Uitgebreide Samenvatting Gastro-intestinale
Fysiologie
Prof. Dr. L. Devisscher - Universiteit Gent (2BA)
Hoofdstuk I - Algemene Begrippen
A. Delen en algemene structuur van het spijsverteringsstelsel
In essentie bestaat het spijsverteringsstelsel uit een kanaal dat loopt van de mond tot de anus
(ongeveer 450 cm in vivo). Het omvat opeenvolgend:
1. Bovenste segment: Mond, slokdarm (oesophagus), maag (65 cm).
2. Middelste en onderste segment: Duodenum (25 cm), dunne darm (jejunum en ileum -
250 cm), dikke darm (colon en rectum - 110-150 cm).
Buiten de spijsbuis bevinden zich grote spijsverteringsklieren die via ducti in het kanaal
uitmonden (speekselklieren, lever, pancreas). Meerdere sphincters regelen de doorstroming en
voorkomen reflux, waarbij alleen de anale sphincter een strikte, volledige willekeurige
sphincterfunctie heeft.
Dwarsdoorsnede en wandstructuur (van binnen naar buiten):
● Mucosa: Epitheel, lamina propria (subepitheliaal bindweefsel), en muscularis mucosae.
● Submucosa: Sterk gevasculariseerd losmazig bindweefsel met het plexus van Meissner
(belangrijk voor secretie).
● Muscularis: Een binnenste circulaire en een buitenste longitudinale gladde spierlaag.
Tussen beide ligt de plexus van Auerbach (belangrijk voor motiliteit). Uitzonderingen
bestaan, zoals dwarsgestreept spierweefsel proximaal in de slokdarm en een extra
schuine spierlaag in de maag.
● Adventitia/Serosa: Visceraal peritoneum dat het intraperitoneale deel omhult,
overgaand in het mesenterium voor aanvoer van bloedvaten, lymfevaten en zenuwen.
Enterisch Zenuwstelsel (ENS): Bestaat uit miljoenen neuronen georganiseerd in de
submucosale en myenterische plexussen. Functionele typen omvatten sensorische neuronen
(chemische/mechanische prikkels), interneuronen en motorische neuronen (contractie/secretie).
, B. Functies van het Spijsverteringsstelsel
Het stelsel is cruciaal voor de opname van voedingsstoffen (bouwstoffen, brandstoffen,
katalyserende stoffen).
1. Secretie: Vrijzetting van verteringsenzymen, mucus, galzouten en water naar het lumen.
2. Digestie (Vertering): Chemische en mechanische afbraak van grote moleculen.
3. Absorptie: Passieve en actieve opname van verteringsproducten doorheen de mucosa.
4. Motiliteit: Mengen van inhoud ter bevordering van vertering en absorptie, plus propulsie
richting de anus.
5. Excretie: Eliminatie van niet-verteerbare stoffen en galmetabolieten.
6. Immuunbarrière: Voorkomen van invasie door pathogenen (bv. GALT).
C. Algemene Gegevens in verband met Motiliteit
1. Peristaltiek: Komt voor van slokdarm tot colon. Een voedselbolus rekt de darmwand uit, wat
sensorische neuronen prikkelt. Via een intramurale reflex (Law of the Intestine) ontstaat er
contractie proximaal van de bolus (via Acetylcholine (ACh) en tachykinines) en relaxatie distaal
(via NO, VIP, ATP). Deze gecoördineerde activiteit stuwt de chymus anaalwaarts (2-25 cm/sec).
2. Basaal Elektrisch Ritme (BER): De cellen van Cajal vormen een pacemaker-netwerk dat
slow waves genereert in de gladde spiercellen (fluctuaties tussen -65 en -45 mV). Deze
veroorzaken op zich geen contractie, behalve als er actiepotentialen (spike potentials) op
superponeren onder invloed van neurale/hormonale stimuli. Frequentie: Maag (3-4/min),
Duodenum (12/min), Ileum (8/min), Colon (2-6/min).
3. Migrerend Motorisch Complex (MMC): Een cyclisch patroon van motorische activiteit
tijdens nuchtere (interdigestieve) toestand dat optreedt om de 90 minuten, migrerend van maag
tot distaal ileum met 5 cm/min. Functie: "Intestinal house keeper" voor het ledigen van residuele
maag- en darminhoud. Voedselinname stopt het MMC direct.
● Fase 1: Geen contracties.
● Fase 2: Onregelmatige contracties.
● Fase 3: Regelmatige, sterke contracties.
D. Regulatie van Secretie en Motiliteit
● Intrinsiek (ENS): Kan veel functies autonoom reguleren via lokale reflexen.
● Extrinsiek Autonoom:
● Parasympathicus (vnl. N. vagus en sacrale zenuwen): Prikkelt doorgaans het
spijsverteringsstelsel. Verhoogt secretie en motiliteit via cholinerge neuronen.
Kan ook NANC-neuronen stimuleren om sfincters (zoals LES) te relaxeren via
VIP/NO.
Fysiologie
Prof. Dr. L. Devisscher - Universiteit Gent (2BA)
Hoofdstuk I - Algemene Begrippen
A. Delen en algemene structuur van het spijsverteringsstelsel
In essentie bestaat het spijsverteringsstelsel uit een kanaal dat loopt van de mond tot de anus
(ongeveer 450 cm in vivo). Het omvat opeenvolgend:
1. Bovenste segment: Mond, slokdarm (oesophagus), maag (65 cm).
2. Middelste en onderste segment: Duodenum (25 cm), dunne darm (jejunum en ileum -
250 cm), dikke darm (colon en rectum - 110-150 cm).
Buiten de spijsbuis bevinden zich grote spijsverteringsklieren die via ducti in het kanaal
uitmonden (speekselklieren, lever, pancreas). Meerdere sphincters regelen de doorstroming en
voorkomen reflux, waarbij alleen de anale sphincter een strikte, volledige willekeurige
sphincterfunctie heeft.
Dwarsdoorsnede en wandstructuur (van binnen naar buiten):
● Mucosa: Epitheel, lamina propria (subepitheliaal bindweefsel), en muscularis mucosae.
● Submucosa: Sterk gevasculariseerd losmazig bindweefsel met het plexus van Meissner
(belangrijk voor secretie).
● Muscularis: Een binnenste circulaire en een buitenste longitudinale gladde spierlaag.
Tussen beide ligt de plexus van Auerbach (belangrijk voor motiliteit). Uitzonderingen
bestaan, zoals dwarsgestreept spierweefsel proximaal in de slokdarm en een extra
schuine spierlaag in de maag.
● Adventitia/Serosa: Visceraal peritoneum dat het intraperitoneale deel omhult,
overgaand in het mesenterium voor aanvoer van bloedvaten, lymfevaten en zenuwen.
Enterisch Zenuwstelsel (ENS): Bestaat uit miljoenen neuronen georganiseerd in de
submucosale en myenterische plexussen. Functionele typen omvatten sensorische neuronen
(chemische/mechanische prikkels), interneuronen en motorische neuronen (contractie/secretie).
, B. Functies van het Spijsverteringsstelsel
Het stelsel is cruciaal voor de opname van voedingsstoffen (bouwstoffen, brandstoffen,
katalyserende stoffen).
1. Secretie: Vrijzetting van verteringsenzymen, mucus, galzouten en water naar het lumen.
2. Digestie (Vertering): Chemische en mechanische afbraak van grote moleculen.
3. Absorptie: Passieve en actieve opname van verteringsproducten doorheen de mucosa.
4. Motiliteit: Mengen van inhoud ter bevordering van vertering en absorptie, plus propulsie
richting de anus.
5. Excretie: Eliminatie van niet-verteerbare stoffen en galmetabolieten.
6. Immuunbarrière: Voorkomen van invasie door pathogenen (bv. GALT).
C. Algemene Gegevens in verband met Motiliteit
1. Peristaltiek: Komt voor van slokdarm tot colon. Een voedselbolus rekt de darmwand uit, wat
sensorische neuronen prikkelt. Via een intramurale reflex (Law of the Intestine) ontstaat er
contractie proximaal van de bolus (via Acetylcholine (ACh) en tachykinines) en relaxatie distaal
(via NO, VIP, ATP). Deze gecoördineerde activiteit stuwt de chymus anaalwaarts (2-25 cm/sec).
2. Basaal Elektrisch Ritme (BER): De cellen van Cajal vormen een pacemaker-netwerk dat
slow waves genereert in de gladde spiercellen (fluctuaties tussen -65 en -45 mV). Deze
veroorzaken op zich geen contractie, behalve als er actiepotentialen (spike potentials) op
superponeren onder invloed van neurale/hormonale stimuli. Frequentie: Maag (3-4/min),
Duodenum (12/min), Ileum (8/min), Colon (2-6/min).
3. Migrerend Motorisch Complex (MMC): Een cyclisch patroon van motorische activiteit
tijdens nuchtere (interdigestieve) toestand dat optreedt om de 90 minuten, migrerend van maag
tot distaal ileum met 5 cm/min. Functie: "Intestinal house keeper" voor het ledigen van residuele
maag- en darminhoud. Voedselinname stopt het MMC direct.
● Fase 1: Geen contracties.
● Fase 2: Onregelmatige contracties.
● Fase 3: Regelmatige, sterke contracties.
D. Regulatie van Secretie en Motiliteit
● Intrinsiek (ENS): Kan veel functies autonoom reguleren via lokale reflexen.
● Extrinsiek Autonoom:
● Parasympathicus (vnl. N. vagus en sacrale zenuwen): Prikkelt doorgaans het
spijsverteringsstelsel. Verhoogt secretie en motiliteit via cholinerge neuronen.
Kan ook NANC-neuronen stimuleren om sfincters (zoals LES) te relaxeren via
VIP/NO.