H16: Geluid
16.1 Eigenschappen geluid
Volume: verwijst naar intensiteit
(amplitude)
Toonhoogte: verwijst naar de frequentie
Hoorbare bereik: 20 Hz tot 20 000 Hz
16.2 wiskundige uitdrukking van longitudinale golven
We kunnen geluidsgolven beschrijven in termen van
D: verplaatsing molecule t.o.v.
evenwichtsstand
D = A sin( kx - t)
bewijs: zie handboek (niet kennen)
P = -Pm cos(kx - t)
P: afwijking t.o.v. normale
(atmosfeerdruk)druk
Pm = 2 vAf
16-3 Intensiteit van het geluid: decibel
Geluidsdrempel I0 : 10-12 W/m² → 0 dB
Pijngrens: 1 W/m2 → 120 dB
• Zeer groot schaalbereik
• Wat wij als volume ervaren is niet recht evenredig met intensiteit
Daarom invoeren van geluidssterkte :
Enkele kenmerken dB schaal
1
, 16.4 Geluidsbronnen: trillende snaren
• Slechts een aantal frequenties zijn stabiel
• frequenties boventonen zijn veelvouden van
…frequenties grondtoon
• bij aanslaan snaar worden grondtoon en een
aantal
…boventonen geactiveerd
• toonhoogte wordt bepaald door frequentie
van
…grondtoon (verklaring, zie volgende dia)
De frequentie van de resulterende
golfvorm
wordt bepaald door frequentie van
grondtoon
de toonhoogte (frequentie van
resulterende
golfvorm) wordt bepaald door de
frequentie
van de grondtoon
16.4 Blaasinstrumenten: open/gesloten uiteinde
2