6.2 Professioneel netwerken
Leeruitkomst 6.2 Je bouwt een effectief netwerk van professionals op dat je onderhoudt en benut
in je functioneren. Dit doe je op de volgende niveaus: persoonlijk; team; organisatie;
beroepsgroep. Op internationaal niveau benut je bestaande netwerken. Vanuit je actieve
netwerkgedrag heb je invloed op de voor jou relevante processen in de organisatie.
|
CHE Social Work | 2024
Inhoudsopgave
Omschrijving functie...........................................................................................................................3
Korte schets........................................................................................................................................3
,Effectief netwerk....................................................................................................................................3
Persoonlijk functioneren....................................................................................................................3
Effectieve netwerk..............................................................................................................................4
Invloed en inzet netwerk....................................................................................................................4
Onderhouden en benutten netwerk binnen organisatie........................................................................5
Voorbeeld 1........................................................................................................................................5
Voorbeeld 2........................................................................................................................................6
Benutten netwerk professionals beroepsgroep.....................................................................................7
Voorbeeld 1........................................................................................................................................7
Voorbeeld 2........................................................................................................................................7
Voorbeeld 3........................................................................................................................................8
Internationaal netwerk...........................................................................................................................8
Theorie...............................................................................................................................................8
Conclusie gesprek...............................................................................................................................9
Lobbyen en onderhandelen....................................................................................................................9
Schets situatie...................................................................................................................................10
Uitkomst...........................................................................................................................................10
Literatuurlijst........................................................................................................................................10
Bijlagen.................................................................................................................................................11
Bijlage A > Inzet en invloed netwerk.................................................................................................11
Bijlage B > functieprofiel regiebegeleider.........................................................................................13
Bijlage C > Agenda groepsoverleg.....................................................................................................16
Bijlage D > ROEL................................................................................................................................17
Bijlage E > Ondersteuningsplancyclus...............................................................................................18
Bijlage F > Externe interviews...........................................................................................................19
Bijlage G > Kennis- en inspiratieavond slapen..................................................................................20
Bijlage H > LinkedInaccount..............................................................................................................20
Bijlage I > Mini-symposium...............................................................................................................21
Bijlage J > Gesprek internationaal contact........................................................................................22
….., student Social Work aan de Christelijke Hogeschool in Ede. Sinds 2009 werkzaam voor
zorgorganisatie Reinaerde. Reinaerde biedt ondersteuning en zorg aan mensen met diverse
beperkingen of psychische problematiek (Reinaerde, z.d.). Vanaf 2016 werkzaam op een
structuurgroep van een KDC waar kinderen tussen de 2 en 5 jaar oud met verschillende hulpvragen
worden behandeld.
2
, Omschrijving functie
Als regiebegeleider behandel en begeleid je kinderen op de groep volgens het ondersteuningsplan.
Met collega's stel je (individuele) dagprogramma's op. Het formuleren van passende hoofddoelen,
deze omzetten naar werkdoelen en wensen en mogelijkheden inventariseren, daar ligt de kracht. Jij
bent verantwoordelijk voor het opstellen, de voortgang en de uitvoering van het individuele
ondersteuningsplan van het kind. Samen met familie ga je in samenwerking met een multidisciplinair
team op zoek naar de best passende behandeling en begeleiding. Je coördineert en stemt de
uitvoering van de ondersteuningsplannen af met collega's.
Op het KDC wordt multidisciplinair gewerkt rondom het kind. De expertises; een regiebegeleider,
gedragsdeskundige, logopediste, fysiotherapeut, ergotherapeut en een muziektherapeut werken aan
dezelfde doelen. Doelen die gezamenlijk voor het kind opgesteld zijn in een ondersteuningsplan.
Samenwerken met externe partijen zoals, de gemeente, het buurtteam en het
samenwerkingsverband zijn ook onderdeel van het multidisciplinair werken.
Korte schets
In het verslag formuleer ik wat ik onder professioneel functioneren versta, welke professionals
daarvoor in mijn situatie van belang zijn en hoe ik dit netwerk inzet, onderhoud en benut. Voor deze
opdracht maak ik gebruik van bestaande netwerk maar ook het netwerk wat ik heb opgedaan voor
de opdracht van module 7. Bij de opdracht van module 7 heb ik actief professionals buiten mijn
bestaande netwerk benaderd.
Effectief netwerk
Persoonlijk functioneren
Persoonlijk functioneren, het functioneren van jou als persoon op verschillende vlakken om
activiteiten uit te kunnen voeren in je dagelijkse leven. Het persoonlijke deel van jezelf neem je mee
in je werk. Er is ook wisselwerking, kennis die je opdoet als professional heeft ook weer invloed op je
persoonlijk zijn. Welke eigenschappen en kwaliteiten neem je mee van je persoonlijke ik? Welke
inhoudelijke kennis heb je opgedaan, hoe maak je gebruik van deze kennis in je functioneren als
werknemer? Wat geeft jou als werknemer kleur in je werk? Gezamenlijk vormt dit je professionele
identiteit (Ruijters, 2018).
3
Leeruitkomst 6.2 Je bouwt een effectief netwerk van professionals op dat je onderhoudt en benut
in je functioneren. Dit doe je op de volgende niveaus: persoonlijk; team; organisatie;
beroepsgroep. Op internationaal niveau benut je bestaande netwerken. Vanuit je actieve
netwerkgedrag heb je invloed op de voor jou relevante processen in de organisatie.
|
CHE Social Work | 2024
Inhoudsopgave
Omschrijving functie...........................................................................................................................3
Korte schets........................................................................................................................................3
,Effectief netwerk....................................................................................................................................3
Persoonlijk functioneren....................................................................................................................3
Effectieve netwerk..............................................................................................................................4
Invloed en inzet netwerk....................................................................................................................4
Onderhouden en benutten netwerk binnen organisatie........................................................................5
Voorbeeld 1........................................................................................................................................5
Voorbeeld 2........................................................................................................................................6
Benutten netwerk professionals beroepsgroep.....................................................................................7
Voorbeeld 1........................................................................................................................................7
Voorbeeld 2........................................................................................................................................7
Voorbeeld 3........................................................................................................................................8
Internationaal netwerk...........................................................................................................................8
Theorie...............................................................................................................................................8
Conclusie gesprek...............................................................................................................................9
Lobbyen en onderhandelen....................................................................................................................9
Schets situatie...................................................................................................................................10
Uitkomst...........................................................................................................................................10
Literatuurlijst........................................................................................................................................10
Bijlagen.................................................................................................................................................11
Bijlage A > Inzet en invloed netwerk.................................................................................................11
Bijlage B > functieprofiel regiebegeleider.........................................................................................13
Bijlage C > Agenda groepsoverleg.....................................................................................................16
Bijlage D > ROEL................................................................................................................................17
Bijlage E > Ondersteuningsplancyclus...............................................................................................18
Bijlage F > Externe interviews...........................................................................................................19
Bijlage G > Kennis- en inspiratieavond slapen..................................................................................20
Bijlage H > LinkedInaccount..............................................................................................................20
Bijlage I > Mini-symposium...............................................................................................................21
Bijlage J > Gesprek internationaal contact........................................................................................22
….., student Social Work aan de Christelijke Hogeschool in Ede. Sinds 2009 werkzaam voor
zorgorganisatie Reinaerde. Reinaerde biedt ondersteuning en zorg aan mensen met diverse
beperkingen of psychische problematiek (Reinaerde, z.d.). Vanaf 2016 werkzaam op een
structuurgroep van een KDC waar kinderen tussen de 2 en 5 jaar oud met verschillende hulpvragen
worden behandeld.
2
, Omschrijving functie
Als regiebegeleider behandel en begeleid je kinderen op de groep volgens het ondersteuningsplan.
Met collega's stel je (individuele) dagprogramma's op. Het formuleren van passende hoofddoelen,
deze omzetten naar werkdoelen en wensen en mogelijkheden inventariseren, daar ligt de kracht. Jij
bent verantwoordelijk voor het opstellen, de voortgang en de uitvoering van het individuele
ondersteuningsplan van het kind. Samen met familie ga je in samenwerking met een multidisciplinair
team op zoek naar de best passende behandeling en begeleiding. Je coördineert en stemt de
uitvoering van de ondersteuningsplannen af met collega's.
Op het KDC wordt multidisciplinair gewerkt rondom het kind. De expertises; een regiebegeleider,
gedragsdeskundige, logopediste, fysiotherapeut, ergotherapeut en een muziektherapeut werken aan
dezelfde doelen. Doelen die gezamenlijk voor het kind opgesteld zijn in een ondersteuningsplan.
Samenwerken met externe partijen zoals, de gemeente, het buurtteam en het
samenwerkingsverband zijn ook onderdeel van het multidisciplinair werken.
Korte schets
In het verslag formuleer ik wat ik onder professioneel functioneren versta, welke professionals
daarvoor in mijn situatie van belang zijn en hoe ik dit netwerk inzet, onderhoud en benut. Voor deze
opdracht maak ik gebruik van bestaande netwerk maar ook het netwerk wat ik heb opgedaan voor
de opdracht van module 7. Bij de opdracht van module 7 heb ik actief professionals buiten mijn
bestaande netwerk benaderd.
Effectief netwerk
Persoonlijk functioneren
Persoonlijk functioneren, het functioneren van jou als persoon op verschillende vlakken om
activiteiten uit te kunnen voeren in je dagelijkse leven. Het persoonlijke deel van jezelf neem je mee
in je werk. Er is ook wisselwerking, kennis die je opdoet als professional heeft ook weer invloed op je
persoonlijk zijn. Welke eigenschappen en kwaliteiten neem je mee van je persoonlijke ik? Welke
inhoudelijke kennis heb je opgedaan, hoe maak je gebruik van deze kennis in je functioneren als
werknemer? Wat geeft jou als werknemer kleur in je werk? Gezamenlijk vormt dit je professionele
identiteit (Ruijters, 2018).
3