hen dus extra impulsen te geven om
hen toch tot beweging te laten komen. Vooral S,O,H en C kwamen tot bewegingsmogelijkheden. O gaf bij
iedere prent ook aan dat we een andere beweging kunnen doen, het zal hierbij dus nuttig zijn als ik O
ergens vooraan in de klas zet zodat de kinderen die achter hem staan naar hem kunnen kijken. Dit
omdat de kinderen veel nood hebben aan duidelijke, visuele en voordoende voorbeelden om nieuwe
bewegingen te begrijpen en na te bootsen.
Ook werk ik in heel veel tussendoortjes en speelleerkansen met een korte stopdans om tussendoor
even te bewegen. Een stopdans kunnen ze dan ook perfect uitvoeren. Dit zal nuttige informatie zijn
voor het maken van de afspraken.
Tijdens de wekelijkse turnlessen hebben de kleuters al kennisgemaakt met volgende bouwstenen en
deelaspecten: TIJD- tempo, RUIMTE- hoogtelagen en LICHAAM- lichaam als totaal. Ik weet dus dat deze
bouwstenen met deelaspecten zouden moeten lukken.
als Differentiatie voeg ik een bouwsteen met deelaspect toe dat ze nog niet vaak geoefend hebben,
namelijk LICHAAM- lichaamsdelen afzonderlijk.
ERVARING MET HET THEMA
Gedurende 3 en een halve dag werken we rond het thema dozen. Hierin werd in het begin van de week
het boek ‘Dit is geen doos – Antoinette Portis’ aangebracht. De kinderen weten wat er in dit boek