Escrito por estudiantes que aprobaron Inmediatamente disponible después del pago Leer en línea o como PDF ¿Documento equivocado? Cámbialo gratis 4,6 TrustPilot
logo-home
Resumen

Samenvatting Recht van de Europese Unie - Prof. Johan Meeusen | 2e Ba UA | AJ 2025/26

Puntuación
-
Vendido
1
Páginas
160
Subido en
23-05-2026
Escrito en
2025/2026

Volledige samenvatting van recht van de Europese Unie gegeven door Prof. Meeusen in de 2e bachelor rechten aan de UA. De samenvatting bevat aantekeningen over wat belangrijk is voor het examen en ook mogelijke examenvragen. Alle hoofdstukken zijn aangevuld met het boek en alle arresten zijn er in verwerkt (context + uitleg per besproken alinea).

Mostrar más Leer menos
Institución
Grado

Vista previa del contenido

RECHT VAN DE EUROPESE UNIE
HOOFDSTUK 1: HET EUROPEES INTEGRATIEPROCES



‘Europa’: een lange geschiedenis

1939 – 1945: WO II
→ resultaat: de Europese industrie lag in ruïne, er was grote armoede, terwijl er politiek gezien twee nieuwe
grote machten zijn, nl. USSR en VS

Post-WO: heropbouw, Koude Oorlog met VSA en USSR als 2 nieuwe supermachten, positie Frankrijk en Duitsland

Internationale (VN, Wereldbank, IMF, GATT….) en regionale (Benelux) samenwerking
- er ontstond een impuls naar internationale samenwerking
- grote vraag: wat te doen met Duitsland? Wat is hun positie? DE was meermaals de agressor, dit creëerde
een groot wantrouwen, maar DE heeft een heel belangrijke positie, er was angst dat de USSR hen ging
inpikken

1944: oprichting Benelux (aanvankelijk douane-unie, later economische unie;sedert 2008 ‘Benelux Unie’)

Zürich, 19 september 1946: speech Winston Churchill, “a kind of United States of Europe” (Bronnenboek p. 439)
- oplossing van Churchill: creëren in een soort van verenigde staten van Europa (pleidooi voor europese
samenwerking)
- churchill wijst op DE, hij zegt dat vergelding tav DE gedaan moest zijn en het belangrijk was om met DE
samen te werken

1948: Organisatie voor Europese Economische Samenwerking (Marshallplan < Truman-doctrine) → 1961:
OESO
- Truman-doctrine: bepleit dat er actieve rol is in buitenlands beleid door de VS, VS moet te hulp komen van
landen die te maken krijgen met druk van buitenaf, nl. van SU of interne onrust
- Marshallplan: financiële hulp aan europese bondgenoten van VS

1949: NAVO en Raad van Europa (1950: EVRM)

9 mei 1950, het Schuman-plan (Monnet/Schuman): “L’Europe ne se fera pas d’un coup, ni dans une création
d’ensemble, elle se fera par des réalisations concrètes,créant d’abord une solidarité de fait” (Bronnenboek p. 442)
→ een verenigd europa zal gemaakt worden door concrete realisatie die in de eerste plaats een feitelijke
solidariteit tussen die landen zal maken
- Economische en politieke doeleinden
- Duitse economische reconstructie onder auspiciën van een supranationale organisatieopen voor andere
Europese landen
- Supranationaal ipv klassiek intergouvernementeel model (overdracht van bevoegdheden aan hoger,
onafhankelijk niveau ipv samenwerking tussen soevereine Staten)
- Concrete, pragmatische aanpak, weliswaar met ambitieuze langetermijnvisie
- 2 belangrijke sectoren voor economie: kolen en staal




1

, → deze sectoren onttrekken aan nationale controle en in een internationaal kader plaatsen en dus
onder gemeenschappelijke controle , zal ervoor zorgen dat één land niet langer in staat zal zijn om een
oorlog te starten
18 april 1951: Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal (Parijs; EGKS) – België,
Frankrijk, Duitsland, Italië, Luxemburg en Nederland

Mislukking Europese Defensiegemeenschap en Europese Politieke Gemeenschap

25 maart 1957: Verdragen tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap (Rome; EEG) en de Europese
Gemeenschap voor Atoomenergie (Rome; Euratom) – België, Frankrijk, Duitsland, Italië, Luxemburg en Nederland

Verschillen tussen verdragen (EGKS als “traité-loi”; EEG als “traité-cadre”) maar 3 Gemeenschappen met klassieke
intergouvernementele elementen en vooral gekenmerkt door supranationale benadering (“communautaire methode”)
- EEG = kaderverdrag: breed qua toepassingsgebied
- EGKS = verdrag zoals een wet: heel gedetailleerd verdrag

Belangrijke arresten Hof van Justitie in vroege jaren ’60, obv teleologische interpretatie: autonome, nieuwe
rechtsorde gekenmerkt door voorrang en rechtstreekse werking

8 april 1965: Fusieverdrag (gemeenschappelijke instellingen voor de drie Gemeenschappen)

Verzet President de Gaulle, Akkoord van Luxemburg (1966) (Bronnenboek p. 444): FR wil zijn vetorecht stellen,
landbouw is te belangrijk voor hen, ze willen niet dat hier meerderheidsbeslissingen over gemaakt worden
- de Gaulle start “lege stoel politiek”: hij boycott de vergaderingen van de Raad van Ministers
→ hierdoor valt europese samenwerking stil, FR is het grootste land
- EXAMEN - akkoord van luxemburg: compromis met FR, eerder een “agreement to disagree”, men stelt
vast dat men verschillende standpunten heeft, maar men gaat dit verdere samenwerking niet laten beletten
- zie puntje B p 444: indien er heel gewichtige belangen op het spel staan, engageert men zich om
een oplossing te vinden en dus een compromis, ipv een stemming (de facto stapt men af van
meerderheidsstemming en gaat men over naar eenparigheid)

Jaren ‘70: economische crisis, de facto eenparigheidseis…
→ alles gaat heel traag doordat men geen meerderheidstemmingen meer houdt

1 januari 1973: toetreding Denemarken, Ierland en het Verenigd Koninkrijk (na 2 veto’s)

1 januari 1981: toetreding Griekenland

Jaren ‘80: Kohl, Mitterrand, Delors… → positieve dynamiek

1 januari 1986: toetreding Portugal en Spanje

17 en 28 februari 1986: Europese Akte (“interne markt” ipv “gemeenschappelijke markt”, QMV – ‘Europa 1992’)
= verdrag ondertekend dertig jaar na het verdrag van Rome, eerste verdrag, naast fusieverdrag, waarbij de
oorspronkelijke verdragen serieus worden aangepast
= verdrag waarmee het oorspronkelijke EEG na 30 jaar is aangepast geweest, om een ‘push’ te geven naar meer
samenwerking en een interne markt te creëren om zo te komen tot verdergaande economische samenwerking



2

,→ om die doelstelling te bereiken, ging men beslissen adhv een meerderheid
→ EXAMEN

Willie Brandt - slide 15:
= bondskanselier van DE: gaat op bezoek in Polen, zij hebben zeer veel geleden in WOII. Plots wanneer het niet
verwacht was, zakte hij op zijn knieën, dit heeft heel veel indruk gemaakt. Het werd gezien als iets dat aantoont dat
DE vergeving vraagt, door zich bescheiden en nederig op te stellen. 20 jaar later vindt ook effectief de uitbreiding
van Europa naar Oost-Europa plaats.

Slide 16
= president en bondskanselier herdenken de oorlog en slachtoffers. Het ‘handen vasthouden’ tussen beide
weerspiegelt de vereniging tussen DE en FR, op het einde van de jaren 80 valt dan ook de Berlijnse muur en eindigt
de koude oorlog

9 november 1989: Val Berlijnse Muur

Einde Koude Oorlog, eenmaking Duitsland,…

7 februari 1992: Verdrag betreffende de Europese Unie (EU-Verdrag, Maastricht)
= verdrag van maastricht
EXAMEN - inhoud:
- Nieuwe bevoegdheden en procedures, maar ook subsidiariteit (europa treedt op indien noodzakelijk)
- Economische en Monetaire Unie ( → euro, 1 januari 2002)
- Eén gemeenschappelijk dak (EU), met drie pijlers (CREATIE VAN EU!!!):
- Europese Gemeenschappen (EG; EGKS, Euratom)
- Gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid (GBVB): men ging voor het eerst
samenwerken op vlak buitenlands (veiligheids)beleid
- Samenwerking op het gebied van justitie en binnenlandse zaken (SJBZ)
- 1 Europees kader, maar 4 verdragen…

1 januari 1995: toetreding Oostenrijk, Finland en Zweden

2 oktober 1997: Verdrag van Amsterdam
- Nieuwe bevoegdheden en procedures
- Nauwere samenwerking
- “Ruimte van vrijheid, veiligheid en recht” (RVVR) in de eerste en de derde pijler
= herschikking derde pijler, krijgt een nieuwe naam, focus op strafrechtelijke samenwerking tussen LS
- Derde pijler: Politiële en justitiële samenwerking in strafzaken (PJSS)

26 februari 2001: Verdrag van Nice (institutionele hervorming in lichtvan nakende uitbreiding; Handvest van de
grondrechten van de EU)

1 januari 2002: invoering euromunten en -biljetten

23 juli 2002: EGKS-Verdrag verstrijkt en wordt niet verlengd (cf. brede toepassing EG-Verdrag)

1 mei 2004: toetreding Cyprus, Estland, Hongarije, Letland, Litouwen, Malta, Polen, Slovakije, Slovenië, Tsjechië




3

,29 oktober 2004: ondertekening Verdrag tot vaststelling van een Grondwet voor Europa (“Europese Grondwet”)
- in 2 landen negatieve referenda
→ grondwet gaat te ver, het wordt afgekeurd

Mei – juni 2005: verwerping Europese Grondwet door negatieve referenda in Frankrijk en Nederland

1 januari 2007: toetreding Bulgarije en Roemenië

13 december 2007: ondertekening Verdrag van Lissabon (inwerkingtreding 1 december 2009)
= wijzigingsverdrag: heeft de toen bestaande verdragen gewijzigd en sommige een andere naam
- Verdrag van Maastricht → inhoudelijke wijziging
- EEG → inhoudelijk wijziging en nieuwe naam ‘VWEU’
- Euratom verdrag

Het Verdrag van Lissabon - wijzigingen (zie o.a. art 1 VEU):
- Verdrag betreffende de Europese Unie (VEU) en Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie
(VWEU): twee Verdragen met dezelfde juridische waarde
- EU treedt in plaats van en is opvolgster van EG
- 1 organisatie: de EU (naast Euratom)
- Afschaffing pijlerstructuur
- Institutioneelrechtelijke vernieuwingen (permanente voorzitter Europese Raad; bijzondere tweeledige
positie Hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid;…)
- Handvest Grondrechten zelfde juridische waarde als de Verdragen

EXAMEN: wat is het belang van het verdrag van Lissabon of wat is het belang van het verdrag van Amsterdam?

1 juli 2013: Toetreding Kroatië

29 maart 2017: VK roept art. 50 VEU in na Brexit-referendum op 23 juni 2016

31 januari 2020: Brexit – einde lidmaatschap VK
- overgangsperiode tot 31 december 2020 en Handels- en samenwerkingsovereenkomstmet ingang van 1
januari 2021
- met ingang van 1 februari 2020 nog 27 LS (Bronnenboek p. 589 e.v.)

Verdere uitbreiding EU?
- 9 kandidaat-LS: Albanië, Bosnië en Herzegovina, Georgië, Moldavië, Montenegro, Noord-Macedonië,
Oekraïne, Servië, Turkije
→ concrete onderhandelingen over toetreding zijn bezig of liggen stil
- 1 potentiële kandidaat-LS: Kosovo
→ een land dat lid wil worden van de EU

Europese Politieke Gemeenschap

De Europese integratie: een succesverhaal…
1) Vrede (cf. Nobelprijs voor de Vrede, 2012) = grootste succes EU
2) Uitbreiding (van 6 → 28, – 1 = 27 Lidstaten (LS) na Brexit) - groei van aantal lidstaten



4

, - Oost-europa heeft zich enorm uitgebreid
3) Integratie (Art. 1 VEU: “proces van totstandbrenging van een steeds hechter verbond tussen de volkeren
van Europa”): steeds nauwere samenwerking doorheen de jaren
→ op heel veel vlakken is er veel meer nauwere en hechtere samenwerking
4) Constitutionalisering: daar waar we in het begin het idee hadden van een relatief technische samenwerking,
heeft het zich ontplooit naar een eerder systematisch geheel van waarden/beginselen waarover de europese
landen het eens zijn
→ vergelijkbaar met een nationale grondwet
5) Democratisering (sui generis democratisch model): aanvankelijk had het europees parlement een beperkte
rol, maar nu zijn er zelfs rechtstreeks verkiezingen en een evolutie naar een mede wetgevend orgaan ipv
een louter adviserend orgaan
= sui generis democratisch model: niet te vergelijken met een democratie in een lidstaat
→ landen hebben ook door hun toetreding een enorme sprong kunnen maken richting een
democratie bv. Griekenland
6) Modernisering, bv. Consumentenbescherming, milieubescherming, … : aanpassing aan nieuwe politieke
beleidsprioriteiten vertaalt zich in aanpassing van de Europese verdragen

→ Aparte cursus ‘Recht van de EU’:
bron in internationale verdragen maar “een nieuwe/eigen rechtsorde” die verschilt van een klassieke nationale
recht; actief op een heel breed domein; voortdurende dynamiek; supranationaal model ( ⇔
intergouvernementele samenwerking)…

HOOFDSTUK 2: HET UNIERECHT VANDAAG: overzicht en wegwijs - zelfstandig: zie boek



1. Het Unierecht vandaag: overzicht en wegwijs

Wat is het onderscheid tussen primair en secundair unierecht?

1) Primair unierecht

= belangrijkste unierecht; rechtsregels die door de lidstaten zelfs zijn gemaakt of die door hen de stempel hebben
gekregen alsof ze door hen zijn gemaakt, nl. Handvest Grondrecht, protocollen, verdragen

PROTOCOLLEN (38) - art 51 VEU
= integrerend deel bij de verdragen, maw ze hebben dezelfde waarden als de verdragen en vaak gaan ze over iets
specifiek
→ doel? ervoor zorgen dat verdragen zelf niet oneindig worden uitgebreid

2) Secundair unierecht

= recht gemaakt door de instellingen; moet altijd steunen op een rechtsbasis van het primaire recht
→ enkel geldig indien iovm primaire recht; HvJ kan bijgevolg overgaan tot nietigverklaring indien strijdigheid (niet
mogelijk bij primair recht!)

VERKLARING (65)




5

,= toevoeging aan verdragen, maar verschillen van protocollen in die zin dat ze een louter politieke waarde hebben
die niet binden zijn
= benadrukt wat men belangrijk vindt of wat er gaat gebeuren

2. Het Verdrag betreffende de Europese Unie (VEU)

Art. 1: Twee verdragen met zelfde juridische waarde; EU ipv EG
Art. 47: Rechtspersoonlijkheid van de EU
Art. 2: Waarden waarop de EU berust (voorwaarde voor toetreding obv art. 49 VEU en bewaakt door art. 7 VEU)
Art. 3: Doelstellingen van de EU
Art. 4: Verhouding EU-lidstaten
Art. 5: Bevoegdheidstoedeling en –uitoefening (subsidiariteit en evenredigheid)
Art. 6: Grondrechten (Handvest; EVRM; gemeenschappelijke constitutionele tradities LS)

Art. 9-12: Unieburgerschap en democratie in de EU
Art. 13-19: Kernbepalingen over de instellingen van de EU
Art. 20: Nauwere samenwerking (differentiatie)
Art. 21-46: Extern optreden, in het bijzonder het GBVB
Art. 48: Herziening van de Verdragen
Art. 49-50-52: Lidmaatschap en toepassingsgebied
Art. 51: Protocollen

3. Het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU)

Art. 2-6: Categorisering van bevoegdheden
Art. 7-17: Algemeen toepasselijke bepalingen
Art. 18-19: Verbod discriminatie op grond van nationaliteit en bestrijding discriminatie op andere gronden
Art. 20-25: Unieburgerschap
Art. 26-66: Interne markt (‘vier vrijheden’)
Art. 67-89: Ruimte van vrijheid, veiligheid en recht
Art. 101-109: Mededinging
Art. 110: Binnenlandse belastingen (‘fiscaal discriminatieverbod’)
Art. 114-118: Harmonisatie

Art. 119-144: EMU
Art. 145-197: Overig beleid en intern optreden EU
Art. 205-222: Extern optreden EU
Art. 223-309: Gedetailleerde institutionele bepalingen (7 instellingen, adviesorganen, EIB,
rechtshandelingen en procedures)
Art. 310-325: Financiële bepalingen
Art. 326-334: Nauwere samenwerking
Art. 335-358: Algemene en slotbepalingen (handelingsbevoegdheid en aansprakelijkheden; zetel; talen; voorrechten
en immuniteiten…)

4. Overige primaire bronnen

Handvest van de grondrechten van de Europese Unie
Zelfde juridische waarde als Verdragen (art. 6, lid 1, VEU)
NB: “Toelichtingen”: Bronnenboek p. 411


6

,38 Protocollen
Integrerend deel van de Verdragen (art. 51 VEU)

65 Verklaringen
Géén juridische, maar louter politieke waarde (Bronnenboek p. 365)

5. De EU en het Unierecht online

http://europa.eu
http://eur-lex.europa.eu (!!!)
http://www.europarl.europa.eu
http://www.consilium.europa.eu
https://ec.europa.eu
https://curia.europa.eu

HOOFDSTUK 3: FUNDAMENTELE BEGINSELEN VAN DE EU-RECHTSORDE



1. De EU is een autonome, constitutionele rechtsgemeenschap

A. EEN RECHTSGEMEENSCHAP

Art. 1, 2, 19 en 49 VEU en art. 47 Handvest:
een “unie beheerst door het recht” (arrest 227, Inuit), gegrond op twee Verdragen (art. 1 VEU) en berustend op o.m.
de waarde van de rechtsstaat (rule of law) (art. 2 VEU)
‘rule of law-rechtspraak’ (arresten 281, ASJP; 329, C/Polen)

2: rule of law

19: De hele EU functioneert enkel obv rechtsregels en niet op basis van bv. politieke macht, het gaat om rechtsregels
en niet om politieke krachtsverhoudingen
→ het komt toe aan het HvJ en de rechters van de lidstaten om, in samenwerking, de eerbiediging te
verzekeren van de rechtsorde van de Unie
bv. het is niet omdat de franse president veel politieke invloed heeft, dat hij zich niet moet houden aan de regels

49: de EU staat enkel open voor LS die de rule of law eerbiedigen en zich ertoe verbinden deze uit te dragen

HvJ: EU is een Unie die beheerst is door het recht - arrest 227 (p534 jurisprudentiebundel)
→ justitiabelen hebben het recht om tegen iedere beschikking of enigerlei andere nationale handeling waarmee
tav hen een handeling van de Unie wordt toegepast, in rechte op te komen en waarvan de instellingen niet
ontkomen aan het toezicht op de verenigbaarheid van hun handelingen met, inzonderheid, de Verdragen, de
algemene rechtsbeginselen en de grondrechten
Alinea 90-91: hof verwijst naar artikelen 19 en benadrukt dat de unie wordt beheerst door het recht

Recente evolutie: de laatste jaren heeft er zich heel wat belangrijk RS ontwikkeld van het HvJ om de rule of law te
doen naleven in de lidstaten, bv. arresten 281, ASJP (heel belangrijk arrest)



7

, - arresten 281, ASJP
- Context:
financiële crisis in EU waardoor Portugal heel wat besparingsmaatregelen neemt zoals de
loonsvermindering van overheidspersoneel en meer specifiek rechters. ASJP (= vakbond)
aanvaardt deze verlaging niet, want meent dat het loon verlagen van rechters afbreuk doet aan de
rechtsstaat in Portugal. De rechtbank verwijst de zaak door naar het Hof en vraagt of deze
loonsverlaging wel mag in het kader van het unierecht. Op het eerste zicht heeft de EU hier weinig
mee te maken, en het Hof oordeelt dat het unierecht dit niet verbiedt, maar het Hof bevestigt
hierbij wel dat het Europees recht hier iets over te zeggen heeft.
- Redenering Hof:
zie alinea 29, het hof verwijst naar artikel 19 en meent dat het een materiële werkingssfeer. Artikel
19 dat zegt dat er rechtsbescherming moet zijn, en dat dit geldt voor alle domeinen die vallen
onder toepassing van het unierecht, zelfs in die zaken waarin de rechter niet per se het unierecht
zou toepassen.
+ Artikel 19 moet samengelezen worden met artikel 2: het maakt samen concreet wat er
met de rule of law bedoeld wordt, nl. dat het rechterlijk toezicht toekomt zowel aan het
Hof als aan de rechters van lidstaten, zij moeten er beide over waken dat het recht wordt
toegepast. Het komt de lidstaten toe de toepassing van het unierecht op hun grondgebied
te waarborgen en hiervoor rechtsbescherming te voorzien.
Alinea 35: beginsel van de daadwerkelijke rechtsbescherming, eenieder heeft recht op
bescherming van de rechter
= algemeen beginsel van Unierecht, inherent aan het bestaan van een rechtsstaat
Alinea 37: elke lidstaat moet verzekeren en alle rechterlijke instantie die optreden onder het
unierecht moeten voldoen aan het beginsel van daadwerkelijke rechtsbescherming
Alinea 39: “kunnen” - het portugees rekenhof KAN geconfronteerd worden met zaken van het
europees recht en dus uitspraak kan doen op domein van het unierecht.
Alinea 40: alle rechters die potentieel met het unierecht in contact kunnen komen, zijn instanties
die optreden onder recht van de EU en bijgevolg moeten voldoen aan de daadwerkelijke
rechtsbescherming zoals bepaalt in artikel 19
- Besluit: artikel 19 verzet zich niet tegen de besparingsmaatregelen

Het beginsel van daadwerkelijke rechtsbescherming (art. 6 en 13 EVRM)
= algemeen beginsel van het Unierecht dat uit de gemeenschappelijk constitutionele tradities van lidstaten
voortvloeit
- art 19, lid 1, tweede alinea VEU: alle rechterlijke instantie die uitspraak kunnen doen over de toepassingen
en uitlegging het Unierecht moeten voldoen aan de vereisten van daadwerkelijke rechtsbescherming
- Art 47 handvest: onafhankelijkheid is essentieel om daadwerkelijke rechtsbescherming te bieden
- waarborgen voor onafhankelijkheid en onpartijdigheid: samenstelling van het orgaan, de
benoeming, de ambtstermijn, …
- + rechters mogen zich niet laten beïnvloeden door externe factoren

47: recht op een eerlijk proces en een onpartijdige rechter (=daadwerkelijke rechtsbescherming)

3-traps redenering van HvJ
- het Hof start bij artikel 2, rule of law
- Verwijst vervolgens naar artikel 19 die dit concretiseert in de zin van de daadwerkelijk rechtsbescherming
- Wat is die daadwerkelijke rechtsbescherming? Hiervoor verwijst het Hof naar artikel 47 (recht op een
eerlijk proces en een onpartijdige rechter)



8

,Resultaat: er waren een aantal politieke ontwikkelingen bezig die toen de rule of law onder druk zette, bv.
Wetswijzigingen in Polen waardoor Polen haar greep op de rechter wou versterken en de onpartijdigheid van de
rechters wou verzwakken. Aanvankelijk ging men ervan uit dat Polen dit gewoon mocht doen, maar met het ASJP
arrest worden deze mogelijkheden beperkt op grond van artikel 19, want alle rechtbanken die optreden onder het
recht aan de EU moeten voldoen aan het beginsel van de daadwerkelijke rechtsbescherming. Na het ASJP arrest zijn
er heel wat zaken gestart waarbij de Commissie heel wat staten voor het Hof heeft gedaagd wegens schending van
de rule of law.
→ de sleutel was gevonden om alle lidstaten eraan te houden de Rule of Law te respecteren

Voorbeeld: 329, C/Polen
Polen schendt artikel 19 omdat ze het tuchtregime heeft aangepast, er zouden tuchtmaatregelen kunnen worden
genomen tegen rechters voor bepaalde uitspraken, dit is geen waarborg van onpartijdigheid en onafhankelijkheid.
Commissie meent dat dit regime de onafhankelijkheid van de rechters onder druk stelt.
+ het niet waarborgen van de redelijke termijn bij tuchtzaken tegen rechters
+ Het toestaan dat de inhoud van rechterlijke beslissingen van rechters van de gewone rechterlijke instanties
kan worden gekwalificeerd als een tuchtrechtelijk vergrijp

Art. 344 VWEU: Als er een geschil is tussen de lidstaten, moeten ze het oplossen volgens de rechtsregels en niet
volgens politieke kracht. Een geschil betreffende de toepassing of de uitlegging van de Verdragen mag niet op een
andere wijze beslecht worden dan in de verdragen voorgeschreven.

B. EEN CONSTITUTIONELE RECHTSGEMEENSCHAP

EU
= Een fundamenteel, constitutioneelrechtelijk kader van waarden, beginselen en doelstellingen

Arresten 53, Les Verts; 303, Wightman

23 april 1986: paragraaf 23 arrest Les Verts heeft het Hof die grondwettelijke kwalificatie reeds
geïntroduceerd
- Context:
Les Verts is niet tevreden met de financiering van de verkiezingscampagnes en stapt hiervoor naar het
Europees Parlement, maar het Parlement wijst op het EEG verdrag waarin vermeld staat dat het Parlement
een louter adviserende rol heeft en hun besluiten dus niet kunnen worden aangevochten. Les Verts meent
dat ze toch worden benadeeld. Het Hof spreekt van het “constitutionele handvest”. Het Hof meent dat
rechtstreeks beroep moet openstaan tegen beslissingen van het Parlement, ook al staat het niet
uitdrukkelijk, want dit zou leiden tot een resultaat dat in strijd is met de geest van het EEG verdrag. Een
juridisch bindende handeling van het parlement mag niet ontsnappen aan toezicht, het beroep van Les Verts
is maw ontvankelijk.
→ Hof kwalificeert de toenmalige EEG als “een rechtsgemeenschap”
- Let op! Tekst van verdrag is vandaag de dag wel gewijzigd en benadrukt dat ook de handeling van het
Parlement kunnen worden aangevochten voor het Hof

Let op! Bij de oudere arresten vind je bovenaan welke artikelen zijn veranderd van nummering

C. EEN AUTONOME RECHTSGEMEENSCHAP




9

, Een “nieuwe rechtsorde” in het internationaal recht tot stand gebracht door de verdragen, gekenmerkt door voorrang
en rechtstreekse werking (verschillend van het ander internationaal recht) (alinea 44)
→ een “autonoom karakter” (arrest 303, Wightman) (alinea 45)

arrest 303, Wightman
Context: arrest over brexit en of het VK kon terugkomen op zijn beslissing om uit de EU te stappen. In de eerste
twee alinea’s gaat het over autonomie: autonomie van het unierecht is gerechtvaardigd op grond van hun specifieke
kenmerken, het vindt zijn oorsprong in een autonome rechtsbron en het heeft rechtstreekse werking. Het Hof zegt
dat de rechtsorde van de Unie een “nieuwe” rechtsorde is, dit blijkt vooral uit de voorrang en de rechtstreekse
werking.

Teleologische (= doelgerichte) ipv letterlijke interpretatie

Rechtstreekse werking, voorrang en autonomie (zie volgende slides)

a. rechtstreekse werking van het Unierecht

Arrest 3, Van Gend & Loos (1963) ( → voorwaarden van duidelijkheid - onvoorwaardelijkheid -
onafhankelijkheid van discretionaire uitvoeringsmaatregelen/geen beleidsvrijheid)
- Context:
dispuut begin jaren 60 tussen een Nederlandse transportfirma die een bepaalde chemische substantie van
Duitsland naar Nederland transporteert. Binnen de EU zijn tarieven (in- en uitvoerrechten) verboden, dit
verbod is geleidelijk aan ingevoerd en de eerste stap was het verbod op verhoging van die invoerrechten.
Aan de grens moeten ze invoerrechten betalen die verhoogd zijn geweest, na de inwerkingtreding van het
verdrag. Van Gend en Loos vraagt het bedrag terug dat ze te veel hebben betaald aan de rechter en meent
dat Nederland zich dus niet aan zijn verplichtingen heeft gehouden, ze beroepen zich dus rechtstreeks op
een verdragsbepaling voor de Nederlandse rechter. Nu is de vraag: kan dit wel als een private partij? De
nederlandse en belgische regering komen tussen en betwisten de bevoegdheid van het Hof (eerste alinea),
ze zeggen dat het niet aan de EU is om te beslissen over de doorwerking van de verdragen maar aan de
overheid van de lidstaat zelf. Het Hof meent wel dat zij bevoegd zijn omdat het volgens hun gaat om een
interpretatie van artikel 12. Wat is nu de inroepbaarheid van artikel 12 door Van Gend en Loos? Heeft het
onmiddellijk/rechtstreekse werking of niet? Hierbij zegt het Hof dat we moeten gaan kijken naar de geest
en de doelstelling van het verdrag, want in het verdrag zelf staat niet over de rechtstreekse werking. Het
Hof past maw een teleologische interpretatie toen en meent dat waar het verdrag spreekt voor een plicht
voor de lidstaten, dit een recht is voor de particulieren. Van Gend en Loos mag zich dus rechtstreeks
beroepen op artikel 12 en moet niet wachten tot Nederland dergelijke wetgeving voorziet.
- Kritiek op het Hof:
HvJ gaat zijn boekje te buiten, maar Hof verwijst naar de geest en de doelstelling van de verdragen. Als we
een vrij verkeer willen creëren en meer willen integreren moeten die middelen ook gegeven worden en mag
met niet alles laten afhangen van de bereidheid van de lidstaten
- Conclusie: het europees recht is inroepbaar voor de nationale rechtbanken

voorwaarden voor rechtstreekse werking: duidelijkheid - onvoorwaardelijkheid - onafhankelijkheid van
discretionaire uitvoeringsmaatregelen/geen beleidsvrijheid

Concreet: particulieren en ondernemingen kunnen zich voor de nationale rechtbanken rechtstreeks beroepen op het
Unierecht en zijn bijgevolg niet afhankelijk van de Goodwill van de lidstaten om Unierecht correct toe te passen.




10

Libro relacionado

Escuela, estudio y materia

Institución
Estudio
Grado

Información del documento

¿Un libro?
Subido en
23 de mayo de 2026
Número de páginas
160
Escrito en
2025/2026
Tipo
RESUMEN

Temas

$12.56
Accede al documento completo:

¿Documento equivocado? Cámbialo gratis Dentro de los 14 días posteriores a la compra y antes de descargarlo, puedes elegir otro documento. Puedes gastar el importe de nuevo.
Escrito por estudiantes que aprobaron
Inmediatamente disponible después del pago
Leer en línea o como PDF

Conoce al vendedor

Seller avatar
Los indicadores de reputación están sujetos a la cantidad de artículos vendidos por una tarifa y las reseñas que ha recibido por esos documentos. Hay tres niveles: Bronce, Plata y Oro. Cuanto mayor reputación, más podrás confiar en la calidad del trabajo del vendedor.
Svetlana444 Universiteit Antwerpen
Seguir Necesitas iniciar sesión para seguir a otros usuarios o asignaturas
Vendido
48
Miembro desde
1 año
Número de seguidores
2
Documentos
9
Última venta
2 semanas hace

5.0

4 reseñas

5
4
4
0
3
0
2
0
1
0

Por qué los estudiantes eligen Stuvia

Creado por compañeros estudiantes, verificado por reseñas

Calidad en la que puedes confiar: escrito por estudiantes que aprobaron y evaluado por otros que han usado estos resúmenes.

¿No estás satisfecho? Elige otro documento

¡No te preocupes! Puedes elegir directamente otro documento que se ajuste mejor a lo que buscas.

Paga como quieras, empieza a estudiar al instante

Sin suscripción, sin compromisos. Paga como estés acostumbrado con tarjeta de crédito y descarga tu documento PDF inmediatamente.

Student with book image

“Comprado, descargado y aprobado. Así de fácil puede ser.”

Alisha Student

Preguntas frecuentes