o Inleiding
Cultuurgeschiedenis tracht een samenhangend beeld te bieden van een historische periode
of van een evolu e. Gegevens uit zeer diverse gebieden van de cultuur (de kunst, de
literatuur, het poli eke denken, economie...en de architectuur) worden hierbij
samengebracht in een gemeenschappelijk verband.
We bestuderen de bebouwde omgeving en de voorstellingen van architectuur en ruimte in de
eerste plaats in verband met het concrete individu in zijn of haar maatschappelijke context.
Voorbeelden:
De bebouwde ruimte: O o Wagner, psychiatrische instelling Am Steinhof(1901-1909)
een van de belangrijkste voorbeelden van de modernis sche architectuur toegepast
op de psychiatrische instelling
Slaapzaal en ontspanningsruimte
Gebouw reflecteert wat psychiatrie en gezonde maatschappij hoort te zijn
(van die jd)
Ruimtes zijn net geordend = gezond
De imaginaire ruimte: Antoine Wa eau, Les plaisirs du bal (ca. 1715-1717)
representa ef voorbeeld van de rococo schilderkunst, aanslui ng bij het thema van
de zogenaamde ‘pastorale literatuur’ (=literatuur waarin herders en het
geïdealiseerde boerenbestaan een centrale rol spelen) die heel populair was in
adellijke kringen
voorstelling van architectuur (in literatuur) als belichaming van verbeelding
en fantasie
op sche afscheiding tussen voorgrond en achtergrond door gevels
voorgrond: adel, rijke,.. -> hun sociale leven (werkelijkheid)
achtergrond: ideaal landschap (literatuur)
= weergave van verbeelden
o De cultuur ten jde van de barok (begin 1600)
Literaire barok
> Centrale thema’s
Mens word geregeerd door (blinde) passies waaruit obsessie tot zel ennis en
zelfcontrole volgt: kan ik mezelf echt “zien”, “wie ben ik?”
Alles is een trompe-l’oeil iedereen is ambigu, vermomd of monsterlijk. Wat natuurlijk lijkt
is ar ficieel.
‘het leven is een droom’ - Pedro Calderón de la Barca
o Toneelstuk over werkelijkheid en droom, zinsbegoocheling en kennis -> alles
word in vraag gesteld
o Zie verhaal pp
> Algemene kenmerken
Bijzonder sterke natuurgetrouwheid
Chiascuro (licht – schaduwcontrast)
, Vastleggen van het drama sche moment of de sugges e ervan -> prikkelt verbeelding en
suggereert meer dan het toont
> Chronologisch kader
Kunst en cultuur barok hee te maken met de expressieve kracht dat het beeld moet
hebben (sterke beelden kunnen boodschap overbrengen)
In latere Renaissance:
o Nadruk op drama sche kracht (ingehouden)
o Beweging
o Chiascuro (licht – schaduwcontrast)
In katholieke landen: ‘katholieke hervorming’ en het conflict met het protestan sme
o Wilde intern hernieuwen en extern de strijd aanbinden met het oprukkende
protestan sme
In protestantse landen: barok is eerder zaak van de burgerij
o Minder monumentaal en abundant, soberder
o Binnen het kader van het protestan sme
o S llevens lage landen: extreme realisme
Rembrandt
Hals
In Italië:
o dynamische, abundante, drama sche s jl
o Vertegenwoordigers:
Carracci
Caravaggio
In spanje:
o realisme verschilt van kunstenaar tot kunstenaar
o verbind zich met de Italiaanse barok tot duistere, sprirtuele, mys eke en
macabere barok
Ribera
Zurbaran
canon
Velazquez
> Voorbeelden
Caravaggio, Narcissus (1597-1599) Galleria Nazionale d’Arte An ca, Rome
o Ingehouden beweging: spankracht tussen dynamiek en
psychologische fixa e van Narcissus die opgaat in zijn spiegelbeeld (->
hij zal verdrinken in zijn spiegelbeeld)
o Licht donker contrast -> drama sche spanning
Peter- Paul Rubens, De kruisiging, 1610-1611, Kathedraal van Antwerpen Beweging en
drama ek op een heel exuberante manier
o Extravagante s jl
o veel beweging en drama ek van figuren: theatraal,
musculatuur, gelaatsuitdrukkingen, sugges eve
momenten
o dynamiek: diagonalen geaccentueerd door chiaroscuro
> analyse