Jurisprudentieoverzicht:
Blok 1: Autonomie, totstandkoming & informatie
HR Dwaling samenl. ovk Hoogstpersoonlijke informatie & dwaling
21/02/2014
HR WAV 11/12/2015 Toepassing van art. 3:40 BW
HR Inscharing 20/12/2019 Uitleg en kwalificatie overeenkomsten
HR Deliveroo 24/03/2023 Kwalificatie van een arbeidsovereenkomst
HR Indexatiebeding Toetsing oneerlijk beding
29/12/2024
HR Verlengd verblijf…? Kwalificatie van een huurovereenkomst
31/01/2025
Blok 2: Risico-allocatie
HR BioFer 27/04/2001 Toerekenbaarheid 6:75 (verkeersopvatting)
HR Protocol II 01/04/2005 Tekortkoming + toerekenbaarheid bij medisch
protocol
HR ING/BERA 19/02/2010 Onbevoegde vertegenwoordiging / schijn
volmacht
HR Miragelplombe 19/07/2020 Hulpzaak en toerekenbaarheid (6:77)
HR PIP-implantaat 19/07/2020 Hulpzaak en toerekenbaarheid (6:77)
HR Corona en huurprijs Onvoorziene omstandigheden en risico
(6:258)
HR Meerwerk 01/07/2022 Prijsverhoging aannemingsovk (7:755 en
7:752)
HR Devante/Hascor Fraude bij betaling van factuur: bevrijdend
28/05/2021 betaald?
HvJ Beginnende sporter Richtlijn 93/13: oneerlijke bedingen
20/03/2025
Blok 3: Remedies en rechtsbescherming
HR Renteswap 28/06/2019 Dwaling en zorgplicht bij renteswaps; cherry
picking
HvJ Litouwse Advocaat Oneerlijke bedingen in alg. voorwaarden (Rl.
12/01/2023 93/13)
HR Warmtepomp 05/07/2024 Tekortkoming in nakoming &
schadevergoeding 6:87
HR Opzegging en r&b Rol redelijkheid & billijkheid bij opzegging
16/05/2025 duurovk
HvJ mBank 19/06/2025 Artikel 7 Rl. 93/13; consumentenbescherming
Blok 4:
HR Paal/Lampenier 25/01/2002 Schadevergoeding bij franchiseovk; onjuiste
prognose
HR Staatsloterij I 30/01/2015 Misleidende reclame/mededelingen (6:194
BW)
HR X/Street One 24/02/2017 Nuance op het arrest Paal/Lampenier;
franchiseovk
HR Staatsloterij II 15/07/2022 Misleidende reclame/mededelingen (6:194
BW)
Hof Amsterdam 18/03/2025; Kwalificatie als franchiseovk; dealer- en
zijn dealer- en reparatieovk reparatieovk vallen daar niet onder
franchise?
,Blok 1: Autonomie, totstandkoming en informatie
Hoorcollege 1
Autonomie, totstandkoming en informatie
Voorbereiding literatuur
o J. Graafland, Ethics and economics, London: Routledge 2022, p. 31-42.
Het artikel onderzoekt hoe economie niet waardevrij is, maar diep verbonden met
morele en politieke keuzes. Centrale vragen zijn:
o Wat is een “goede” markt?
o Hoe verhouden economische vrijheid en gelijkheid zich tot elkaar?
o Wat is de rol van de overheid in een markteconomie?
o Draagt economische groei bij aan menselijk geluk?
Drie economische perspectieven op de “goede” markt
Het boek onderscheidt drie stromingen, elk met een eigen visie op markt,
overheid en welzijn:
1. Vrijemarktperspectief (neoliberalisme)
Kernidee: Hoe minder overheidsinterventie, hoe beter. Individuele vrijheid en
ondernemerschap zijn de motoren van groei.
Belangrijke denkers: Hayek, Friedman, Schumpeter.
Kenmerken:
o Ondernemers en innovatie (creatieve destructie) zijn cruciaal voor
vooruitgang.
o De rol van de staat is minimaal: beschermen van eigendomsrechten,
handhaven van contracten, defensie, politie en rechtsstaat.
o Overheidsingrijpen in prijzen, lonen of industriebeleid wordt als schadelijk
gezien.
o Sociale zekerheid wordt tot een minimum beperkt; individuen zijn
verantwoordelijk voor hun eigen welzijn.
o Monopolies zijn acceptabel zolang ze gebaseerd zijn op innovatie of
efficiëntie, niet op kunstmatige bescherming.
2. Perfecte-marktperspectief (neoklassieke school)
Kernidee: De ideale markt is de “perfect competitieve markt” waar vraag en
aanbod vrij spel hebben.
Belangrijke denkers: Marshall, Pigou.
,Kenmerken:
o De prijsmechaniek zorgt voor efficiënt evenwicht (Pareto-optimaliteit).
o De overheid mag ingrijpen bij marktfalen, zoals:
o externe effecten (bv. milieuvervuiling → belastingen/subsidies),
o monopolisering → mededingingsbeleid,
o asymmetrische informatie → transparantie bevorderen.
o Overheid levert publieke goederen (defensie, infrastructuur, rechtspraak).
o Herverdeling van inkomen kan, maar vooral via initiële toewijzing (bv.
onderwijs of belastingen), niet via voortdurende inmenging.
o Mensbeeld: individuen zijn rationeel en streven naar nutsmaximalisatie.
3. Welvaartsstaatperspectief (Keynesiaanse school)
Kernidee: Markten zijn instabiel en ongelijk; de overheid moet actief zorgen voor
stabiliteit en sociale zekerheid.
Belangrijke denkers: Keynes, Beveridge.
Kenmerken:
o Economische schommelingen (crises, werkloosheid) vragen om actief
overheidsbeleid (fiscale en monetaire stimulansen).
o Overheid mag de economie coördineren via investeringen, subsidies en
regulering.
o Sociale zekerheid en herverdeling (progressieve belastingen, zorg,
onderwijs, minimumloon) vergroten vrijheid en welzijn.
o Doel: volledige werkgelegenheid en rechtvaardiger verdeling van inkomen
en vermogen.
Vergelijking van de drie perspectieven
Aspect Vrijemarktperspe Perfecte- Welvaartsstaatperspe
ctief marktperspect ctief
ief
Rol Minimaal Beperkt Uitgebreid (stabilisatie,
overheid (rechtsorde, (marktfalen herverdeling, sociale
eigendom corrigeren, zekerheid)
beschermen) publieke
goederen)
Visie op Innovatie & Perfecte Concurrentie nuttig,
concurren ondernemerschap, concurrentie maar regulering en
tie ook monopolies ideaal, bescherming nodig
toegestaan bestrijding
kartels
Sociale Nauwelijks Beperkt, vooral Centraal, met
zekerheid via initiële uitgebreide
herverdeling verzorgingsstaat
Normatief Vrijheid en Pareto- Inclusieve groei,
uitgangsp individuele efficiëntie gelijkheid en welzijn
unt verantwoordelijkhei (nutssatisfactie)
d
Ethiek en economie
o Vrijemarktperspectief: individuele vrijheid is intrinsiek goed.
o Neoklassieke visie: efficiëntie (Pareto-optimaliteit) is de maatstaf.
o Keynesiaans perspectief: rechtvaardigheid en inclusieve groei zijn
essentieel.
, o Het boek benadrukt dat deze visies niet enkel technische economische
modellen zijn, maar normatieve keuzes die samenhangen met morele
overtuigingen en politieke ideologieën.
Breder kader
o Geluk & economie: Economische groei verhoogt niet automatisch
welzijn; ongelijkheid en onzekerheid verminderen geluk.
o Globalisering & variëteiten van kapitalisme: Er bestaan verschillende
kapitalistische systemen (liberaal, gecoördineerd, gemengd), elk met eigen
voor- en nadelen.
o Beleidsimplicatie: Het debat draait steeds om de balans tussen
marktwerking en overheidsingrijpen.
Overige artikelen: zie arceringen.
o H. A. ten Oever & G.M. Veldt, ‘Vragen over nietigheid op grond van art.
3:40 lid 1 BW: Een pleidooi voor een twee fasen toets’, NTBR 2016/52, p.
354-362.
o J.K. Stam & W.C.T Weterings, ‘(On)verzekerbaarheid van
boetes’, AV&S 2022/33, p.184-196.
Hoorcollege aantekeningen
I. Autonomie
Autonomie zie je niet terugkomen in het BW, net als het beginsel van
contractsvrijheid. Als je creatief bent kan je dit laatste terugzien in art. 6:213
gecombineerd met 3:32 BW. We beschouwen contractsvrijheid als
vanzelfsprekend. Autonomie is het vermogen van een individu tot
zelfbeschikking, zelfbestuur onafhankelijkheid en zelfontplooiing, om zijn eigen
toekomst vorm te geven door middel van vrijwillige keuzes, waardoor het individu
‘het verhaal van het eigen leven’ kan schrijven (en herschrijven).
Aan autonomie zit ook een keerzijde: als je eenmaal een contract hebt gesloten,
kan je het niet zomaar eenzijdig opzeggen omdat dit ingaat tegen de autonomie
van de ander. Autonomie is daarmee een fundamenteel recht en ultieme
verantwoordelijkheid in liberale samenlevingen.
Autonomie impliceert in bovenstaande betekenis:
o Controle over het eigen leven, handelen op basis van de eigen waarden,
verlangens en doelen; bijvoorbeeld door zelf te kiezen om een contract te
sluiten. Een contract is altijd doelgericht. Het is erop gericht jouw
preferenties vorm te geven.
o Vermogen om vrije wil te vormen, weloverwogen keuzes te maken en niet-
gedwongen beslissingen te nemen. Dit zie je terug in 3:32 BW: in beginsel
zijn volwassenen handelingsbekwaam.
Dit zijn aannames. Blijken ze niet te kloppen, dan geeft het contractenrecht een
oplossing. Denk hierbij aan de handelingsonbekwaamheid van kinderen omdat zij
geen weloverwogen keuzes kunnen maken.
Centrale rol in het contractenrecht en de markteconomie:
o Methodologisch individualisme: alles begint met individuele keuzes van
individuele personen, waarbij preferentie een rol speelt. Daarbij wordt vaak
de volgende theorie genoemd:
o Rationele keuze theorie: verschillende varianten. In de meest ruwe vorm
houdt het in dat mensen nadenken voordat zij beslissingen nemen. Aan
een beslissing ligt meestal een cognitief proces aan ten grondslag. Dit
Blok 1: Autonomie, totstandkoming & informatie
HR Dwaling samenl. ovk Hoogstpersoonlijke informatie & dwaling
21/02/2014
HR WAV 11/12/2015 Toepassing van art. 3:40 BW
HR Inscharing 20/12/2019 Uitleg en kwalificatie overeenkomsten
HR Deliveroo 24/03/2023 Kwalificatie van een arbeidsovereenkomst
HR Indexatiebeding Toetsing oneerlijk beding
29/12/2024
HR Verlengd verblijf…? Kwalificatie van een huurovereenkomst
31/01/2025
Blok 2: Risico-allocatie
HR BioFer 27/04/2001 Toerekenbaarheid 6:75 (verkeersopvatting)
HR Protocol II 01/04/2005 Tekortkoming + toerekenbaarheid bij medisch
protocol
HR ING/BERA 19/02/2010 Onbevoegde vertegenwoordiging / schijn
volmacht
HR Miragelplombe 19/07/2020 Hulpzaak en toerekenbaarheid (6:77)
HR PIP-implantaat 19/07/2020 Hulpzaak en toerekenbaarheid (6:77)
HR Corona en huurprijs Onvoorziene omstandigheden en risico
(6:258)
HR Meerwerk 01/07/2022 Prijsverhoging aannemingsovk (7:755 en
7:752)
HR Devante/Hascor Fraude bij betaling van factuur: bevrijdend
28/05/2021 betaald?
HvJ Beginnende sporter Richtlijn 93/13: oneerlijke bedingen
20/03/2025
Blok 3: Remedies en rechtsbescherming
HR Renteswap 28/06/2019 Dwaling en zorgplicht bij renteswaps; cherry
picking
HvJ Litouwse Advocaat Oneerlijke bedingen in alg. voorwaarden (Rl.
12/01/2023 93/13)
HR Warmtepomp 05/07/2024 Tekortkoming in nakoming &
schadevergoeding 6:87
HR Opzegging en r&b Rol redelijkheid & billijkheid bij opzegging
16/05/2025 duurovk
HvJ mBank 19/06/2025 Artikel 7 Rl. 93/13; consumentenbescherming
Blok 4:
HR Paal/Lampenier 25/01/2002 Schadevergoeding bij franchiseovk; onjuiste
prognose
HR Staatsloterij I 30/01/2015 Misleidende reclame/mededelingen (6:194
BW)
HR X/Street One 24/02/2017 Nuance op het arrest Paal/Lampenier;
franchiseovk
HR Staatsloterij II 15/07/2022 Misleidende reclame/mededelingen (6:194
BW)
Hof Amsterdam 18/03/2025; Kwalificatie als franchiseovk; dealer- en
zijn dealer- en reparatieovk reparatieovk vallen daar niet onder
franchise?
,Blok 1: Autonomie, totstandkoming en informatie
Hoorcollege 1
Autonomie, totstandkoming en informatie
Voorbereiding literatuur
o J. Graafland, Ethics and economics, London: Routledge 2022, p. 31-42.
Het artikel onderzoekt hoe economie niet waardevrij is, maar diep verbonden met
morele en politieke keuzes. Centrale vragen zijn:
o Wat is een “goede” markt?
o Hoe verhouden economische vrijheid en gelijkheid zich tot elkaar?
o Wat is de rol van de overheid in een markteconomie?
o Draagt economische groei bij aan menselijk geluk?
Drie economische perspectieven op de “goede” markt
Het boek onderscheidt drie stromingen, elk met een eigen visie op markt,
overheid en welzijn:
1. Vrijemarktperspectief (neoliberalisme)
Kernidee: Hoe minder overheidsinterventie, hoe beter. Individuele vrijheid en
ondernemerschap zijn de motoren van groei.
Belangrijke denkers: Hayek, Friedman, Schumpeter.
Kenmerken:
o Ondernemers en innovatie (creatieve destructie) zijn cruciaal voor
vooruitgang.
o De rol van de staat is minimaal: beschermen van eigendomsrechten,
handhaven van contracten, defensie, politie en rechtsstaat.
o Overheidsingrijpen in prijzen, lonen of industriebeleid wordt als schadelijk
gezien.
o Sociale zekerheid wordt tot een minimum beperkt; individuen zijn
verantwoordelijk voor hun eigen welzijn.
o Monopolies zijn acceptabel zolang ze gebaseerd zijn op innovatie of
efficiëntie, niet op kunstmatige bescherming.
2. Perfecte-marktperspectief (neoklassieke school)
Kernidee: De ideale markt is de “perfect competitieve markt” waar vraag en
aanbod vrij spel hebben.
Belangrijke denkers: Marshall, Pigou.
,Kenmerken:
o De prijsmechaniek zorgt voor efficiënt evenwicht (Pareto-optimaliteit).
o De overheid mag ingrijpen bij marktfalen, zoals:
o externe effecten (bv. milieuvervuiling → belastingen/subsidies),
o monopolisering → mededingingsbeleid,
o asymmetrische informatie → transparantie bevorderen.
o Overheid levert publieke goederen (defensie, infrastructuur, rechtspraak).
o Herverdeling van inkomen kan, maar vooral via initiële toewijzing (bv.
onderwijs of belastingen), niet via voortdurende inmenging.
o Mensbeeld: individuen zijn rationeel en streven naar nutsmaximalisatie.
3. Welvaartsstaatperspectief (Keynesiaanse school)
Kernidee: Markten zijn instabiel en ongelijk; de overheid moet actief zorgen voor
stabiliteit en sociale zekerheid.
Belangrijke denkers: Keynes, Beveridge.
Kenmerken:
o Economische schommelingen (crises, werkloosheid) vragen om actief
overheidsbeleid (fiscale en monetaire stimulansen).
o Overheid mag de economie coördineren via investeringen, subsidies en
regulering.
o Sociale zekerheid en herverdeling (progressieve belastingen, zorg,
onderwijs, minimumloon) vergroten vrijheid en welzijn.
o Doel: volledige werkgelegenheid en rechtvaardiger verdeling van inkomen
en vermogen.
Vergelijking van de drie perspectieven
Aspect Vrijemarktperspe Perfecte- Welvaartsstaatperspe
ctief marktperspect ctief
ief
Rol Minimaal Beperkt Uitgebreid (stabilisatie,
overheid (rechtsorde, (marktfalen herverdeling, sociale
eigendom corrigeren, zekerheid)
beschermen) publieke
goederen)
Visie op Innovatie & Perfecte Concurrentie nuttig,
concurren ondernemerschap, concurrentie maar regulering en
tie ook monopolies ideaal, bescherming nodig
toegestaan bestrijding
kartels
Sociale Nauwelijks Beperkt, vooral Centraal, met
zekerheid via initiële uitgebreide
herverdeling verzorgingsstaat
Normatief Vrijheid en Pareto- Inclusieve groei,
uitgangsp individuele efficiëntie gelijkheid en welzijn
unt verantwoordelijkhei (nutssatisfactie)
d
Ethiek en economie
o Vrijemarktperspectief: individuele vrijheid is intrinsiek goed.
o Neoklassieke visie: efficiëntie (Pareto-optimaliteit) is de maatstaf.
o Keynesiaans perspectief: rechtvaardigheid en inclusieve groei zijn
essentieel.
, o Het boek benadrukt dat deze visies niet enkel technische economische
modellen zijn, maar normatieve keuzes die samenhangen met morele
overtuigingen en politieke ideologieën.
Breder kader
o Geluk & economie: Economische groei verhoogt niet automatisch
welzijn; ongelijkheid en onzekerheid verminderen geluk.
o Globalisering & variëteiten van kapitalisme: Er bestaan verschillende
kapitalistische systemen (liberaal, gecoördineerd, gemengd), elk met eigen
voor- en nadelen.
o Beleidsimplicatie: Het debat draait steeds om de balans tussen
marktwerking en overheidsingrijpen.
Overige artikelen: zie arceringen.
o H. A. ten Oever & G.M. Veldt, ‘Vragen over nietigheid op grond van art.
3:40 lid 1 BW: Een pleidooi voor een twee fasen toets’, NTBR 2016/52, p.
354-362.
o J.K. Stam & W.C.T Weterings, ‘(On)verzekerbaarheid van
boetes’, AV&S 2022/33, p.184-196.
Hoorcollege aantekeningen
I. Autonomie
Autonomie zie je niet terugkomen in het BW, net als het beginsel van
contractsvrijheid. Als je creatief bent kan je dit laatste terugzien in art. 6:213
gecombineerd met 3:32 BW. We beschouwen contractsvrijheid als
vanzelfsprekend. Autonomie is het vermogen van een individu tot
zelfbeschikking, zelfbestuur onafhankelijkheid en zelfontplooiing, om zijn eigen
toekomst vorm te geven door middel van vrijwillige keuzes, waardoor het individu
‘het verhaal van het eigen leven’ kan schrijven (en herschrijven).
Aan autonomie zit ook een keerzijde: als je eenmaal een contract hebt gesloten,
kan je het niet zomaar eenzijdig opzeggen omdat dit ingaat tegen de autonomie
van de ander. Autonomie is daarmee een fundamenteel recht en ultieme
verantwoordelijkheid in liberale samenlevingen.
Autonomie impliceert in bovenstaande betekenis:
o Controle over het eigen leven, handelen op basis van de eigen waarden,
verlangens en doelen; bijvoorbeeld door zelf te kiezen om een contract te
sluiten. Een contract is altijd doelgericht. Het is erop gericht jouw
preferenties vorm te geven.
o Vermogen om vrije wil te vormen, weloverwogen keuzes te maken en niet-
gedwongen beslissingen te nemen. Dit zie je terug in 3:32 BW: in beginsel
zijn volwassenen handelingsbekwaam.
Dit zijn aannames. Blijken ze niet te kloppen, dan geeft het contractenrecht een
oplossing. Denk hierbij aan de handelingsonbekwaamheid van kinderen omdat zij
geen weloverwogen keuzes kunnen maken.
Centrale rol in het contractenrecht en de markteconomie:
o Methodologisch individualisme: alles begint met individuele keuzes van
individuele personen, waarbij preferentie een rol speelt. Daarbij wordt vaak
de volgende theorie genoemd:
o Rationele keuze theorie: verschillende varianten. In de meest ruwe vorm
houdt het in dat mensen nadenken voordat zij beslissingen nemen. Aan
een beslissing ligt meestal een cognitief proces aan ten grondslag. Dit