Portfoliobewijsmateriaal – Competentie 9a - Bewijs 1
“Wat is een persoonlijke valkuil van mij?”
Niveau van Miller: KNOWS HOW
22 januari 2024
Competentie 9: Inzicht in eigen ontwikkelingsproces
Indicator 9a: Het herkennen en erkennen van eigen kwaliteiten en ontwikkelpunten
Samenvatting: In dit bewijs beschrijf ik hoe de valkuil onderdanigheid zich bij mij in het contact richting dominante personen openbaart.
Daarbij illustreer ik aan de hand van voorbeelden hoe te merken is dat ik in deze valkuil ben gestapt. Ten slotte leg ik uit hoe ik gedurende
de opleiding technieken en gedragingen heb geleerd om me bewust te worden van deze valkuil, zodat ik deze kan ontgroeien.
Zoals ik ook in Bewijs 61: “Hoe is mijn dagelijks mens-mens contact in het algemeen?” heb omschreven, weet ik dat ik van kinds af
aan al een sterk inlevend vermogen heb voor de mensen om mij heen. Daardoor kon ik mooie vriendschappen sluiten en diepe relaties
aangaan met mijn naasten. Naarmate ik ouder werd, werd ik me er wel bewust dat ik soms wel kon doorschieten in mijn
inlevingsvermogen. Zo vond ik het regelmatig lastig om mijn grenzen aan te geven, uit angst om de ander te kwetsen. Daardoor stelde ik
me onderdanig op, en hield ik mijn eigen mening achter om er maar voor te zorgen dat ik niet afgewezen zou worden door de mensen om
mij heen. Die angst voor afwijzing kwam wel met grote gevolgen. Ik denk daarbij bijvoorbeeld aan enkele toxische relaties waarin ik
verzeild raakte die me niet gelukkig hebben laten voelen. Eerder in dit portfolio heb ik zo’n vriendschappelijke relatie omschreven in
Bewijs 63: “Voorbeeld van een minder goed verlopen mens-mens contact”. Toch heb ik mijn inlevingsvermogen sinds de start van de
opleiding beter leren balanceren. Daarin was voor mij de theorie van managementcoach Daniel Ofman erg verhelderend. Door zijn boek
“Bezieling en kwaliteit in organisaties” (Ofman, 2017) leerde ik op heel verhelderende wijze waarom ik soms zo in de onderdanigheid kon
schieten, en hoe dit in relatie stond met mijn afkeer tegen dominante figuren. Daarom zal ik in dit bewijs eerst zijn theorie over de relatie
tussen kernkwaliteiten, valkuilen en uitdagingen omschrijven, en dit daarna koppelen aan mijn persoonlijke valkuil van onderdanigheid.
Vervolgens weid ik uit over signalen die aangeven dat ik in de valkuil ben gestapt. Ten slotte benoem ik hoe ik, sinds de start van de
opleiding, technieken en gedragingen heb geleerd om me bewust te worden van deze valkuil, en hoe dit mij geholpen heeft om de valkuil
in meerdere situaties te ontgroeien.
Allereerst zou ik dus graag de theorie van Ofman willen toelichten (Ofman, 2017), die ik had leren kennen vanuit
literatuuronderzoek naar methoden voor zelfontwikkeling. Daaruit ontdekte ik dat Ofman stelt dat iedereen beschikt over “kwaliteiten”,
maar dat die niet altijd ten gunste van de persoonlijke groei ingezet worden. Dit gebeurt enerzijds doordat we te ver kunnen doorschieten
in het toepassen van onze kwaliteit op levenssituaties (een “valkuil”), en anderzijds doordat we van slag raken wanneer we met personen
omgaan die zich tegengesteld aan onze kwaliteit gedragen (een “allergie”). Om de kernkwaliteit op een veerkrachtige manier tot bloei te
laten komen, stelt Ofman voor dat je de kwaliteit die positief tegenovergestelde is aan je valkuil omarmt. Dit noemt hij de “uitdaging”.
Door de uitdaging met je kernkwaliteit te combineren, maak je persoonlijke groei door waarmee je de valkuil kan ontgroeien en beter met
de allergie kan omgaan.
1
“Wat is een persoonlijke valkuil van mij?”
Niveau van Miller: KNOWS HOW
22 januari 2024
Competentie 9: Inzicht in eigen ontwikkelingsproces
Indicator 9a: Het herkennen en erkennen van eigen kwaliteiten en ontwikkelpunten
Samenvatting: In dit bewijs beschrijf ik hoe de valkuil onderdanigheid zich bij mij in het contact richting dominante personen openbaart.
Daarbij illustreer ik aan de hand van voorbeelden hoe te merken is dat ik in deze valkuil ben gestapt. Ten slotte leg ik uit hoe ik gedurende
de opleiding technieken en gedragingen heb geleerd om me bewust te worden van deze valkuil, zodat ik deze kan ontgroeien.
Zoals ik ook in Bewijs 61: “Hoe is mijn dagelijks mens-mens contact in het algemeen?” heb omschreven, weet ik dat ik van kinds af
aan al een sterk inlevend vermogen heb voor de mensen om mij heen. Daardoor kon ik mooie vriendschappen sluiten en diepe relaties
aangaan met mijn naasten. Naarmate ik ouder werd, werd ik me er wel bewust dat ik soms wel kon doorschieten in mijn
inlevingsvermogen. Zo vond ik het regelmatig lastig om mijn grenzen aan te geven, uit angst om de ander te kwetsen. Daardoor stelde ik
me onderdanig op, en hield ik mijn eigen mening achter om er maar voor te zorgen dat ik niet afgewezen zou worden door de mensen om
mij heen. Die angst voor afwijzing kwam wel met grote gevolgen. Ik denk daarbij bijvoorbeeld aan enkele toxische relaties waarin ik
verzeild raakte die me niet gelukkig hebben laten voelen. Eerder in dit portfolio heb ik zo’n vriendschappelijke relatie omschreven in
Bewijs 63: “Voorbeeld van een minder goed verlopen mens-mens contact”. Toch heb ik mijn inlevingsvermogen sinds de start van de
opleiding beter leren balanceren. Daarin was voor mij de theorie van managementcoach Daniel Ofman erg verhelderend. Door zijn boek
“Bezieling en kwaliteit in organisaties” (Ofman, 2017) leerde ik op heel verhelderende wijze waarom ik soms zo in de onderdanigheid kon
schieten, en hoe dit in relatie stond met mijn afkeer tegen dominante figuren. Daarom zal ik in dit bewijs eerst zijn theorie over de relatie
tussen kernkwaliteiten, valkuilen en uitdagingen omschrijven, en dit daarna koppelen aan mijn persoonlijke valkuil van onderdanigheid.
Vervolgens weid ik uit over signalen die aangeven dat ik in de valkuil ben gestapt. Ten slotte benoem ik hoe ik, sinds de start van de
opleiding, technieken en gedragingen heb geleerd om me bewust te worden van deze valkuil, en hoe dit mij geholpen heeft om de valkuil
in meerdere situaties te ontgroeien.
Allereerst zou ik dus graag de theorie van Ofman willen toelichten (Ofman, 2017), die ik had leren kennen vanuit
literatuuronderzoek naar methoden voor zelfontwikkeling. Daaruit ontdekte ik dat Ofman stelt dat iedereen beschikt over “kwaliteiten”,
maar dat die niet altijd ten gunste van de persoonlijke groei ingezet worden. Dit gebeurt enerzijds doordat we te ver kunnen doorschieten
in het toepassen van onze kwaliteit op levenssituaties (een “valkuil”), en anderzijds doordat we van slag raken wanneer we met personen
omgaan die zich tegengesteld aan onze kwaliteit gedragen (een “allergie”). Om de kernkwaliteit op een veerkrachtige manier tot bloei te
laten komen, stelt Ofman voor dat je de kwaliteit die positief tegenovergestelde is aan je valkuil omarmt. Dit noemt hij de “uitdaging”.
Door de uitdaging met je kernkwaliteit te combineren, maak je persoonlijke groei door waarmee je de valkuil kan ontgroeien en beter met
de allergie kan omgaan.
1