Week 1.1 – Psychologie en pedagogiek
Psychologie
Psychologie is de wetenschap die zich bezighoudt met gedrag en
geestelijke processen.
Pedagogiek
Pedagogiek is de wetenschap van opvoeden en opgroeien.
Relevantie voor sociaal werk
Sociaal werk is een mensenberoep.
Psychologische en pedagogische kennis helpt om cliënten beter te
begrijpen.
Deze kennis helpt bij het geven van passend advies en ondersteuning.
Psychologische perspectieven
Biologisch en neurologisch perspectief
- Gedrag wordt beïnvloed door genen, hersenen en hormonen.
Psychodynamisch perspectief
- Gedrag wordt grotendeels bepaald door het onbewuste.
- De eerste vijf levensjaren zijn bepalend voor de
persoonlijkheidsontwikkeling.
- Belangrijke begrippen zijn het id, ego en superego.
Behavioristisch perspectief
- Gedrag ontstaat door leerprocessen.
- Gedrag is observeerbaar en beïnvloedbaar.
1
,Gestaltperspectief
- Mensen nemen gehelen waar en geen losse onderdelen.
- We zien een geheel in plaats van afzonderlijke elementen.
Humanistisch perspectief
- De mens staat centraal.
- Fundamentele behoeften zijn belangrijk voor persoonlijke groei en
ontplooiing.
Cognitief perspectief
- Gedachten beïnvloeden gedrag.
- Door denkbeelden te veranderen, kan gedrag veranderen.
Systeemperspectief
- De omgeving heeft invloed op het individu.
- Relaties, cultuur en sociale systemen spelen een belangrijke rol.
Hersenen en gedrag
Phineas Gage
Phineas Gage kreeg ernstig hersenletsel.
Zijn persoonlijkheid veranderde volledig.
Dit toonde aan dat de hersenen een grote rol spelen in gedrag en
persoonlijkheid.
Week 1.2 – Emoties en empathie
Emoties
Functie van emoties
Emoties helpen ons reageren op situaties.
Ze geven informatie over wat belangrijk of bedreigend is.
Emoties sturen ons gedrag.
Primaire en secundaire emoties (Frijda)
Primaire emoties ontstaan automatisch door externe prikkels.
Ze zijn snel en direct.
Secundaire emoties: zijn complexer.
Ze ontstaan door interpretatie en overtuigingen.
Ze bestaan vaak uit een combinatie van meerdere emoties.
Componententheorie van emotie (Frijda)
Emoties bestaan uit vier onderdelen:
Fysiologische arousal
2
, Subjectieve gevoelens
Gedragsmatige expressie
Cognitieve interpretatie
Fysiologische arousal:
Bij emoties verandert er iets in het lichaam.
Bijvoorbeeld hartslag, ademhaling of spierspanning.
Basisemoties en gezichtsuitdrukkingen (Ekman)
Deze emoties zijn universeel herkenbaar:
Woede
Angst
Afkeer
Verrassing
Geluk
Verdriet
Minachting
Het limbisch systeem
Amygdala
Koppelt informatie aan emoties.
Zorgt voor hormoonafgifte bij
emotionele reacties.
Hypothalamus
Regelt honger, dorst, slaap en
stressreacties.
Hippocampus
Speelt een rol bij geheugen en
stressverwerking.
Theorieën over emotie
James-Lange theorie
Gebeurtenis → lichamelijke reactie → emotie.
3