Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

samenvatting van alle stof van fiscale economie, behalve Hoofdstuk 1 (geschiedenis)

Beoordeling
-
Verkocht
2
Pagina's
25
Geüpload op
18-03-2025
Geschreven in
2023/2024

Verdieping in het Nederlandse belastingrecht. Dit document behandelt de inkomstenbelasting (box 1, 2, 3), vennootschapsbelasting en de beginselen van het formele belastingrecht. Hopelijk haal je net als ik een dikke voldoende met behulp van deze samenvatting! Ook te gebruiken voor belastingrecht bij WO rechten Tilburg University.

Meer zien Lees minder

Voorbeeld van de inhoud

2 algemene aspecten
Inkomstenbelasting belast het inkomen, alle natuurlijke Nederlands belastingplichtigen hebben
hiermee te maken. Andere belangrijke aspecten om belasting te bepalen zijn:

 Heffingsgrondslag; het bedrag waarover belasting wordt geheven.
 Genietingsmoment; het moment waarop de belasting wordt geheven.

2.1 De functies van belastingen
3 functies belastingen:

1. Budgettaire functie; budget creëren voor collectieve uitgaven;
2. Waarborgfunctie; waarden van de staat waarborgen (rechtsgelijkheid en -zekerheid);
3. Instrumentele functie; om een sociaal of economisch doel te bereiken.

2.2 Rechtvaardigingsgronden
In het kader van rechtvaardige wijze van belastingheffing, drie beginselen van belang:

 Gelijkheidsbeginsel; gelijke gevallen dienen op een gelijke manier te worden belast.
 Profijtbeginsel; je moet belasting betalen omdat je gebaat bent bij de voorzieningen die de
overheid treft.
 Draagkrachtbeginsel; een particulier of onderneming draagt naar vermogen bij aan de
collectieve belastingdruk, ‘de sterkste schouders dragen de zwaarste lasten’. Over het eerste
deel van je inkomen hoef je echter geen belasting te betalen, dit is het bestaansminimum.

2.3 Wet inkomstenbelasting 2001
 Box 1: inkomen uit werk en woning; winst uit onderneming, loon, resultaat overige
werkzaamheden, inkomsten uit eigen woning, negatieve persoonsgebonden aftrekposten.
Verminderd met: aftrek bij geen of geringe woningschuld, uitgaven inkomensvoorzieningen,
persoonsgebonden aftrek.
 Box 2: inkomen uit aanmerkelijk belang; bij een aandelenbelang van minimaal 5% in een bv
of nv. Som van: voordelen uit winstbewijzen (minus aftrekbare kosten) en voordelen die
worden behaald bij vervreemding van de aandelen of winstbewijzen.
 Box 3: inkomen uit sparen en beleggen; spaarrekeningen, effecten en/of onroerende zaken
(m.u.v. eigen woning). Inkomen uit sparen en beleggen wordt forfaitair bepaald.

Rangorderegeling: box 1 wordt eerder genoemd en gaat daarmee voor box 2 en 3; box 2 gaat weer
voor box 3. Ook binnen de boxen geldt de rangorderegeling. De allocatie van schulden vindt plaats
aan de hand van de vraag waarvoor de schuld is aangegaan (bv. Hypothecaire schuld valt in box 1).

Schotten tussen de boxen

Over het algemeen geen verrekening tussen boxen mogelijk, hierop zijn 2 uitzonderingen:

1. Persoonsgebonden aftrek; wordt ‘over de boxen heen’ verrekend (volgorde boxen: 1, 3, 2);
2. Verlies uit aanmerkelijk belang (box 2); verrekenbaar over het box 1-inkomen.

Sfeerovergang: de voordelen uit een bron worden voortaan gerekend tot een ander
inkomensbestanddeel met andere fiscale gevolgen. Kan ook plaatsvinden tussen boxen.

,De belastingdruk verschilt van het tarief wat je in een bepaalde box moet betalen, bijvoorbeeld
omdat de vennootschap over haar winst ook nog vennootschapsbelasting verschuldigd is.

Binnen fiscaal partnerschap kunnen voordelen ontstaan door slim gebruik. Een voorbeeld wat door
de wetgever niet meer wordt geaccepteerd is dat de één een eigenwoninglening zou verstrekken aan
de ander tegen een hoger rente, omdat deze aftrekbaar is in box 1. Een andere anti-arbitrageregeling
is de terbeschikkingstellingsregeling (H6).

2.4 Subjectieve draagkracht
Heffingskortingen

Binnen het boek worden 2 heffingskortingen besproken:

1. Algemene heffingskorting; dit moet het bestaansminimum representeren.
2. Arbeidskorting; instrument om mensen te stimuleren om (meer) te gaan werken.

Het fiscaal partnerbegrip

In artikel 1.2 Wet IB 2001 zie je wanneer je valt onder het fiscaal partnerschap. Een persoon kan
slechts één partner hebben.

Oneerbiedig aanrechtsubsidie: als één persoon niet werkt, kan de andere -werkende- persoon indien
hij voldoende ruimte heeft in zijn te betalen belasting, de heffingskorting van de partner zonder
inkomen van zijn belasting aftrekken. Deze regeling is vanaf 2009 versoberd.

Toerekenen van vermogensbestanddelen tussen partners

Onder de gemeenschappelijke inkomensbestanddelen vallen het belastbare inkomen uit eigen
woning, inkomen aanmerkelijk belang en een aantal aftrekposten (bv, giftenaftrek).



3 werk en woning
3.1 Inkomensbegrip en bronnentheorie
Bronnentheorie: een positief of negatief voordeel kan alleen tot het belastbare inkomen behoren
indien het voorkomt uit een bron van inkomen en het daarnaast valt onder een van de
inkomensbestanddelen van box 1 of 2.

Als er geen sprake is van een inkomensbron, is het een buitenbronnelijk voordeel (bv, een prijs die
een particulier wint in de Staatsloterij of een ontvangen erfenis).

Een behaald voordeel geldt als een inkomensbron, indien aan alle broncriteria wordt voldaan:

1. Sprake is van deelname aan het economische verkeer;
2. Een geldelijk voordeel wordt beoogd (dit criterium is het minst doorslaggevend);
3. Een geldelijk voordeel redelijkerwijs te verwachten is.

Het bijzondere karakter van box 3

Elk vermogensbestanddeel in box 3 wordt belast, en of hoe dit vermogen tot stand is gekomen, speelt
hierbij geen rol. De bronnentheorie is niet van toepassing op box 3, echter als het gebruik voor
persoonlijke doeleinden op de voorgrond staat, telt het niet mee in box 3.

, 3.2 Loon uit dienstbetrekking
Een dienstbetrekking heeft de volgende kenmerken:

 De werknemer heeft zich verplicht om enige tijd persoonlijk arbeid te verrichten;
 De werkgever is verplicht om de werknemer voor arbeid loon te betalen;
 Tussen de werknemer en de werkgever bestaat een gezagsverhouding.

Alleen natuurlijke personen kunnen werknemer zijn.

De verhouding van directeur tot de bv kwalificeert fiscaal als een dienstbetrekking, aangezien de
directeur in formele zin ondergeschikt is aan het hoogste orgaan van de bv: de AVA.

Opting-in: een belastingplichtige die niet in dienstbetrekking is, waarbij de arbeidsverhouding toch
als dienstbetrekking wordt aangemerkt (bv, uitzendkrachten, stagiairs).

Inhoudingsplichtige

Bij een dienstbetrekking is de werkgever verplicht de belasting in te houden die de werknemer over
zijn loon verschuldigd is en deze af te dragen aan de Belastingdienst.

Onder loon vallen alle beloningen in geld of in natura, vakantiegeld, vergoedingen, gratificaties en
winstuitkeringen.

Werkkostenregeling

De werkgever mag een gedeelte (de ‘vrije ruimte’) van het totale fiscale loon besteden aan onbelaste
vergoedingen en verstrekkingen voor zijn werknemers. Indien de werkgever boven de vrije ruimte
komt, betaalt hij 80% loonbelasting ( de ‘eindheffing’).

Een bijzondere verschijningsvorm van loon zijn aanspraken (bv, recht op een WW-uitkering bij
ontslag, recht op een pensioenregeling). Over aanspraken wordt loonheffing ingehouden.

Omkeerregel: belastingen hoeven pas te worden betaald op het moment dat het geld ook
daadwerkelijk ontvangen is (bv bij de aanspraak op pensioen). Deze regel geldt ook voor uitkeringen
bij werkloosheid, arbeidsongeschiktheid en ziekte.

De oudedagsvoorziening in Nederland bestaat uit 3 peilers:

 De AOW (basispensioen, voor iedere inwoner van Nederland);
 Pensioen (om een redelijk inkomen aan ouderen te geven, gerelateerd aan het salaris);
 Individuele voorzieningen zoals lijfrenten.

3.3 Inhoudingen op het loon
Op het loon moeten de loonbelasting, premies volksverzekeringen en inkomensafhankelijke bijdrage
Zorgverzekeringswet (Zvw) worden ingehouden.

Tot de premies volksverzekeringen behoren: de Algemene Ouderdomswet (AOW), de Algemene
nabestaandenwet (Anw) en de Wet langdurige zorg (Wlz).

De Zorgverzekeringswet verplicht iedereen die rechtmatig in Nederland woont,, verzekerd te zijn bij
een zorgverzekeraar naar keuze.

Omslagsstelsel: de uitkeringen in een jaar worden omgeslagen over de premiebetalers in datzelfde
jaar, dus jij betaalt nu pensioen en dat ontvangen de mensen die nu gepensioneerd zijn.

Documentinformatie

Geüpload op
18 maart 2025
Aantal pagina's
25
Geschreven in
2023/2024
Type
SAMENVATTING
€7,42
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
juliavanderheijden

Ook beschikbaar in voordeelbundel

Thumbnail
Voordeelbundel
Bundel van alle samenvattingen die ik heb (bedrijfseconomie/-kunde Tilburg Universiteit)
-
6 2025
€ 41,62 Meer info

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
juliavanderheijden Tilburg University
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
4
Lid sinds
1 jaar
Aantal volgers
0
Documenten
7
Laatst verkocht
8 uur geleden

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen