Basisprincipes
- Door gebruik van de juiste technieken worden de verschillende
transferprincipes bewaard. Eveneens wordt onze eigen rug
gespaard.
- Werk met rechte rug en kijk omhoog tijdens het tillen
- Werk met de rug in het verlengde van het bekken (geen rotatie)
- Maak gebruik van het eigen lichaamsgewicht
- Maak efficiënt gebruik van hulpmiddelen
- Vraag optimale hulp van de patiënt
- Gebruik degelijk schoeisel en aangepaste kledij
- Werk harmonisch samen met collega’s en zoek steunpunten
- Buig door de benen en spreid de voeten
- Ga zo dicht mogelijk bij de patiënt staan
- Bij het heffen zoveel mogelijk de normale beweging nabootsen
Positionering
Bijzondere aandacht naar:
- Zithouding in relatie tot functionaliteit: een goede zithouding als
basis voor bureauwerk is bijvoorbeeld niet hetzelfde als een rust
houding.
- Risico decubitus verkleinen
- Risico op opp. Huidletsels verkleinen
- Interne belasting verkleinen, vooral WK
Zithouding:
hoek ϕ [phi], ‘wighoek’: stand bovenbeen tov horizontale as (SRP: seat
reference plane)
hoek α [alfa], de ‘rughoek’: hoek die de stand van het bovenlichaam ten
opzichte van de zitting beschrijft.
hoek ε [epsilon],: stand van het hoofd ten opzichte van de romp
weergeeft.
,Twee aspecten zijn bepalend voor de geschiktheid van een bepaalde
houding voor een bepaalde activiteit:
- de gewenste blikrichting, dus de stand van het hoofd in de ruimte;
- de verhouding tussen stabiliteit en bewegingsvrijheid van het
bovenlichaam.
Zithoudingen:
- Actief: geschikt voor werken aan een tafel of rolstoelrijden
- Semi-actief: onstpannen zitten, converseren, T.V.-kijken…
- Rusthouding: rusten met passieve hoofdsteun.
Bij rechtop zitten zonder rugleuning rust ongeveer 75% van het
lichaamsgewicht op de zitting en 25% op de voeten. Het
zwaartepunt ligt vóór de zitbeenknobbels. Als zp achter de knobbels
komen is leuning nodig.
, Actieve zithouding:
Bestaat uit een zitting, korte rugleuning, voet- en elleboogsteunen. De
rugleuning houdt het zwaartepunt boven het bekken en ondersteunt een
voorwaarts gekanteld bekken, waardoor een actieve, functionele houding
mogelijk is.
Semi-actieve zithouding:
Gebruikt voor ontspannen activiteiten. Er wordt een middelhoge
rugleuning met armleuningen toegepast. Een hoofdsteun en hielsteunen
kunnen worden toegevoegd om stabiliteit te verbeteren en wegglijden van
de voeten te voorkomen.
Rusthouding:
Vereist maximale ondersteuning: een hoge rugleuning, vaste hoofdsteun
met zijsteun, lange armleuningen en beensteunen met kuitondersteuning.
Bij grotere kanteling dragen rug-, hoofd- en beensteunen steeds meer van
het lichaamsgewicht.
Uitwendige belasting en positieverandering
De bekkenstand bepaalt de vorm van de lage rug en beïnvloedt de
belasting op de lumbale wervels.
Belasting wordt beïnvloed door:
1. Gewicht van lichaam en armen (axiale druk)
2. Rugleuninghoek: grotere hoek → minder belasting
3. Spierspanning: rugleuning kan spierspanning verminderen
4. Lumbale kromming: behoud van lordose vermindert belasting;
afvlakking (delordosering) verhoogt belasting
Bij delordosering ligt het zwaartepunt van romp, hoofd en verder naar
voor ten opzichte van de lumbale wervelkolom. Hierdoor vergroot het
moment en daardoor de kracht die nodig is om dit moment te
compenseren.