Meerkeuzevragen
1. Wat is de hoogste wet in Nederland?
A) Algemene Maatregelen van Bestuur (AMvB)
B) De Grondwet
C) De Wet op de rechterlijke organisatie
D) Het Burgerlijk Wetboek
2. Welke instantie is verantwoordelijk voor het beoordelen van cassatiezaken?
A) Rechtbank
B) Gerechtshof
C) Hoge Raad
D) Raad van State
3. Wat is het belangrijkste doel van het legaliteitsbeginsel?
A) Dat rechters vrij zijn om straffen te bepalen
B) Dat niemand gestraft kan worden zonder voorafgaande wettelijke bepaling
C) Dat de politie meer vrijheid krijgt in haar optreden
D) Dat strafrecht altijd met terugwerkende kracht kan worden toegepast
4. Wat regelt artikel 285 Sr?
A) Afpersing
B) Bedreiging
C) Huisvredebreuk
D) Oplichting
5. Welke wet beschermt klokkenluiders die misstanden binnen bedrijven melden?
A) Wet bescherming bedrijfsgeheimen
B) Wetboek van Strafrecht
C) Wet Huis voor klokkenluiders
D) Wetboek van Strafvordering
6. Wat is een kernvoorwaarde voor het uitvoeren van een huiszoeking?
A) Er moet een dringende reden zijn, en de burgemeester moet toestemming geven
B) De verdachte moet vooraf worden gewaarschuwd
C) Er moet toestemming zijn van een rechter-commissaris
D) De politie mag altijd zonder reden binnenvallen
7. Wat is géén vorm van strafuitsluiting?
A) Noodweer
B) Overmacht
C) Verjaring
D) Ontoerekenbaarheid
8. Welke van de volgende handelingen wordt gezien als computervredebreuk?
A) Ongevraagd een computernetwerk binnendringen
B) Per ongeluk iemands wachtwoord vinden en er niks mee doen
C) Je eigen account hacken om toegang te krijgen
D) Het schrijven van malware zonder deze te verspreiden
9. Wat is de maximale gevangenisstraf voor oplichting (art. 326 Sr)?
A) 2 jaar
B) 4 jaar
, C) 6 jaar
D) 8 jaar
10. Wat betekent staande houden volgens art. 52 Sv?
A) Een verdachte tijdelijk tegenhouden om identiteit vast te stellen
B) Iemand arresteren en meenemen naar het politiebureau
C) Een woning doorzoeken
D) Een verdachte direct oppakken zonder verdere uitleg
11. Wat is een belangrijke voorwaarde om een verdachte aan te houden?
A) De verdachte moet zelf bekennen
B) Er moet een redelijk vermoeden van schuld zijn
C) De verdachte moet al een strafblad hebben
D) De politie moet minstens twee getuigen hebben
12. Wat is de maximale straf voor afdreiging (art. 318 Sr)?
A) 2 jaar gevangenisstraf
B) 4 jaar gevangenisstraf
C) 6 jaar gevangenisstraf
D) 9 jaar gevangenisstraf
13. Wat is een kenmerk van valse aangifte (art. 188 Sr)?
A) Het opzettelijk doen van een onjuiste melding bij de politie
B) Het per ongeluk verkeerd invullen van een aangifteformulier
C) Het vergeten van belangrijke details in een aangifte
D) Een anonieme tip geven die niet klopt
14. Welke instantie verleent vergunningen voor particuliere recherchebureaus?
A) De politie
B) De burgemeester
C) De Minister van Justitie en Veiligheid
D) De Raad van State
15. Welke misdaad valt onder artikel 337 Sr?
A) Oplichting
B) Merkvervalsing
C) Valsheid in geschrift
D) Diefstal
16. Wat is de belangrijkste functie van een opsporingsambtenaar?
A) Het verzamelen van bewijs en opsporen van strafbare feiten
B) Het beoordelen van strafzaken en opleggen van straffen
C) Het verdedigen van verdachten in een strafzaak
D) Het toezicht houden op advocaten
17. Wanneer is er sprake van bedrijfsgeheimschending?
A) Als een werknemer gevoelige informatie deelt met een concurrent zonder
toestemming
B) Als een werknemer binnen zijn eigen bedrijf over gevoelige informatie beschikt
C) Als een bedrijf per ongeluk vertrouwelijke gegevens lekt
D) Als een journalist misstanden in een bedrijf onthult
18. Welke straf staat op gewoonteheling (art. 417 Sr)?
A) Maximaal 4 jaar gevangenisstraf
B) Maximaal 6 jaar gevangenisstraf
C) Maximaal 8 jaar gevangenisstraf
D) Maximaal 10 jaar gevangenisstraf
19. Wat is de maximale gevangenisstraf voor zware mishandeling (art. 302 Sr)?
A) 3 jaar