Wilmer
Slokdarmfunctie
overzicht: slokdarmfunctie:
• slokdarm 1. aboraal transport van voedselbolus en speeksel
o achalasie 2. voorkomen van reflux van maaginhoud
o slokdarmspasmen via:
o GERD • peristaltiek (primaire, secundaire)
o maligne tumoren o slikken ⇒ primaire peristaltiek
• maag o andere stimuli ⇒ secundaire peristaltiek
o ulcuslijden • sfinctermechanismen (cricopharyngeus, gastro-oesofagale
o gastritis sfincter GES)
o maligne tumoren • neuronale controle (inhibitie, excitatie)
• functionele darmstoornissen o natuurlijke impuls: contractie ⇒ inhibitie voorkomt
o irritable bowel syndrome continue contractie
o functionele dyspepsie
• coeliakie Anatomie
• inflammatoire darmziekten
o ziekte van Crohn = gladde spierbuis van 25 cm
o colitis ulcerosa
opgedeeld in:
• diverticulitis
• cervicale slokdarm
• hemorroïden
• bovenste thoracale slokdarm
• middelste thoracale slokdarm
• onderste thoracale slokdarm
2 sfincters:
1. bovenste slokdarmsfincter (UES)
2. onderste slokdarmsfincter (LES)
1
,Symptomen bij slokdarmpathologie Onderzoek bij slokdarmpathologie
• dysfagie • oesofagoscopie = kijkonderzoek
= moeite met slikken bij vast/vloeibaar voedsel • röntgenonderzoek
o hoog: blijven steken = slokdarm in beeld brengen met contrastmiddel en
o laag: niet goed inslikken röntgenstralen
• odynofagie • manometrisch onderzoek
= pijn bij het slikken = meten van druk in slokdarmspieren
• regurgitatie • ambulante pH-meting
= opbrengen van onverteerd voedsel o ↓ pH bij reflux
• pyrosis • impedantie meting
= branderig gevoel achter borstbeen = meten van reflux van vloeistoffen in de slokdarm
• aspiratie o elektrische weerstand meten in verschillende segmenten
= voeding uit maag/slokdarm komt terug in mond en gaat dan in
de longen
Slokdarmpathologie
• gewichtsverlies
• bloedverlies: door irritatie epitheel
= ziekten van de slokdarm
• globusgevoel
= gevoel dat iets in de keel blijft steken
• divertikel (Zenker)
• halitose
• motorische stoornissen
= slechte adem
o achalasie
o slokdarmspasmen
• hernia hiatus esophagei
• gastro-oefofagale refluxziekte (oesofagitis)
• tumoren
o carcinoom
o leiomyoma
2
,Motorische stoornissen ACHALASIE
1. achalasia = een motiliteitsstoornis van de slokdarm
o onvoldoende relaxatie van de onderste slokdarmsfincter = progressieve ziekte gekenmerkt door dysfagie voor vast en vloeibaar
voedsel
o normale peristaltiek
2. distaal slokdarmspasme • incidentie: 1-5/100 000 inwoners/j
o normale ontspanning van de onderste slokdarmsfincter • prevalentie: 7-32/100 000 inwoners
o ↓ vertraging van samentrekking van de distale slokdarm • meestal tussen 40-60j
3. hypercontractiliteit van de slokdarm • geen peristaltiek in de slokdarm
o normale ontspanning van de onderste slokdarmsfincter • lage GES dilateert niet
o peristaltische contracties van grote amplitude • GES tonus is hoog
• progressieve obstructie in de slokdarm
3
, OORZAAK PATHOGENETISCHE PATHWAYS
denervatie van inhibitorische neuronen tgv progressieve degeneratie van mogelijke pathogenetische pathways:
ganglion cellen thv de myenterische plexus in de wand van de slokdarm
primair:
• idiopathisch
o oorzaak degeneratie onduidelijk
o vermoedelijk auto-immuunziekte met genetische
predispositie
secundair:
• ziekte van Chagas
(door infectie met Trypanosoma cruzi)
• sarcoïdose
• amyloidose
blauwe vakjes niet kennen
4