Module beginselen van de kiné – WPO – Semester 2
Introdcutiecollege – Zachte weefseltechnieken
1.1 Definitie zachte weefseltechnieken
Een mechanische stimulatie van weefsels door gebruik te maken van ritmische toegepaste druk en stretching
1.2 Handgrepen
EFFLEURAGE
Het heen en terugverplaatsen met beide handen, 1 hand of onderdelen van de hand over de huid met een
soepele continue beweging
Dempende techniek = ontspanning
Tussendoor = om tot ontspannen toestand te brengen
Einde = beloning
Druk in de richting van het hart
Stimuleert het parasympatisch zenuwstelsel
Roept de onstpanningsreactie op
Verbeterd de veneuze terugvloei
Met tussenstof
PETRISSAGE
Het optillen, wringen of knijpen van zachte weefsels in een knedende beweging of drukken of rollen van de
weefsels onder of tussen de handen
Mobiliserend
Volgend op een effleurage
Voor of na een passieve mobilisatieoefening
Verhogen van lokale diepe bloedcirculatie
Aanvoeren van bouwstoffen en afvoeren van afvalstoffen kan genezingsproces ondersteunen
Verbeterd de veneuze tergvloei
Geen tussenstof gebruiken
FRICTIES – CYRIAX
Een nauwkeurige geleefde doordringende druk die via de
vingertoppen wordt uitgedrukt
Voor specifieke doeleinden
Meestal bij adhesie van spier of peesweefsel of littekenweefsel
Soms wordt de diepe of lokale circulatie verhoogd en bijgevolg verbeterd het weefselmetabolisme
Pijndempende effecten => vrijkomen endorfine
Worden vaak als pijnlijk ervaren
Richting = dwars op het weefsel (Hier dwars op de patellapees)
Geen tussenstof
1
, Vingertoppen terplaatste en wrijven niet over de huid heen
Belangrijk om te weten wanneer wel en niet gebruiken
Linken met contra indicaties
Behandelen spierspasme
Verbreken verklevingen van oude verwondingen
Agressieve techniek
In de acute fase van een letsel = pijnlijk, kunnen meer schade veroorzaken
Meestal toegepast in meer chronische fase of verder in het genezingsproces
TAPPOTAGES
Met verschillende delen van het hand snel en repitief op het weefsel slaan
Naar het einde van de behandeling
Ifv de sportbeoefening (voor of na)
Stimuleert de weefsels door directe mechansche kracht of door reflexwerking
Kloppingen = dwars
Hakkingen = lengte
1.3 Verwachte effecten van ZWT
ZWT
Werkt op korte termijn beter dan de inactieve interventie
Kent geen langetermijneffecten
Levert op korte termijn voordelen ten opzichte van actieve controle
(evidentie is te laag om duidelijke conclusies te trekken)
Bij chronische patiënten heeft het betrekking op pijn maar niet bij functioneren
SPORTMASSAGE
Geen significante verbetering Ifv de sportprestaties
Wel verbeteringen in vermindering of voorkomen van DOMS
o DOMS = verlate spierpijn (delayed onset muscle soreness) = pijnlijk gevoel in de spieren na
intensieve inspanning = spierkoorts = pijn begint dag na activiteit maat piek meestal dag na
activiteiten
Invloed op flexibiliteit
FIBROMYALGIE
2
, = chronische, wijdverspreide pijnstoornis die geassocieerd wordt met vermoeidheid, slaapstoornissen,
overgevoeligheid, stijfheid en stemmingsstoornissen
Gemiddeld effect van myofasciale release op
o Pijn
o Vermoeidheid
o Depressie
o Stijfheid
o Angst
o Levenskwaliteit (gezondheidsgerelateerd)
Positieve effecten
o Gevonden effect eerder op korte termijn
o Verbetert de levenskwaliteit van de patiënt
o Vooral effect bij subjectieve factoren op korte termijn
o Geen effect bij objectief waarneembare variabelen
1.4 Contra-indicaties
Koorts (verhoogde stofwisseling)
o Doormiddel van massage kan je de koortsreactie alleen maar erger maken
Ontstekingen
o Reactie van een lichaam om een probleem op te lossen => ontstoken gebeid niet masseren, wel
andere delen
o Je kan het alleen maar ergert maken
Specifieke infectieziekten
Tumoren
o RODE VLAG
o PT doorverwijzen naar arts
Open wonden
Niet-geconsolideerde fracturen
Huidaandoeningen
o Besmetting voor PT en jezelf voorkomen
Hemofilie (makkelijk bloedingen)
o Masseren kan bloedingen veroorzaken
Algemene malaise
Trombose en vaatverwonding (spataders = relatief)
o In het been = wel masseren in de rug
o In overleg met arts
Ulcera, maag- en darmklachten
3
Introdcutiecollege – Zachte weefseltechnieken
1.1 Definitie zachte weefseltechnieken
Een mechanische stimulatie van weefsels door gebruik te maken van ritmische toegepaste druk en stretching
1.2 Handgrepen
EFFLEURAGE
Het heen en terugverplaatsen met beide handen, 1 hand of onderdelen van de hand over de huid met een
soepele continue beweging
Dempende techniek = ontspanning
Tussendoor = om tot ontspannen toestand te brengen
Einde = beloning
Druk in de richting van het hart
Stimuleert het parasympatisch zenuwstelsel
Roept de onstpanningsreactie op
Verbeterd de veneuze terugvloei
Met tussenstof
PETRISSAGE
Het optillen, wringen of knijpen van zachte weefsels in een knedende beweging of drukken of rollen van de
weefsels onder of tussen de handen
Mobiliserend
Volgend op een effleurage
Voor of na een passieve mobilisatieoefening
Verhogen van lokale diepe bloedcirculatie
Aanvoeren van bouwstoffen en afvoeren van afvalstoffen kan genezingsproces ondersteunen
Verbeterd de veneuze tergvloei
Geen tussenstof gebruiken
FRICTIES – CYRIAX
Een nauwkeurige geleefde doordringende druk die via de
vingertoppen wordt uitgedrukt
Voor specifieke doeleinden
Meestal bij adhesie van spier of peesweefsel of littekenweefsel
Soms wordt de diepe of lokale circulatie verhoogd en bijgevolg verbeterd het weefselmetabolisme
Pijndempende effecten => vrijkomen endorfine
Worden vaak als pijnlijk ervaren
Richting = dwars op het weefsel (Hier dwars op de patellapees)
Geen tussenstof
1
, Vingertoppen terplaatste en wrijven niet over de huid heen
Belangrijk om te weten wanneer wel en niet gebruiken
Linken met contra indicaties
Behandelen spierspasme
Verbreken verklevingen van oude verwondingen
Agressieve techniek
In de acute fase van een letsel = pijnlijk, kunnen meer schade veroorzaken
Meestal toegepast in meer chronische fase of verder in het genezingsproces
TAPPOTAGES
Met verschillende delen van het hand snel en repitief op het weefsel slaan
Naar het einde van de behandeling
Ifv de sportbeoefening (voor of na)
Stimuleert de weefsels door directe mechansche kracht of door reflexwerking
Kloppingen = dwars
Hakkingen = lengte
1.3 Verwachte effecten van ZWT
ZWT
Werkt op korte termijn beter dan de inactieve interventie
Kent geen langetermijneffecten
Levert op korte termijn voordelen ten opzichte van actieve controle
(evidentie is te laag om duidelijke conclusies te trekken)
Bij chronische patiënten heeft het betrekking op pijn maar niet bij functioneren
SPORTMASSAGE
Geen significante verbetering Ifv de sportprestaties
Wel verbeteringen in vermindering of voorkomen van DOMS
o DOMS = verlate spierpijn (delayed onset muscle soreness) = pijnlijk gevoel in de spieren na
intensieve inspanning = spierkoorts = pijn begint dag na activiteit maat piek meestal dag na
activiteiten
Invloed op flexibiliteit
FIBROMYALGIE
2
, = chronische, wijdverspreide pijnstoornis die geassocieerd wordt met vermoeidheid, slaapstoornissen,
overgevoeligheid, stijfheid en stemmingsstoornissen
Gemiddeld effect van myofasciale release op
o Pijn
o Vermoeidheid
o Depressie
o Stijfheid
o Angst
o Levenskwaliteit (gezondheidsgerelateerd)
Positieve effecten
o Gevonden effect eerder op korte termijn
o Verbetert de levenskwaliteit van de patiënt
o Vooral effect bij subjectieve factoren op korte termijn
o Geen effect bij objectief waarneembare variabelen
1.4 Contra-indicaties
Koorts (verhoogde stofwisseling)
o Doormiddel van massage kan je de koortsreactie alleen maar erger maken
Ontstekingen
o Reactie van een lichaam om een probleem op te lossen => ontstoken gebeid niet masseren, wel
andere delen
o Je kan het alleen maar ergert maken
Specifieke infectieziekten
Tumoren
o RODE VLAG
o PT doorverwijzen naar arts
Open wonden
Niet-geconsolideerde fracturen
Huidaandoeningen
o Besmetting voor PT en jezelf voorkomen
Hemofilie (makkelijk bloedingen)
o Masseren kan bloedingen veroorzaken
Algemene malaise
Trombose en vaatverwonding (spataders = relatief)
o In het been = wel masseren in de rug
o In overleg met arts
Ulcera, maag- en darmklachten
3