Escrito por estudiantes que aprobaron Inmediatamente disponible después del pago Leer en línea o como PDF ¿Documento equivocado? Cámbialo gratis 4,6 TrustPilot
logo-home
Examen

Toepassingsvragen Wrap-up's Paard

Puntuación
-
Vendido
-
Páginas
18
Grado
6-7
Subido en
14-01-2026
Escrito en
2025/2026

Dit bevat alle toepassingsvragen van TOKLA I van het paard. Op het examen wordt 1 toepassingsvraag van ofwel het paard ofwel het rund gevraagd. Ze zijn uitgewerkt zodat ze makkelijk te leren zijn, zonder overbodige informatie.

Institución
Grado

Vista previa del contenido

TOEPASSINGSVRAGEN PAARD
BESPREEK HET BELANG VAN HET ONDERSCHEID TUSSEN HET
LANDINGSBEEN EN HET AFSTOOTBEEN BIJ SPRINGPAARDEN IN FUNCTIE
VAN DE BELASTING VAN DE PEZEN IN DE ONDERVOET
Landingsbeen: 1e been dat wordt neergezet. Deze ontvangt de volle impact van het
landen. Hij komt bijna verticaal op de grond door hyperextensie van de kogel. Dus bij het
landingsbeen: kogel, Inteross, OB en sesamsbeentjes van de kogel maximaal belast. Bij
het landen wordt vooral de interosseus en de OB belast omdat deze de klap opvangen bij
hyperextensie van de kogel. De interosseus hangt de kogel op dus deze rekt mee bij
hyperextensie. De OB vangt veel van de impact op omdat de kogel erop duwt en hem
uitrekt. De spier kan de uitrekking niet goed opvangen doordat hij proximaal van het
hoefgewricht zit vastgehecht op het kroonbeen. Normaal compenseert het hoefgewricht
in de eerste instantie de impact van het neerkomen.

Afstootbeen: 2e been dat wordt neergezet Het afstootbeen wordt verder vooruitgezet
waardoor de kogel minder in hyperextensie hoeft te gaan. Bij het landen heeft de DB
minder last omdat deze distaal van het hoefgewricht zit vastgehecht op de facies flexoria
van het hoefbeen.

Bij de afstootfase wordt het hoefgewricht gestrekt. Nu valt de spanning op de interosseus
en OB meer weg, en is er meer tractie op de diepe buiger. Omdat de DB vast zit op het
straalbeen krijgt deze ook veel te verduren. Bij het afstootbeen: Hoefgewricht,
straalbeen, bursa podotrochlearis en de DB maximaal belast.

Als een springpaard pijn heeft van een van beide benen kan het zijn dat het dier wisselt
van landings- of afstootbeen.

BESPREEK HET PASSIEF STA-APPARAAT VAN HET VOORBEEN BIJ HET
PAARD
m. serratus ventralis zal het voorbeen aan de romp ophangen.

De m. triceps caput laterale houdt de elleboog open en wanneer de elleboog
opengetrokken wordt door de triceps, volgt de m. biceps brachii automatisch. Deze spier
zal het proximale gewricht (schoudergewricht) openhouden.

De volgende speler is de collateraalband op het ellebooggewricht. Dit is volgens het
principe van het verend scharniergewricht. De collateraalband staat niet centraal
ingepland dus moet kracht voorzien om over het centrale punt te raken. Wanneer er dus
geen kracht is, blijft het ellebooggewricht gewoon in positie staan.

Als we verder naar de carpus kijken, staat deze eigenlijk al in een ideale positie (180
graden). Toch hebben we garantie nodig dat hij gestrekt blijft. Dit wordt door middel van
de m. ext carpi radialis gegarandeerd. Deze spier is verbonden met de biceps brachii
door middel van de lacertus fibrosus en zo kan de biceps zijn kracht doorgeven op de
extensor carpi radialis.

Wanneer we dan verder naar de kogel kijken, zien we dat deze van nature al overstrekt
is. Er zijn buigpezen nodig om deze overstrekking niet nog meer te laten overstrekken en
die dus gaan ‘tegentrekken’. Ten eerste is er de m. interosseus (= suspensory ligament)
die de kogel ophoudt. Daarna heb je nog de diepe en oppervlakkige buiger die telkens via

1

,hun checkligament (= ligamenta accessoria) hun kracht afgeven, waardoor er geen
spieren belast worden. De opp buiger geeft zijn proximale checkligament af, de diepe
buiger geeft zijn distale checkligament af. De OB en DB worden op hun plek gehouden
door de ringbanden: palmair, proximaal en distaal.

Ten laatste zijn er thv van de voeten ook nog heel wat aanhechtingen die de hoef niet
laten doorzakken.

Een samenspel van al deze structuren maken het passief sta-apparaat mogelijk.

VERKLAAR VANUIT ANATOMISCH OOGPUNT WAAROM DE WITTE LIJN HET
ZWAKSTE PUNT IS VAN DE HOEF BIJ HET PAARD
Vanuit anatomisch oogpunt is de witte lijn het zwakste punt van de hoef, omdat de
dermis niet tot aan de draagrand kan doorlopen. Indien dit wel zou gebeuren, zou levend
weefsel rechtstreeks in contact komen met de buitenwereld. Daarom plooit de dermis om
en gaat ze over in de dermis van de zool, terwijl de lamellaire wandhoorn wél tot aan de
draagrand doorloopt. Hierdoor ontstaat een ruimte tussen de wandhoorn en de zool.

Aan het uiteinde van de dermale lamellen bevinden zich terminale papillen, die
buisjeshoorn en tussenhoorn produceren om deze ruimte op te vullen en toch de
draagrand te bereiken. Op die plaats ontstaat een afwisseling van buisjeshoorn,
tussenhoorn en hoornlamellen. Deze structuren verankeren niet stevig in elkaar, omdat
het om een functionele noodoplossing gaat om open poriën te vermijden. Daardoor vormt
de witte lijn het mechanisch zwakste deel van de hoef.

De hoefsmid maakt hier gebruik van door de nagels van het hoefijzer in de witte lijn te
plaatsen. De witte lijn is hierbij niet echt wit; de witte kleur die men soms ziet is
afkomstig van de ongepigmenteerde kroonhoorn.

VERKLAAR VANUIT ANATOMISCH OOGPUNT DE PROBLEMATIEK VAN
HOEFBEVANGENHEID (LAMINITIS) BIJ HET PAARD
Het hoefbeen is bedekt met dermis die dermale lamellen vormt, waarop zich secundaire
lamellen bevinden. Deze grijpen in elkaar met het lamellaire wandhoorn, waardoor een
zeer sterke verbinding ontstaat door interdigitatie. De grillige vorm van het hoefbeen
vergroot het aanhechtingsoppervlak van de dermis en versterkt deze verbinding.

Wanneer de hoef neerkomt op de draagrand, moeten de krachten via de dermis worden
overgebracht op het hoefbeen. Hoe kleiner de afstand tussen hoefbeen en wandhoorn,
hoe steviger de verbinding; bij een grotere afstand ontstaat meer beweging en wordt de
verbinding zwakker. De hoorn kan niet rechtstreeks op het bot liggen omdat het levende
weefsel bloedvaten en zenuwen nodig heeft. Daarom ligt er een dunne bindweefsellaag
tussen, zonder hypodermis ter hoogte van de wand, zodat de afstand beperkt blijft.

Laminitis is een ontsteking van de hoefwand. Door deze ontsteking ontstaat zwelling,
waardoor de weefsels elkaar verdrukken. Dit leidt tot afsterven van weefsel, waaronder
ook het weefsel dat instaat voor de sterke verbinding tussen wand en hoefbeen. Omdat
de hoef niet kan uitzetten, ontstaat grote druk, wat deze aandoening zeer pijnlijk maakt.

Door het verlies van deze verbinding kan het hoefbeen loskomen van de hoefwand en
onder invloed van het lichaamsgewicht naar beneden zakken in de hoef, waardoor het
tegen of zelfs door de zool kan drukken. Daarnaast oefent de diepe buigpees, die vastzit



2

, op de facies flexoria van het hoefbeen, een trekkracht uit. Omdat het hoefbeen niet meer
stevig vastzit aan de wand, wordt het hierdoor naar achteren getrokken.

BESPREEK HET HOEFMECHANISME BIJ HET PAARD
Bij het paard raakt van de hoef vooral de draagrand de grond; het paard is als het ware
opgehangen in de hoef. Wanneer de hoef de grond raakt, ontstaat er grote druk, die moet
worden opgevangen door uitzetting van de hoef.

Deze uitzetting wordt mogelijk gemaakt door verschillende structuren:

1. De verzenen (pars mobilis) zijn beweeglijk. De hoornwanden staan schuin,
waardoor ze bij het neerkomen naar buiten kunnen wijken.
2. De straal (cuneus), met de middelste en zijdelingse straalgroeven, bevat schuin
verlopende hoorn en speelt een belangrijke rol in het opvangen van de schok.
3. Het hoefkussen zet uit bij belasting en werkt schokdempend. De zooldermis
hecht vooraan aan het hoefbeen en loopt caudaal over in een hypodermaal
vetkussen met zachte hoorn, dat extra flexibiliteit geeft. De hoorn van de
hoefballen blijft soepel door de aanwezigheid van klieren (glandulae torii), wat
nodig is voor de uitzetting.
4. Het hoefkraakbeen, waaraan de verzenen vastzitten, maakt de uitbreiding van
de hoef mogelijk. Het hoefbeen blijft binnen de breedte van de hoef. Verbening
van het hoefkraakbeen beperkt deze beweging, vermindert de schokdemping en
kan tot kreupelheid leiden. Het hoefkraakbeen is via ligamenten verbonden met
het straalbeen, hoefbeen, kroonbeen en kootbeen.

Het hoefmechanisme is ook essentieel voor de circulatie in de voet. Bij het uitzetten
wordt arterieel bloed aangezogen, en bij het samentrekken wordt veneus bloed
teruggestuwd, wat zorgt voor een vorm van gedwongen circulatie.

Om dit mechanisme te behouden mogen hoefijzers enkel op de voorste helft van de hoef
worden vastgezet, tot aan het breedste punt. De achterste helft moet vrij blijven zodat de
hoef kan uitzetten. De nagels worden geplaatst in de witte lijn.

BESPREEK DE KRACHTEN DIE BIJ EEN RENPAARD INWERKEN OP DE
KOGEL EN HOE DEZE KRACHTEN OPGEVANGEN WORDEN.
Bij het renpaard vangt de kogel tijdens het lopen en vooral bij de landingsfase zeer grote
krachten op en zakt hij sterk door in hyperextensie. Deze krachten worden niet zozeer
door spieren, maar vooral door pezen en ligamenten opgevangen. Pezen werken als
elastische structuren: ze slaan energie op bij uitrekking en kunnen meer dan 90% van die
energie teruggeven. Spieren dragen hier slechts beperkt aan bij, vooral tijdens galop.

LANDINGSFASE

Bij het neerkomen komt de kogel in hyperextensie, met vooral belasting op de
oppervlakkige buiger (OB) en de m. interosseus.
De m. interosseus, samen met het lig. metacarpo-intersesamoideum, hangt de kogel op.
Via zijn twee distale schenkels zet hij krachten over op de m. extensor digitorum
communis, tot aan de processus extensorius van het hoefbeen, waardoor kantelen van de
voet wordt voorkomen.




3

Escuela, estudio y materia

Institución
Estudio
Grado

Información del documento

Subido en
14 de enero de 2026
Número de páginas
18
Escrito en
2025/2026
Tipo
Examen
Contiene
Preguntas y respuestas

Temas

$7.12
Accede al documento completo:

¿Documento equivocado? Cámbialo gratis Dentro de los 14 días posteriores a la compra y antes de descargarlo, puedes elegir otro documento. Puedes gastar el importe de nuevo.
Escrito por estudiantes que aprobaron
Inmediatamente disponible después del pago
Leer en línea o como PDF

Conoce al vendedor
Seller avatar
anastasiaverdonck

Documento también disponible en un lote

Conoce al vendedor

Seller avatar
anastasiaverdonck Universiteit Gent
Seguir Necesitas iniciar sesión para seguir a otros usuarios o asignaturas
Vendido
2
Miembro desde
7 meses
Número de seguidores
0
Documentos
3
Última venta
1 mes hace

0.0

0 reseñas

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Por qué los estudiantes eligen Stuvia

Creado por compañeros estudiantes, verificado por reseñas

Calidad en la que puedes confiar: escrito por estudiantes que aprobaron y evaluado por otros que han usado estos resúmenes.

¿No estás satisfecho? Elige otro documento

¡No te preocupes! Puedes elegir directamente otro documento que se ajuste mejor a lo que buscas.

Paga como quieras, empieza a estudiar al instante

Sin suscripción, sin compromisos. Paga como estés acostumbrado con tarjeta de crédito y descarga tu documento PDF inmediatamente.

Student with book image

“Comprado, descargado y aprobado. Así de fácil puede ser.”

Alisha Student

Preguntas frecuentes