Inleiding
Toepassingsgebieden van biometrie/antropometrie:
Groei en ontwikkeling: beoordelen of groei normaal verloopt.
Sportprestaties: bv. relatie tussen dijomtrek en spronghoogte.
Gezondheid: verband tussen vetmassa en ziektes zoals diabetes
type 2.
Interventies: evaluatie van effecten van beweeg- of
voedingsinterventies.
Ergonomie: bepalen van ideale lichaams- of meubelafmetingen.
Lichaamssamenstellingsmodellen:
2-compartimentenmodel: lichaam = vetmassa + vetvrije
massa.
4-compartimentenmodel:
- Biochemisch: vet, water, eiwitten, botmineralen.
- Anatomisch: vetweefsel, spierweefsel, botweefsel + overige
componenten.
Samenstelling vet- en vetvrije massa:
Vetmassa:
o Essentieel vet (in organen zoals hersenen, hart, lever).
o Geslachtsspecifiek vet (zoals borstweefsel).
o Niet-essentieel vet (energieopslag, isolatie, onderhuids en
abdominaal vet).
Vetvrije massa: vetloze componenten van het lichaam.
Lean body mass: vetvrije massa + essentiële lipiden.
Methoden om lichaamssamenstelling te bepalen:
1. Directe methoden -> dissectie of chemische analyse
2. Indirecte methoden -> densitometrie
3. Dubbel indirecte methoden -> BIA, antropometrie & 3D body
scanning
4. Medische beeldvorming ->ultrasound, DXA, CT scan of MRI scan
Bij antropometrie worden specifieke meetinstrumenten en indexen
(zoals BMI, middel-heupverhouding, etc.) gebruikt om deze gegevens te
kwantificeren.
1
, 2 INDIRECTE METHODEN
Indirecte methoden schatten lichaamssamenstelling via
lichaamsdichtheid (densitometrie), gebaseerd op 2-
compartimentenmodel: vetmassa + vetvrije massa.
Densiteiten: vetmassa ≈ 0,9 g/ml; vetvrije massa ≈ 1,1 g/ml → totale
dichtheid tussen 0,9-1,1 g/ml.
Siri-formule (1961): Vet% = 495 / dichtheid – 450.
Hydrostatische weging – onderwaterweging (OWW)
Hydrostatische weging (OWW): gebaseerd op wet van Archimedes
(opwaartse kracht = gewicht verplaatst water).
Berekening: Gewicht verplaatst water = gewicht in lucht (LGL) - gewicht
in water (LGW).
Formule: VOLwater × Dwater = LGL - LGW → leidt tot lichaamsvolume
en -dichtheid.
Storende factoren bij hydrostatische weging (OWW):
Bewegingen van de stoel of voorwerpen in het water (verstoort
nauwkeurige meting).
Watertemperatuur:
1. Vetdensiteit: 0,9 g/ml bij 37°C; stijgt met 0,00074 g/ml per +1°C.
2. Waterdensiteit: 0,994 g/ml bij 35-37°C; bij 20°C = 0,998 g/ml.
Gassen in maag-darmkanaal (MD) en residueel volume (RV)
longen:
- Schatting vs. exacte meting (in water vs. op droge).
- Druk onder water reduceert RV met 200-300 ml.
Onsuitable populaties: personen met watervrees, claustrofobie,
zwemangst of niet-zwemmers.
2
, Air Displacement Plethysmography: BodPod
Air Displacement Plethysmography (BodPod): meet lichaamsvolume via
luchtverplaatsing (i.p.v. water), om dichtheid en vet% te bepalen
(Dempster & Aitkens, 1995).
Voordelen t.o.v. OWW: minder omslachtig, comfortabeler, veiliger
ervaren.
Opbouw BodPod: 2 kamers gescheiden door membraan:
- Testkamer: ~450 liter (persoon zit hierin).
- Referentiekamer: ~300 liter.
- Calibratie met cilinder van bekend volume.
Werking (gaswet van Boyle): bij constante temperatuur: V1 × P1
= V2 × P2.
Meet drukveranderingen: lege testkamer → met standaardvolume →
met persoon.
Volume persoon = volume lege kamer - volume kamer met persoon.
Berekening: Dichtheid = gewicht / volume persoon → vet% via Siri-
formule (495 / dichtheid - 450).
Correctie voor thoracale gasvolume (TGV ≈ residueel volume RV):
essentieel voor nauwkeurige volumebepaling in BodPod.
TGV-meting: via flexibele buis aangesloten op BodPod; neusknijper op,
ademen via mondstuk (puffing-manoeuvre op midden-uitademing).
Kleding/voorwaarden: badpak, badmuts dragen; geen
juwelen/haaraccessoires (minimaliseert volume-fout).
o Testduur: ± 5 minuten totaal.
Voorbereidingsregels:
3
, - Geen fysieke inspanning 2 uur ervoor.
- Niet eten 2 uur ervoor.
- Stilzitten tijdens meting (geen bewegingen).
DUBBEL INDIRECTE METHODEN
Bio-elektrische Impedantie Analyse (BIA)
Bio-elektrische Impedantie Analyse (BIA): dubbel-indirecte methode om
lichaamssamenstelling te schatten via elektrische weerstand.
Werking: lage, niet-voelbare wisselstroom door lichaam → meting van
impedantie/weerstand.
Principe:
Vetvrije massa: lage weerstand (geleidt
goed, veel water + elektrolyten).
Vetmassa: hoge weerstand (geleidt slecht,
weinig water).
Berekening: uit gemeten weerstand →
geschat lichaamswater → voorspelling vetvrije
massa via populatiespecifieke formules
(gebaseerd op impedantie, lengte, gewicht,
geslacht, leeftijd).
BIA testafname (traditioneel):
5-10 min stilliggen op niet-geleidend oppervlak vooraf.
Armen en benen gespreid (mogen romp en elkaar niet raken)
Elektroden plaatsen in sets op handen en voeten.
Intra-individuele variabiliteit (oorzaken):
Hydratatietoestand: meer water → betere geleiding → lagere
weerstand → overschatting vetvrije massa, onderschatting
vetmassa.
Huidtemperatuur.
Elektrodeplaatsing.
Lichaamshouding.
4