Paragraaf 1: India een wereld op zich
INDIA ligt in Azië en is 80 keer zo groot dan Nederland. Er wonen 1,2 miljard mensen. Het
belangrijkste geloof is het hindoeïsme. Er worden honderden verschillende talen gesproken, waarbij
Hindi de belangrijkste is. Iedereen spreekt wel goed Engels.
Landschap en klimaat:
Binnen India bestaan er grote verschillen in het landschap en klimaat.
In het Noorden ligt de Himalaya met hoogtes tot meer dan 8000 m. Op deze hoogte is het
ijzig koud en hierdoor zijn de bergen altijd bedekt met sneeuw en ijs.
Vanaf de Himalaya stromen veel rivieren richting de zee. De langste rivier is de Ganges, dit is
een heilige rivier. Ruim 1000 km voor de kust is de Gangesvlakte. Bij overstromingen laat de
rivier slib achter, dit zorgt ervoor dat dit gebied heel vruchtbaar is. Dit gebied is dichtbevolkt
(gebied met veel inwoners per m2) net als de smalle kustvlaktes langs de oost- en westkust.
Midden in India ligt een hoogvlakte (vlakke of zacht golvende gebieden boven de 500m). Het
regent er niet veel en het landschap daar is steppen en savannes.
Langs de kust in het zuiden van India zijn er tropische regenwouden > daar is het altijd warm.
Moesson:
Een vochtige zeewind die in de zomermaanden vanaf de Indische Oceaan naar India waait. Dit zorg
voor droge winters en natte zomers.
Kastenstelsel:
Volgens het hindoeïsme is de bevolking ingedeeld in
verschillende groepen (kaste). Je zit vanaf je geboorte in een
bepaalde kaste en daar blijf je heel je leven in. Je kunt niet
opeens in een andere kaste komen. Het kastenstelsel zorgt
voor ongelijkheid tussen de mensen. Hoe hoger je in de
kastestelsel staat, hoe meer rechten en aanzien je hebt. In
1950 is het kastenstelsel afgeschaft, maar toch bestaat het nog
in India.
Kolonie:
India was jarenlang een kolonie van Engeland. Een kolonie is een overzees gebiedsdeel van een
Europees land. India werd in 1947 onafhankelijk van Engeland.