Leeromgeving = plek + omstandigheden waarin leren gebeurt
→ fysiek, pedagogisch/didactisch, sociaal (leerkracht–leerling & leerlingen
onderling)
Krachtige leeromgeving
→ helpt leerlingen om steeds zelfstandiger te leren
→ combinatie van vrijheid & begeleiding
Kenmerken:
Ruimte voor zelfstandig exploreren
Samenwerking met medeleerlingen
Systematische begeleiding op maat
Uitdagend en realistisch
Afgestemd op behoeften en mogelijkheden van elke leerling
Actor leerling:
Belangrijkste actor in een krachtige leeromgeving: het kind / de leerling
Kind leeft en leert binnen zijn dagelijkse leefwereld
→ complex (multiculturele, democratische samenleving, persoonlijke
waarden)
Kerntaak van onderwijs:
→ kinderen kennis, vaardigheden en attitudes meegeven
→ zodat ze de wereld begrijpen, erin kunnen handelen en er positief
tegenover staan.
➡️
Competentie-ontwikkeling
In elke situatie zijn kennis + inzicht + vaardigheden + attitudes
verbonden.
1
,Functioneren = niet alleen kunnen, maar ook weten + durven toepassen.
Dit samenspel = competenties → nodig om om te gaan met dagelijkse
uitdagingen.
➡️
Minimumdoelen (Vlaamse overheid)
Beschrijven wat kinderen in herkenbare situaties moeten kennen en
kunnen.
Zijn basiscompetenties voor persoonlijk en maatschappelijk functioneren.
Voorbeelden:
- de weg naar de bibliotheek uitleggen
- instructies van de leerkracht begrijpen
- wisselgeld kunnen controleren
- spelregels afspreken
- muziek beluisteren, enz.
Door aan deze doelen te werken → draagt de school bij aan een
harmonische ontwikkeling.
➡️
Leergebieden (lager onderwijs)
Wiskunde
Nederlands
Wetenschap & techniek
Frans
Geschiedenis
Aardrijkskunde
Muzische vorming
Lichamelijke opvoeding
ICT
Attitudes
Actor leerkracht
➡️
Leerkracht als belangrijke actor
2
,Naast de leerling is ook de leerkracht cruciaal in een krachtige
leeromgeving.
Leerkracht heeft de verantwoordelijkheid om een omgeving te creëren
waar iedereen optimaal kan functioneren.
➡️
Complexe opdracht van de leerkracht
Leraar-zijn = complex en vraagt een grote verantwoordelijkheid.
Leerkrachten begeleiden de ontwikkeling van kinderen en jongeren
→ beïnvloeden dus de maatschappij van morgen.
Moeten kunnen inspelen op een snel veranderende samenleving.
➡️
Wat verwacht de samenleving van leerkrachten?
Daarom is een duidelijke omschrijving van verwachtingen nodig.
Overheid ontwikkelde:
→ DLR’s (domeinspecifieke leerresultaten)
→ OLR’s (opleidingsspecifieke leerresultaten) voor beginnende
leerkrachten
→ beroepsprofiel voor ervaren leerkrachten
Didactische pijlers:
Leeromgeving enkel krachtig als ze voldoet aan deze 7
1. Betekenisvol
Leeractiviteiten sluiten aan bij de leef- en belevingswereld van leerlingen.
→ leren voelt nuttig en functioneel.
2. (Inter)activiteit
Leerlingen worden actief aan het werk gezet.
Individueel of via samenwerkend leren.
3. Aanschouwelijkheid
3
, Leerinhouden worden concreet gemaakt met materiaal, voorbeelden,
visuele steun.
4. Leerlingeninitiatief
Leerlingen krijgen kansen om zelf initiatief te nemen in hun leerproces.
5. Differentiatie
Activiteiten worden aangepast aan verschillen tussen leerlingen → werken
op maat.
6. Positief & motiverend klasklimaat
Leren gebeurt in een veilige, positieve en motiverende sfeer.
7. Herhaling & geleidelijkheid
Lesinhouden worden logisch opgebouwd, sluiten aan bij wat leerlingen al
kennen.
Er is voldoende herhaling om te versterken.
Aanpak, proces en effect:
➡️
Model van de krachtige leeromgeving (Ferre Laevers)
Centraal staat de opdeling ‘aanpak – proces – effect’.
Dit model komt uit het ervaringsgericht onderwijs.
→ Drie invalshoeken om naar onderwijs te kijken en kwaliteit te
beoordelen:
Aanpak: wat de leerkracht doet, hoe het onderwijs wordt georganiseerd.
Proces: hoe leerlingen het leren beleven (betrokkenheid, welbevinden…).
Effect: wat leerlingen uiteindelijk bereiken.
In het deel over ervaringsgericht onderwijs wordt deze opdeling verder
uitgewerkt.
4