Week 1
Hoofdstuk 1: what is white-collar crime?
Definities Sutherland =
1. een delict gepleegd door een respectabel persoon met een hoge sociale status bij de
uitvoering van iemands werk of beroep
Refereert naar business managers en executives
2. Een person met een hoge sociale status die wetten overtreedt die het dienstverband dienen
te controleren
Centraal: sociale status + vanuit iemands beroep = white-collar crime
Kritiek op Sutherlands’ blik
1. De legale status van deze delicten: Sutherland bedoelt naast strafrecht ook civiel recht
a. Kritiek hierop is dat iets alleen criminaliteit genoemd kan worden indien dit valt
onder het strafrecht
b. Sutherland rekt het recht op ook zonder strafrecht!
i. Als dat gedrag al onder het strafrecht valt, is de kans dat zij aansprakelijk
worden gesteld heel klein
2. Sociale status: Sutherland wil specifiek de aandacht trekken richting criminaliteit van
bedrijfgroepen
a. Kritiek hierop is dat het zorgt voor problemen met onderzoek en analyse
i. Sociale status kan niet worden gebruikt als verklarende variabele omdat het
niet mag verschillen onafhankelijk van de criminaliteit
Offender-based approaches for defining white-collar crime
Offender-based= nadruk op essentiële karaktereigenschappen van plegers van criminaliteit
Voor white-collar crime: hoge sociale status, macht, respectabiliteit
NL: witteboordencriminaliteit
Offense-based approaches
Offense-based= nadruk op de aard van de criminaliteit, de wijze waarop het wordt uitgevoerd
NL: financieel-economische criminaliteit
Edelhertz: een illegale handeling of serie illegale handelingen gepleegd op een niet-fysieke
wijze, juist op het verbergen van geldvergaring of eigendommen, vermijden van geldverlies
of vergaren van zaken voor persoonlijk gewin
4 basic types van white-collar crime
1. Persoonlijke criminaliteit: criminaliteit door personen die opereren op een individuele
basis, voor persoonlijk gewin in een niet-zakelijke context
2. Misbruik van vertrouwen: criminaliteit tijdens de uitoefening van hun beroep door
personen die opereren binnen bedrijven of overheidsinstellingen, of in een professionele
heodanigheid, in strijd met hun plicht tot loyaliteit en trouw aan werkgever of klant
, Master – financieel-economische criminaliteit
3. Bedrijfscriminaliteit: criminaliteit die bijkomstig is aan en ter bevordering van de
bedrijfsvoering, maar niet het centrale doel van die bedrijfsvoering vormen
4. Oplichter-spellen: witteboordencriminaliteit als een bedrijf, of als de centrale activiteit
van het bedrijf
Shapiro: essentieel is de overtreding of het misbruik van vertrouwen
Kritiek
1. Tunnelvisie door teveel richten op die karakteristieken
2. Door te grote focus op geld en eigendom, wordt de aandacht voor witteboordencriminaliteit
dat zich richt op fysieke schade beperkt
Reconsidering the 2 approaches
Sutherland: witteboordencriminaliteit heeft betrekking op bepaalde technieken
2 categorieën
1. Onjuiste voorstelling van vermogenswaarden (fraude/oplichting)
2. Dubbelhartig in het manipuleren van macht (bedrog)
Sociale en beroepsmatige karaktereigenschappen van witteboordencriminelen
Ernst:
o De schade
o De schuld
Meten van witteboordencriminaliteit
1. Offense-based
Grotere hoeveelheden alle delicten die gebaseerd zijn op fraude of bedrog worden
meegeteld, onafhankelijk van wie ze pleegt en hoe klein ze zijn
2. Offender-based
Kleinere hoeveelheden alleen delicten gepleegd door mensen met een hoge sociale
status, waarbij het beroepsmatig gepleegd is
Hoofdstuk 2: who is the white-collar offender?
, Master – financieel-economische criminaliteit
Sutherland: de witteboordencrimineel is een respectabel persoon met een hoge sociale status die
diens werkpositie gebruikt als mogelijkheid voor illegaal gedrag
Edelhertz: wat weten we over personen die eigendomscriminaliteit plegen op niet-fysieke wijzen en
met behulp van verhulling of bedrog?
Yale studies
8 soorten overtredingen in het federale wetboek van strafrecht: dit is witteboordencriminaliteit
1. Schendingen van de effectenwetgeving
2. Schendingen van de kartelwetgeving
3. Omkoping
4. Bank-verduistering
5. Post- en wirefraude
6. Belastingsfraude
7. Valse claims en verklaringen
8. Fraude met kredietinstellingen
Beperkingen onderzoek
1. Een andere combinatie van misdaden zouden misschien andere resultaten genereren
2. Een andere combinatie van districten zou misschien andere resultaten genereren
3. Exclusie van mogelijke daders vanwege andere wijze van zaakbehandeling
4. Daders die zijn veroordeeld zijn misschien anders dan daders die nooit gepakt zijn
Sociaal-demografische karakteristieken van witteboordencriminelen
Ten opzichte van generaal publiek
Gender: veelal mannen 9 op 10
Afkomst: veelal wit (81,7%)
Leeftijd: 40 jaar
Ten opzichte van niet-gewelddadige delicten
Niet-witte mensen zijn grotendeels overgerepresenteerd bij ‘common’ delicten en
ondergerepresenteerd bij witte-boordencriminelen
‘common’ delicten zijn 10 jaar jonger dan witteboorden
Meer vrouwen bij ‘common’ delicten dan bij witteboorden
De meeste witteboordencriminelen zijn niet hoog opgeleid: meer dan 70% hebben geen
universiteit/hbo gedaan
Conclusie
De gemiddelde witteboordencrimineel is een 40-jarige, witte man