Overzicht examenvragen 2-3
Les 1: Inleiding tot HR Management 4-11
Les 2: Rekrutering, selectie en onthaal (H3) 12-20
Les 3: Sociaal recht mbt rekrutering, selectie en onthaal (H4-7) 21-28
Les 4: Prestatiemanagement (H8) 29-36
Les 5: Beoordelen (H16) 37-42
Les 6: Sociaal recht m.b.t. prestaties (H9-11) 43-52
Les 7: Collectieve arbeidsverhoudingen (H12-15) 53-60
Les 8: Beëindiging van de arbeidsovereenkomst (H16) 61-68
Les 9: Belonen (H17) 69-76
Les 10: Ontwikkelen (H20) 77-84
Gastles Hays 85
Gastles IDEWE 86-89
Belangrijk informatie:
• In het begin van elk H’stuk staat een lijst van definities → niet vanbuiten kennen, maar
wel begrijpen
• Laatste deel van elk H’stuk zijn de werkveldpartners → belangrijk!
o Sws op examen!!
• Examen = schriftelijk
o Meerkeuzevragen zonder giscorrectie, J/N-vragen, meervoudig antwoord &
verbind-de-juiste-antwoorden-vragen
o Duurtijd: 1u
1
,Examenvragen:
Vraag 1:
Welke bewering is een goede samenvatting voor HRM?
• HRM staat voor het zorg dragen van de medewerkers en hun tevredenheid verhogen
• HRM staat voor het benutten van het potentieel van de medewerkers en het inrichten van
een goede carpolicy
• HRM staat voor het inrichten van een goed opleidingsplan voor de managers en de
uitvoering van het salarisbeleid
• HRM staat voor het inrichten van goede communicatie, aantrekken en ontwikkelen
van juiste competenties, faciliteren & bewaken van goed leiderschap
• HRM is rekrutering en het uitvoeren van exitgesprekken wanneer de medewerker de
organisatie verlaat
---
Vraag 2:
We hebben professionele en interprofessionele organisaties. Welke stelling is juist:
• Agoria is een interprofessionele organisatie
o = de werkgeversorganisatie van de bediende sector, dus professioneel
• Etion is een professioenele werkgeversorganisatie
o = niet voor een bepaalde sector, dus interprofessioneel
• Zorgnet icuro is een interprofessionele organisatie
o = Is de werkorganisatie van mensen in de zorg, dus professioneel
• Voka is het Vlaams netwerk voor ondernemers
o Over alle sectoren heen, maar Vlaams
In het begin van elk hoofdstuk staat een lijst van definities, moet je niet vanbuiten kennen maar
wel snappen
------
Vraag 3:
We bespraken de AIDA techniek. Deze wordt vooral gebruikt bij:
• X
• X
• Het opstellen van een goede vacature
• X
= een instrument uit de marketing, maar wordt ook gebruikt om een vacature goed op te stellen
------
Vraag 4:
Welke 3 zaken zijn nodig om van een arbeidsovereenkomst te kunnen spreken?
• Gezag, prestaties en contract
• Prestaties, gezag en loon
2
, • Loon prestaties en arbeidsreglement
• Prestaties, inschrijving personeelsregister en arbeidsreglement
Wie niet onder gezag staat is soms een schijnzelfstandige, prestaties moeten geleverd worden
en loon
------
Vraag 5: Waarom is het belangrijk om medewerkers te beoordelen/evalueren?
• X
------
Vraag 6: Wat is het belangrijkste doel van het Johari-venster binnen een HR-context?
• Het in kaart brengen van iemands competenties op basis van objectieven testresultaten
• Het vergroten van zelfinzicht en open communicatie via feedback en zelfonthulling
• Het beoordelen van het potentieel van medewerkers voor promotie
• Het analyseren van motivatie volgens de zelfdeterminatietheorie
-----
Vraag 7: Waar of niet waar: ELKE arbeidsovereenkomst kan beëindigd worden door een onderling
akkoord
• WAAR
• NIET WAAR
------
Vraag 8: Mag een werkgever aan de werknemers opleggen om een eigen bijdrage te leveren aan
de groepsverzekering die van het loon afgehouden wordt?
• Neen, de werknemer kan weigeren om een eigen bijdrage te betalen
• Ja de werkgever beslist dat zelf maar de afhouding van het loon staat wel
omschrijven in het arbeidscontract of het arbeidsreglement
• Neen, de werknemer moet uitdrukkelijk tekenen voor akkoord
• Neen, de werknemer moet mondeling akkoord gaan
3
, HR MANAGEMENT & SOCIAAL RECHT
Les 1: Inleiding tot HRM (HB 7-33)
1.1 Definitie strategisch HR Management
HR Management = het inrichten van een goede communicatie, het aantrekken van de juiste
competenties en de ontwikkeling van deze competenties, faciliteren en bewaken van goed
leiderschap en zorgen voor een goede off-boarding bij het verlaten van het bedrijf
Strategie geeft antwoord op de vraag:
“Hoe gaan we het vooropgesteld doel op lange termijn bereiken?”
Strategisch HR Management = kwalitatief en kwantitatief zorg dragen voor een goede
personele bezetting om de doelstellingen van de organisatie op een adequate wijze te
behalen, in zowel het heden als de toekomst
Hierbij is het belangrijk:
• Mensen (= HR) zijn activa en dragen bij aan de prestaties van de onderneming
• Het beleid van het personeel is een verantwoordelijkheid van de lijnmanager, maar niet
altijd, ook HR-manager (= leider van een team, teamleader)
• Een langtermijnvisie op personeelsbeleid
• Geïntegreerde toepassing van personeelsinstrumenten (=rekruteringsproces,
beloningsproces, exitgesprekken, …)
• Strategisch beleid van de organisatie en personeelsbeleid beïnvloeden elkaar
HR management behelst het geheel van activiteiten gericht op het maximaal benutten van de
menselijke mogelijkheden in het belang van het individu, de organisatie en de maatschappij
• Het verschil tussen “personeelszaken” en “HRM”
• Strategische beslissingen leiden tot HRM-vraagstukken
• Van strategie naar de werkvloer: belang van de lijnmanager en de HR
ondersteuner/facilitator
1.2 Het belang van HRM in organisaties
HRM is een wezenlijk onderdeel van de strategie van de organisatie:
• Betrokken bij de creatie van: missie (waarom?), visie (wat?), strategie (hoe?)
• Dan kan HR vertaling doen van strategie naar tactisch en operationeel niveau
o Tactisch niveau: bereiken van doelstellingen
o Operationeel niveau: uitvoering van administratieve en controlerende taken (bv.
loonadministratie)
• Strategisch doel van HR komt tot stan door: juiste dynamiek vinden tussen de vier
taakgebieden
o Organisatieontwikkeling (inleiding – hfd 1-2)
o Personeelsvoorziening (hfd 3-6)
o Juiste verhouding tussen arbeidsinhoud, -voorwaarden, - omstandigheden, -
verhoudingen, -organisatie (hfd 7 tot 16)
o Personeelsontwikkeling (hfd 17-18)
4