🗺️
Empirical Legal Studies
H1: Benaderingen in empirisch onderzoek
naar het recht
De vier dimensies die onderscheid maken tussen juridisch en empirisch
bestudering van het recht.
Onderzoeksdoelen
Juridisch: Praktische en normatief
Empirisch: Beschrijven en/of verklarend
Perspectief
Juridisch: intern perspectief: Dit houdt in dat de rechtswetenschappers de
regels van een juridisch systeem volgt waarin de redelijke afweging van
belangen, waarden en doeleinden centraal staan.
Empirisch: Extern: een onderzoeker die een extern perspectief hanteert,
observeert de gedragingen, emoties, opvattingen en belangen van
deelnemers aan de rechtspraktijk van buitenaf en probeert deze te
beschrijven en verklaren zonder zelf een normatieve positie in te nemen te
opzichte van de gedragingen en betekenissen die de onderzochten aan hun
eigen handelen toeschrijven.
Onderzoeksmethode
Juridisch: In de hermeneutische methode staat de interpretatie van teksten
centraal.
Empirisch: de sociale wetenschappen: Dit houdt in dat de gegevens op
systematische wijze worden verzameld en geanalyseerd en dat er
uitgebreid verantwoording wordt afgelegd over methodologische keuzes
Kennisclaims
Empirical Legal Studies 1
, Juridisch: Kennisclaims kunnen gebaseerd zijn op autoriteitsargumenten
en kunnen tijds- of plaatsgebonden zijn.
Empirisch: Kennisclaims zijn eerder gebaseerd op onpersoonlijke criteria
zoals de validiteit en objectiviteit van waarnemingen van de onderzoeker of
juist meer universele pretenties hebben.
Deze verschillen zijn gradueel in plaats van absoluut
Intern vs. extern perspectief
Juridisch: intern perspectief: Dit houdt in dat de rechtswetenschappers de
regels van een juridisch systeem volgt waarin de redelijke afweging van
belangen, waarden en doeleinden centraal staan.
Empirisch: Extern: een onderzoeker die een extern perspectief hanteert,
observeert de gedragingen, emoties, opvattingen en belangen van
deelnemers aan de rechtspraktijk van buitenaf en probeert deze te
beschrijven en verklaren zonder zelf een normatieve positie in te nemen te
opzichte van de gedragingen en betekenissen die de onderzochten aan hun
eigen handelen toeschrijven.
Replicatiestandaard
Deze standaard houdt in dat iedereen in principe in staat moet zijn om
onderzoek dat door een ander is verricht te begrijpen, beoordelen, verder
te ontwikkelen of te reproduceren zonder aanvullende informatie van de
onderzoeker.
Instrumentele benadering van het recht
In de instrumentele benadering wordt het recht primair gezien als
instrument voor gedragsverandering of voor maatschappelijke
verandering. Het vertrekpunt van de instrumentele benadering is de
constatering dat er vaak een groot verschil bestaat tussen wat de wet
voorschrijft en wat daar in de praktijk van terechtkomt.
De rechtspluralistische benadering van het recht
Het uitgangspunt van deze benadering is dat niet alleen het geldende recht,
maar ook andere sociale normen door burgers als bindende
verplichtingen kunnen worden ervaren en als zodanig kunnen
functioneren.
Recht en Samenleving benadering van het recht
Empirical Legal Studies 2
, Recht en samenleving is een benadering waarin het recht zelf wordt
verklaard als uitkomst van sociale verhoudingen of culturele denkbeelden
waar het recht vervolgens zelf een bijdrage aan levert
Levend recht
Met levend recht doelde hij op de normen die burgers als verplichtend
ervaren ook al zijn ze niet bij de wet vastgelegd
Semiautonoom sociaal veld (SASV)
Een semiautonoom sociaal veld wordt gekenmerkt door het vermogen van
degenen die er deel van uitmaken om eigen regels op te stellen en om
degenen die zich niet aan deze regels houden te bestraffen met sociale
uitsluiting als ultieme sanctie.
De sociale werking van recht: Een
kennismaking met de rechtssociologie en
rechtsantropologie
Vier stellingen die spiegelbeeldig zijn aan de verborgen veronderstellingen
van de instrumentalistische benadering
1. De veronderstelling dat de mens fundamenteel sociaal van aard is
2. De veronderstelling dat juridische communicatie afhankelijk is van
sociale factoren
3. De veronderstelling van rechtspluralisme
4. De veronderstelling dat wetgeving deel uitmaakt van het sociale leven
Bovenstaande vier stellingen komen op het volgende neer: De invloed van
wetgeving op
gedrag kan alleen begrepen worden als men de sociale organisatie centraal
stelt. De relevante
sociale organisatie omvat veel meer dan de staat alleen en is niet geheel
afgeleid of afhankelijk
van de staat. Bovendien is de inter ne organisatie van de staat zelf veel
complexer dan het
instrumentalistische model veronderstelt. Een wetgevingstheorie die
fundamenteel en bruik-
baar inzicht in wetgeving wil bieden moet uitgaan van een realistisch model
Empirical Legal Studies 3
, van de sociale
situatie en de sociale processen die in het geding zijn, en niet van een
ideologisch bepaald
model.
Kortom: Een theorie van wetgeving moet een sociologische theorie zijn.
Het probleem van instrumentalistische benadering
De kern van het probleem is dat het instrumentalistische project behoefte
heeft aan niet een,
maar aan twee soorten theorie: een theorie over het volgen van regels en
een oneindig aantal
verschillende ‘beleidstheorieën’ die de verbinding leggen tussen directe
effecten (regelgeleid
gedrag) en indirecte effecten (beleidsdoelen) voor elk mogelijke onderwerp
van wetgeving.
Aangezien geen algemene beleidstheorie denkbaar is, hoeft het niet te
verbazen dat het instru-
mentalisme nooit enig algemeen inzicht in wetgeving heeft voortgebracht.
De tekst zegt dat het instrumentalisme tekortschiet omdat het:
niet voldoende heeft aan één algemene theorie;
per beleidsveld aparte theorieën nodig heeft;
daardoor geen algemeen inzicht in wetgeving oplevert.
Kennisclip 1
Bottom up perspectief
Dan kijk je vanuit de burger
SASV
Groepen die eigen gedragsregels voortbrengen en handhaven
Er bestaan meerdere SASV’s die kunnen samenhangen en overlappen
SASV’s zijn in meer of mindere mate autonoom (maar nooit volledig
autonoom)
Empirical Legal Studies 4
Empirical Legal Studies
H1: Benaderingen in empirisch onderzoek
naar het recht
De vier dimensies die onderscheid maken tussen juridisch en empirisch
bestudering van het recht.
Onderzoeksdoelen
Juridisch: Praktische en normatief
Empirisch: Beschrijven en/of verklarend
Perspectief
Juridisch: intern perspectief: Dit houdt in dat de rechtswetenschappers de
regels van een juridisch systeem volgt waarin de redelijke afweging van
belangen, waarden en doeleinden centraal staan.
Empirisch: Extern: een onderzoeker die een extern perspectief hanteert,
observeert de gedragingen, emoties, opvattingen en belangen van
deelnemers aan de rechtspraktijk van buitenaf en probeert deze te
beschrijven en verklaren zonder zelf een normatieve positie in te nemen te
opzichte van de gedragingen en betekenissen die de onderzochten aan hun
eigen handelen toeschrijven.
Onderzoeksmethode
Juridisch: In de hermeneutische methode staat de interpretatie van teksten
centraal.
Empirisch: de sociale wetenschappen: Dit houdt in dat de gegevens op
systematische wijze worden verzameld en geanalyseerd en dat er
uitgebreid verantwoording wordt afgelegd over methodologische keuzes
Kennisclaims
Empirical Legal Studies 1
, Juridisch: Kennisclaims kunnen gebaseerd zijn op autoriteitsargumenten
en kunnen tijds- of plaatsgebonden zijn.
Empirisch: Kennisclaims zijn eerder gebaseerd op onpersoonlijke criteria
zoals de validiteit en objectiviteit van waarnemingen van de onderzoeker of
juist meer universele pretenties hebben.
Deze verschillen zijn gradueel in plaats van absoluut
Intern vs. extern perspectief
Juridisch: intern perspectief: Dit houdt in dat de rechtswetenschappers de
regels van een juridisch systeem volgt waarin de redelijke afweging van
belangen, waarden en doeleinden centraal staan.
Empirisch: Extern: een onderzoeker die een extern perspectief hanteert,
observeert de gedragingen, emoties, opvattingen en belangen van
deelnemers aan de rechtspraktijk van buitenaf en probeert deze te
beschrijven en verklaren zonder zelf een normatieve positie in te nemen te
opzichte van de gedragingen en betekenissen die de onderzochten aan hun
eigen handelen toeschrijven.
Replicatiestandaard
Deze standaard houdt in dat iedereen in principe in staat moet zijn om
onderzoek dat door een ander is verricht te begrijpen, beoordelen, verder
te ontwikkelen of te reproduceren zonder aanvullende informatie van de
onderzoeker.
Instrumentele benadering van het recht
In de instrumentele benadering wordt het recht primair gezien als
instrument voor gedragsverandering of voor maatschappelijke
verandering. Het vertrekpunt van de instrumentele benadering is de
constatering dat er vaak een groot verschil bestaat tussen wat de wet
voorschrijft en wat daar in de praktijk van terechtkomt.
De rechtspluralistische benadering van het recht
Het uitgangspunt van deze benadering is dat niet alleen het geldende recht,
maar ook andere sociale normen door burgers als bindende
verplichtingen kunnen worden ervaren en als zodanig kunnen
functioneren.
Recht en Samenleving benadering van het recht
Empirical Legal Studies 2
, Recht en samenleving is een benadering waarin het recht zelf wordt
verklaard als uitkomst van sociale verhoudingen of culturele denkbeelden
waar het recht vervolgens zelf een bijdrage aan levert
Levend recht
Met levend recht doelde hij op de normen die burgers als verplichtend
ervaren ook al zijn ze niet bij de wet vastgelegd
Semiautonoom sociaal veld (SASV)
Een semiautonoom sociaal veld wordt gekenmerkt door het vermogen van
degenen die er deel van uitmaken om eigen regels op te stellen en om
degenen die zich niet aan deze regels houden te bestraffen met sociale
uitsluiting als ultieme sanctie.
De sociale werking van recht: Een
kennismaking met de rechtssociologie en
rechtsantropologie
Vier stellingen die spiegelbeeldig zijn aan de verborgen veronderstellingen
van de instrumentalistische benadering
1. De veronderstelling dat de mens fundamenteel sociaal van aard is
2. De veronderstelling dat juridische communicatie afhankelijk is van
sociale factoren
3. De veronderstelling van rechtspluralisme
4. De veronderstelling dat wetgeving deel uitmaakt van het sociale leven
Bovenstaande vier stellingen komen op het volgende neer: De invloed van
wetgeving op
gedrag kan alleen begrepen worden als men de sociale organisatie centraal
stelt. De relevante
sociale organisatie omvat veel meer dan de staat alleen en is niet geheel
afgeleid of afhankelijk
van de staat. Bovendien is de inter ne organisatie van de staat zelf veel
complexer dan het
instrumentalistische model veronderstelt. Een wetgevingstheorie die
fundamenteel en bruik-
baar inzicht in wetgeving wil bieden moet uitgaan van een realistisch model
Empirical Legal Studies 3
, van de sociale
situatie en de sociale processen die in het geding zijn, en niet van een
ideologisch bepaald
model.
Kortom: Een theorie van wetgeving moet een sociologische theorie zijn.
Het probleem van instrumentalistische benadering
De kern van het probleem is dat het instrumentalistische project behoefte
heeft aan niet een,
maar aan twee soorten theorie: een theorie over het volgen van regels en
een oneindig aantal
verschillende ‘beleidstheorieën’ die de verbinding leggen tussen directe
effecten (regelgeleid
gedrag) en indirecte effecten (beleidsdoelen) voor elk mogelijke onderwerp
van wetgeving.
Aangezien geen algemene beleidstheorie denkbaar is, hoeft het niet te
verbazen dat het instru-
mentalisme nooit enig algemeen inzicht in wetgeving heeft voortgebracht.
De tekst zegt dat het instrumentalisme tekortschiet omdat het:
niet voldoende heeft aan één algemene theorie;
per beleidsveld aparte theorieën nodig heeft;
daardoor geen algemeen inzicht in wetgeving oplevert.
Kennisclip 1
Bottom up perspectief
Dan kijk je vanuit de burger
SASV
Groepen die eigen gedragsregels voortbrengen en handhaven
Er bestaan meerdere SASV’s die kunnen samenhangen en overlappen
SASV’s zijn in meer of mindere mate autonoom (maar nooit volledig
autonoom)
Empirical Legal Studies 4