Gedragsleer
,Inhoudsopgave
Kwartiel 1.......................................................................................................................3
College 1.1..................................................................................................................3
Bronnen voor de verpleegkundige professionaliteit................................................3
College 1.2..................................................................................................................5
Mensenwetenschappen in de verpleegkundige beroepsuiting...............................5
Kwartiel 2.......................................................................................................................6
College 2.1..................................................................................................................6
Hoe wordt ik goed in mijn vak & in andere vakken?...............................................6
College 2.2..................................................................................................................9
Hoe help ik iemand ergens goed in worden?..........................................................9
College 2.3................................................................................................................10
De normale ontwikkeling.......................................................................................10
College 2.4................................................................................................................13
De abnormale/ afwijkende/beïnvloeder/ontwikkeling............................................13
College 2.5................................................................................................................16
Ontwikkeling Herhaling........................................................................................16
, Kwartiel 1
College 1.1
Bronnen voor de verpleegkundige professionaliteit
Wat is gedragsleer?
• houd zich vooral bezig met allerlei stroming dat bepaalt hoe
mensen een bepaald gedrag tonen. (Stroming =
menswetenschappen (ook het boek dat je nodig hebt voor het vak)
Filosofie
• filosoferen: diep nadenken/doordenken/overdenken
Nadenken:
• De metafysica: de kennis van het meest wezenlijke van alles wat
bestaat. Het gaat niet zozeer om datgene wat je ziet, want dat zijn
slechts onderdelen van het totaal, maar het gaat om het
allesomvattende weten.
• De praktisch normatieve filosofie: de waardeleer met de ethiek als
kern, die iets zegt over wat goed en slecht, mooi en lelijk, juist en
onjuist is. “Jij als verpleegkundige hebt bepaalde waarden; je mag
bijvoorbeeld niet stelen van een collega”
• De logica, kennisleer en methodologie: de kritische instantie
binnen de filosofie, waarbinnen men onderzoekt of iets wat men
beweert ook daadwerkelijk geldig is.
Voorbeeld: dat de mens een vrije wil heeft, stel je krijgt te horen je hebt
niet zo lang meer te leven, dan heb je de vrije wil om te kiezen of je
behandelen wil hebben of niet.
Logica:
- Aristoteles (komt dus uit de Griekse traditie want Aristoteles hielt zich
hier veel mee bezig)
Psychologie
• Houdt zich bezig met menselijk gedrag en achtergrond daarvan
“Waarom gedraag je je zoals je je gedraagt”.
• Nature, nurture discussie; aangeboren (wat je hebt vanaf je
geboorte) en aangeleerd (wat je leert van je opvoeding) gedrag.