Goed leven met dementie
Student naam
Student nummer
Opleiding Verpleegkunde
Titel EVL Persoon met dementie en zijn naaste omgeving
Code EVL GW-DEM-PDO.V021
Datum van inleveren …….- april 2025
Versie (eerste kans of herkansing) Eerste kans
,Voorwoord
Mijn naam is ….. Ik studeer Verpleegkunde aan ….. te ….. Momenteel volg ik Minor “Goed leven met
dementie”. Dit beroepsproduct is geschreven om te laten zien dat ik als HBO-verpleegkundige in opleiding in
staat ben om regie te voeren en interdisciplinair samen te werken. Dit is het eerste deel van de minor:
“Persoon met dementie en zijn naaste omgeving”.
Het geschreven plan is tot stand gekomen bij de organisatie (organisatienaam), specifiek locatie de ….. in
……. De cliëntpopulatie omvat de leeftijd van 65 jaar, tot overlijden. De verpleegkundige in opleiding (i.o.)
werkt binnen de eerstelijnszorgafdeling in verpleeghuissetting op een wonen met zorg (WMZ) afdeling.
Vanuit eerdere werkervaringen bestaat een specifieke interesse in de ontwikkelingen rondom dementie,
daar ontstaat ook de motivatie voor deze minor. Mijn doel is een bijdrage te leveren aan een goed leven met
dementie, zodat de levenskwaliteit van de cliënt vergroot.
Graag bedank ik de cliënt en zijn naasten voor het meedenken en de inspiratie die is opgedaan om het leven
met dementie te verbeteren. Ook dank ik mijn werkbegeleider voor haar inzicht gevende vragen die zijn
gesteld en de leerzame feedback in dit proces.
Ik wens u veel leesplezier.
,Inhoud
Voorwoord........................................................................................................................ 2
Inleiding........................................................................................................................... 4
1. Levensverhaal.............................................................................................................. 5
1.1 Levensgeschiedenis................................................................................................ 6
1.2 Huidige situatie....................................................................................................... 6
1.2.1 Sociaal.............................................................................................................. 6
1.2.2 Cognitief........................................................................................................... 7
1.2.3 Lichamelijk........................................................................................................ 7
1.3 Belangrijke waarden............................................................................................... 7
1.3.1 Behoeften......................................................................................................... 8
1.3.2 Innovaties......................................................................................................... 8
2. Verantwoordingsverslag.............................................................................................. 9
2.1 Huidige situatie....................................................................................................... 9
2.2 Fasen van dementie.............................................................................................. 10
2.3 De Goeden............................................................................................................ 10
2.4 Klavervier gesprekshulpmiddel............................................................................. 11
2.4.1 Gesprekstechnieken....................................................................................... 12
2.5 Verpleegkundige diagnosen..................................................................................13
2.6 Innovaties............................................................................................................. 13
2.6.1 SEIPS-model.................................................................................................... 13
2.6.2 Doelen, schema en evaluatiemoment............................................................17
2.6.3 Feedback innovatie......................................................................................... 18
3. Botsende waarden..................................................................................................... 19
3.1 De grens tussen verantwoordelijkheid en realiteit................................................19
3.2 Wat botste er?...................................................................................................... 20
4. Reflectie ‘Reis van de held’........................................................................................ 21
5. Literatuurlijst.............................................................................................................. 23
6. Bijlages...................................................................................................................... 25
Bijlage A: Ecogram...................................................................................................... 25
Bijlage B: Dagritme..................................................................................................... 25
Bijlage C: Anamnese klavervier..................................................................................25
Bijlage D: Feedback persoon met dementie (PmD).....................................................26
Bijlage E: Feedbackformulier leerwerkbegeleider.......................................................27
Bijlage F: 360 graden feedback leerwerkbegeleider...................................................27
Bijlage G: Beoordelingsformulier.................................................................................28
Bijlage H: Verantwoording gebruik GenAI...................................................................33
, Inleiding
In de uitwerking van dit verslag leest u de analyse aan de hand van de gekozen casuïstiek. Door oog te
houden voor de autonomie van de cliënt is de eigen regie zoveel als mogelijk bij de cliënt gebleven. Dit
creëerde draagvlak voor de innovatie die zich later heeft ontwikkeld. Aan de hand van gezamenlijke
besluitvorming zijn de ondersteuningsbehoeften in kaart gebracht, met passende interventies. Er is in dit