Hoofdstuk 8
Cultuur/ referentiekader hebben we zonder het te beseffen
8.1 Door de ogen van anderen
Wat dat wij mooi/ aantrekkelijk vinden is n iets individueel maar omdat historisch
gezien onze samenleving steeds andere vormen aan neemt ook op vlak van
schoonheidsidealen. (Je smaak is niet alleen van jou hij is gevormd door cultuur, tijd
en geschiedenis.)
Onze ideeën over schoonheid zijn niet aangeboren of persoonlijk, maar sociaal en
historisch gevormd.
Wat mooi is, verandert wanneer de samenleving verandert.
Bv: 17e eeuw: voller lichaam = aantrekkelijk en nu: slank en fit = ideaal
Mohanty: (antropologe: kijken naar de samenleving)
Hoe je naar de wereld kijkt, is super hard gevormd door uw culturele
referentiekader
Belang van haar werk: door welke ogen we kijken is fundamenteel gekleurd door onze
cultuur
Ze onderzoekt hoe we naar de wereld kijken en toont dat ons wereldbeeld sterk
beïnvloed wordt door onze eigen cultuur, waarden, geschiedenis en positie. Je
denkt dat je neutraal kijkt, maar eigenlijk kijk je door een cultureel gekleurde bril.
M ohanty: Under w estern eyes:
verzet tegen de ‘3 e w ereld
vrouw ’
A lsof ze een object is, speelbal van
instellingen
A lsof ze im m atuur is en opgeleid m oet
w orden
A lsof ze tot een hom ogene groep behoort
m et g elijke noden
A lsof ontw ikkelingsw erk de gelijkheid
brengt
- Cultuur wijst op het geheel van betekenisgevingen (is verbonden met tijd en
ruimte waar je woont)
- Cultuur: immaterieel
Hoe we vieren, werken, ruzie maken, relaties aanknopen, studeren, samen
wonen, roddelen, onze ruimtelijke ordening: Hoe we sociaal handelen. (alles wat
we doen = cultuur)
, 8.2 Waarvoor staat cultuur?
Cultuur = ‘verzelfstandigd’: het begrip is losgekomen van zijn oorspronkelijke
betekenis en heeft een eigen leven gekregen. (vroeger betekende het: iets dat je
bewerkt/ verbetert)
Sociologen en antropologen gebruiken ‘cultuur’ als the whole way of life = De
volledige manier waarop mensen leven. Dus n alleen kunst of hoge cultuur, maar ook
alledaagse gewoontes. (eetgewoontes, slaapgewoontes, …)
Sociologen: cultuur = immaterieel
Niet alle sociologen zijn het erover eens: Cultuur: immaterieel ↔ materieel
Voorwerpen worden pas relevent voor sociologen als ze symbolische geladen worden
door cultuur. bv: regenboogvlag heeft nu hele andere betekenis dan 50 jaar geleden,
witte lap = symbool van overgave
Bourdieu: cultuur is ook materieel
Onderscheid tussen geobjectiveerd, geïnstitutionaliseerd en geïncorporeerd cultureel
kapitaal
- cultureel kapitaal (waarden, normen, …) = culturele rijkdom
geobjectiveerd cultureel kapitaal = cultuurgoederen (schilderijen, boeken,
muziekinstrumenten, …) het kan direct doorgegeven worden, maar enkel de objecten
en niet hoe er mee omgegaan wordt
geïncorporeerd cultureel kapitaal = wordt opgebouwd tijdens levenslang
socialisatieproces en leidt tot bildung = opvoeden tot een gecultiveerd
persoon (hebben wordt zijn je hebt geen cultureel kapitaal maar je bent het)
(ideeën, waarden, normen,…)
Geïnstitutionaliseerd cultureel kapitaal = garantie naar de buitenwereld/
garantie van aanwezigheid vh cultureel kapitaal en nieuwe eigenschappen
zo worden personen makkelijker vergeleken en zelfs inwisselbaar (rijbewijs, diploma,
…) formeel afhankelijk van de persoon van hun drager
DUS cultuur ontkend het materiële niet: mensen eten, drinken, kleden zich, … MAAR
dat gebeurt op uiteenlopende manieren (n alles wat eetbaar is komt in onze
cultuur op tafel of n alles wat beschutting biedt wordt bewoond) culturele
verscheidenheid (in elke samenleving)
Ook hoe we omgaan met de dood = cultureel bepaald
Culinaire cultuur vertelt over de aard van een samenleving: wat we eten is cultureel
bepaald
Relatieve autonomie = dat onze waarden en normen niet altijd parallel lopen met de
feitelijke ontwikkeling vd samenleving. Bv: houding tegenover sterven id huidige
maatschappij mensen leven langer, zieken afgezonderd in ziekenhuis, ouderen in
woonzorgcentrum, … daardoor behoort sterven n meer tot het leven van alledag
Cultuur/ referentiekader hebben we zonder het te beseffen
8.1 Door de ogen van anderen
Wat dat wij mooi/ aantrekkelijk vinden is n iets individueel maar omdat historisch
gezien onze samenleving steeds andere vormen aan neemt ook op vlak van
schoonheidsidealen. (Je smaak is niet alleen van jou hij is gevormd door cultuur, tijd
en geschiedenis.)
Onze ideeën over schoonheid zijn niet aangeboren of persoonlijk, maar sociaal en
historisch gevormd.
Wat mooi is, verandert wanneer de samenleving verandert.
Bv: 17e eeuw: voller lichaam = aantrekkelijk en nu: slank en fit = ideaal
Mohanty: (antropologe: kijken naar de samenleving)
Hoe je naar de wereld kijkt, is super hard gevormd door uw culturele
referentiekader
Belang van haar werk: door welke ogen we kijken is fundamenteel gekleurd door onze
cultuur
Ze onderzoekt hoe we naar de wereld kijken en toont dat ons wereldbeeld sterk
beïnvloed wordt door onze eigen cultuur, waarden, geschiedenis en positie. Je
denkt dat je neutraal kijkt, maar eigenlijk kijk je door een cultureel gekleurde bril.
M ohanty: Under w estern eyes:
verzet tegen de ‘3 e w ereld
vrouw ’
A lsof ze een object is, speelbal van
instellingen
A lsof ze im m atuur is en opgeleid m oet
w orden
A lsof ze tot een hom ogene groep behoort
m et g elijke noden
A lsof ontw ikkelingsw erk de gelijkheid
brengt
- Cultuur wijst op het geheel van betekenisgevingen (is verbonden met tijd en
ruimte waar je woont)
- Cultuur: immaterieel
Hoe we vieren, werken, ruzie maken, relaties aanknopen, studeren, samen
wonen, roddelen, onze ruimtelijke ordening: Hoe we sociaal handelen. (alles wat
we doen = cultuur)
, 8.2 Waarvoor staat cultuur?
Cultuur = ‘verzelfstandigd’: het begrip is losgekomen van zijn oorspronkelijke
betekenis en heeft een eigen leven gekregen. (vroeger betekende het: iets dat je
bewerkt/ verbetert)
Sociologen en antropologen gebruiken ‘cultuur’ als the whole way of life = De
volledige manier waarop mensen leven. Dus n alleen kunst of hoge cultuur, maar ook
alledaagse gewoontes. (eetgewoontes, slaapgewoontes, …)
Sociologen: cultuur = immaterieel
Niet alle sociologen zijn het erover eens: Cultuur: immaterieel ↔ materieel
Voorwerpen worden pas relevent voor sociologen als ze symbolische geladen worden
door cultuur. bv: regenboogvlag heeft nu hele andere betekenis dan 50 jaar geleden,
witte lap = symbool van overgave
Bourdieu: cultuur is ook materieel
Onderscheid tussen geobjectiveerd, geïnstitutionaliseerd en geïncorporeerd cultureel
kapitaal
- cultureel kapitaal (waarden, normen, …) = culturele rijkdom
geobjectiveerd cultureel kapitaal = cultuurgoederen (schilderijen, boeken,
muziekinstrumenten, …) het kan direct doorgegeven worden, maar enkel de objecten
en niet hoe er mee omgegaan wordt
geïncorporeerd cultureel kapitaal = wordt opgebouwd tijdens levenslang
socialisatieproces en leidt tot bildung = opvoeden tot een gecultiveerd
persoon (hebben wordt zijn je hebt geen cultureel kapitaal maar je bent het)
(ideeën, waarden, normen,…)
Geïnstitutionaliseerd cultureel kapitaal = garantie naar de buitenwereld/
garantie van aanwezigheid vh cultureel kapitaal en nieuwe eigenschappen
zo worden personen makkelijker vergeleken en zelfs inwisselbaar (rijbewijs, diploma,
…) formeel afhankelijk van de persoon van hun drager
DUS cultuur ontkend het materiële niet: mensen eten, drinken, kleden zich, … MAAR
dat gebeurt op uiteenlopende manieren (n alles wat eetbaar is komt in onze
cultuur op tafel of n alles wat beschutting biedt wordt bewoond) culturele
verscheidenheid (in elke samenleving)
Ook hoe we omgaan met de dood = cultureel bepaald
Culinaire cultuur vertelt over de aard van een samenleving: wat we eten is cultureel
bepaald
Relatieve autonomie = dat onze waarden en normen niet altijd parallel lopen met de
feitelijke ontwikkeling vd samenleving. Bv: houding tegenover sterven id huidige
maatschappij mensen leven langer, zieken afgezonderd in ziekenhuis, ouderen in
woonzorgcentrum, … daardoor behoort sterven n meer tot het leven van alledag