Toepassingsgebied van het arbeidsrecht
Sociaal recht:
Arbeidsrecht: relatie tussen WN en WG die een AOK aangaan en loon
krijgen
Sociale zekerheidsrecht: beschermen van mensen tegen bepaalde risico’s
die ze zelf niet in hun onderhoud kunnen voorzien
o Pensioenen
o Ziekte uitkering
o Werkloosheidsuitkering
Zelf niet in staat om eigen inkomsten te voorzien
Hoe financiert SZ-bijdragen: de bedragen → door loon WN, dit wordt afgehouden
van hun loon
Waarborgen zijn hetzelfde tussen WN en WG maar details zijn anders omdat de
stelsels anders worden gefinancierd en van elkaar verschillen op vlak van
toepassing
Arbeidsrechtelijk statuut bepaald ook sociaal zekerheidsstatuut
Arbeidsrecht: waarom, voor wie, wat en waar?
Waarom arbeidsrecht?
o 19e eeuw: nauwelijks reglementering – repressief
o contractuele vrijheid = wet van vraag en aanbod zegeviert
o sociale uitbuiting en sociale uitsluiting
o 1886: sociale onrust
o vanaf dan: eerste arbeidswetgeving (vrouwen en kinderen,
nachtarbeid, individuele arbeidsovereenkomst,…
Eerste functie arbeidsrecht = beschermende functie door contractsvrijheid
sociaal te corrigeren
Arbeidsrelatie wordt onderworpen aan de principes van BW en de economie →
partijen die contract sluiten werden als gelijk gezien
Partijen zijn niet gelijk aan elkaar (WG geeft werk en WN is afhankelijk van
dat werk, tussen hun bestaat er een economische wanverhouding. Ene
heeft sterkere economische status dan de andere, bv:
o Als er geen arbeidsrecht zou zijn en ik ben een WG (fabriek en heb
kapitaal) en WN hebben geen kapitaal om op terug te vallen er is
geen arbeidsrecht
o WG heeft ons allemaal niet nodig maar wel 30 van de 120
o Wij hebben werk nodig, hij heeft werk in aanbieding en hij geeft 5/u
→ niet veel mensen gaan dat willen doen
o werkaanbod is schaars en wij moeten in ons inkomen voorzien maar
er is geen sociaal zekerheidsrecht
o moeten onze kinderen onderhouden, week 1 gaat niemand iets
doen, week 2 gaat er honger zijn en gezaag vd kinderen aantal
gaan beginnen werken omdat ze geld nodig hebben en week 3
betaalt de rest minder en de 5/u is wel meer dan de concurrentie die
1
, aan die 30 man gaat hij komen en de rest vd bevolking gaat
aankloppen om toch te werken
- werkaanbod is groter dan vraag dus hij kan zijn prijs verlagen
omdat mensen toch blijven willen werken en zo ontstaat
uitbuiting prijs blijft dalen maar mensen hebben geld nodig
dus gaan blijven werken
- Was vroeger zo en mensen moesten ook meer dan 10u per
dag werken en niet ⅞ zoals vandaag is vastgesteld → leid tot
sociale uitbuiting en uitsluiting bv de jongste, gezondste,
mensen die niet snel zwanger zullen worden etc
- Er is geen sociale zekerheid dus ook geen vangnet
Er komt ondergrens waar men best niet ondergaan want dan komen mensen in
opstand (1886)
Arbeidsrecht – 1e wetgeving
Eerste wetgeving over vrouwen en kinderarbeid
Arbeidsduur niet meer dan 12u per dag
Rusttijd voor kinderen onder de 16
Komt ook wetgeving over arbeidsduur en de lonen
Eerste sociale wetgeving was officieel document voor elke vaste arbeider
(werkman), gegevens kwaliteiten en gebreken repressief karakter was
bedoeld om mensen te beschermen en het werk te vergemakkelijken maar had
ook keerzijde en kon tegen hun gebruikt worden
Gestage ontwikkeling van arbeidsrecht en socialezekerheidsrecht leidt
tot vrij chaotische puzzel van sociaal recht
Doel:
Beschermen vd belangen vd WN en sociaal verzekerden
Het bevorderen van welzijn
beschermingsniveau
o Loonbeschermingswet
o Wet op het arbeidsreglement
o Wet op de arbeidsovereenkomsten
socialeverzekeringswetten
o Wet arbeidsongevallen
- Werkongevallen kwamen heel vaak voor door het werk dat ze
moesten doen dus werd dit als eerste in wetgeving gegoten
omdat dit een groot sociaal risico is impact op werk zelf
maar ook op de werkmarkt uitgebreid naar gewone
ongevallen en ziekten
o Wet ziekte en invaliditeit
1886 kwam volk op straat groot deel van sociale wetgeving is tussen de eerste
2 WO ontstaan met als doel om de ongelijke verhouding tussen de partijen
trachten te corrigeren
2
,Arbeidsrecht – voor wie? (personeel toepassingsgebied)
WN in private sector: alles wat niet onder de publieke WG valt
Contractanten in publieke sector
Steeds vaker ook op statuairen
De regelgeving is op VL niveau sterk geneigd om de ambt af te schaffen en een
arbeidsovereenkomst aan te schaffen in de plaats → GwH heeft dit afgeschaft
Wat regelt het arbeidsrecht (materieel toepassingsgebied)
Individuele arbeidsverhouding (individueel arbeidsrecht – WAO)
Collectieve arbeidsverhoudingen (collectief arbeidsrecht)
Arbeidsreglementering (beschermende maatregelen m.b.t. loon,
arbeidsduur, welzijn,)
Sociale handhaving (toezicht en sancties)
Er is niet 1 groot AR zoals bv BW voor alles van verbintenissen → AR is heel fragmentarisch
ontstaan
Groot aantal wetgevingen zijn ontstaan
Om door de bomen het bos te zien is er een onderscheid gemaakt
Verschillende organisaties en vakbonden ontstaan om de WN te beschermen
regels die betrekking hebben op sociale handhaving, veel regels in sociaal recht
worden gesanctioneerd, want men begaat een mijsdrijf en contractuele fout bv niet
de juiste veiligheidsvoorschriften of in zwart laten werken → gaan over sociale
handhaving
o WG is streng op vlak van sociale wetgeving om mensen te beschermen en hun
leven beter te maken
Waar geldt het AR (territoriaal toepassingsgebied)
in België
voor alle werknemers ongeacht hun nationaliteit
bij grensoverschrijdende tewerkstelling is het echter mogelijk dat aspecten
van de arbeidsverhouding geregeld worden door vreemd (arbeids)recht
Bronnen van het AR
internationale en europese rechtsbronnen
nationale rechtsbronnen: art. 23 Gw
eigen rechtsvorming:
o individuele AOK
o collectieve AOK
o reglementaire bepalingen (arbeidsreglement)
bij conflict hiërarchie rechtsbronnen – art. 51 CAO-wet
Bronnen van het sociaal recht
Internationale bronnen - internationale Arbeidsorganisatie – 1919 einde WO
1
Tripartite samenstelling
3
, Verdragen (Conventions)
Aanbevelingen (Recommendations)
Eigen klachtenprocedure
ILO Conventies
8 fundamentele conventies
CAO: onvereenkomst onstaan door onderhandelingen WN – WG
VN: UVRM en ECOSOC
Bepaalde principes en fundamentele GR staat erin die voor belang zijn van WN
en WG.
Europese bronnen
Raad van Europa
EVRM – 1950
o Fundamentele vrijheden (vereniging, privéleven)
o Rechtstreekse werking
o Eerder burgerlijke en politieke rechten, maar soms toepasselijk op
sociaalrechtelijk vlak
ESH – 1966, herziene versie in 1996
o Sociale GR
o Geen rechtstreekse werking – art. 6.4
EU: rechtsbronnen EU veruit belangstrijke voor sociale wetgeving
o Bevoegdheden blijven echter alsnog beperkt
Enkel wat aan EU (expliciet) werd gedelegeerd
Residuaire bevoegdheden blijven bij de staten
o Subsidiariteitsbeginsel! – is dit de beste manier om het doel te
bereiken?
Europese bronnen - Instrumenten
VEU & VWEU
o + Handvest Grondrechten EU (waaronder aantal sociale
grondrechten)
Verordeningen
o Algemene strekking
o Rechtstreeks verbindend in al hun onderdelen
o Rechtstreeks toepasbaar en directe werking (indien duidelijk
omschreven)
Richtlijnen
o LS moeten de richtlijn implementeren (en hierbij het nagestreefde
doel bereiken)
o Afstemming van nationale wetgeving met keuzevrijheid van instrument
o implementatie veronderstelt nationale regelgeving (in België soms
complex!)
Nationale rechtsbronnen
4