Week 1
GRC
Auditfunctie: Vaststellen van opzet, bestaan en werking van organisatieonderdelen, projecten en
processen:
- Opzet: Is er in bijv. procesbeschrijvingen vastgelegd hoe het auditonderdeel volgens het
handboek zou moeten gaan
- Bestaan: Gebeurd het zoals het beschreven staat, eenmalig
- Werking: Gebeurd het meerder malen zoals het beschreven staat, eigenlijk dus het meerdere
malen toetsen van het bestaan.
Toegevoegde waarde van auditfunctie: Het kan de RvB aanvullende zekerheid verstrekken over de
kwaliteit van sturing en beheersing.
Loose control: minder strakke besturingsvorm, de beslissingsbevoegdheid ligt zoveel mogelijk bij het
lijnmanagement/lager in de onderneming. Denk aan creatieve afdelingen, Avans Hogeschool.
Tight control: Strakke besturingsvorm, beslissingsbevoegdheid in beperkte mate gedelegeerd of is er
veel top-down regelgeving voor nodig. Denk aan het leger, mc donalds en lopende band werk
Interne auditing is de verbijzonderde toetsende functie van en voor RvB
Om als auditor te kunnen voldoen aan de verwachtingen van RvB, moet de interne audit over de
nodige organisatie- en managementkundige kennis beschikken en zal de auditgroep multidisciplinair
moeten worden samengesteld
Onder verticale beheersing verstaan we de vastlegging, de herkenbaarheid, de werkbaarheid en de
toetsbaarheid van die beheerskaders en –maatregelen die de RvB neemt om de primaire
bedrijfsprocessen zodanig te kunnen aan- en bijsturen dat de doelstellingen van de organisatie
optimaal kunnen worden gerealiseerd.
Onder horizontale beheersing verstaan we al die maatregelen die de verantwoordelijke lijnmanagers
en de proceseigenaren nemen om op een ‘beheerste’ wijze de afgesproken resultaten te bereiken,
daarbij werkend binnen de opgelegde beheerskaders.
PIM
Redenen voor organisatiestructurering:
Bereiken van synergie (samen bereik je meer dan alleen).
Schaalvoordelen (inkoop, gebruik/productieonderdelen).
Autoriteit en hiërarchie (wie heeft leiding en wie neemt welke beslissingen).
Goede communicatie (door structuren zijn lijnen duidelijk).
Organisatiestructuren Mintzberg
Organisatiestructuren zijn nodig om:
Afstemming (coördinatie) te laten plaatsvinden in organisaties zodanig dat het werk goed op
elkaar afgestemd is en dat iedereen weet wie waar mee bezig is.
Elk organisatiestructuur kent een dominant organisatiedeel:
Strategisch top;
Technische staf;
, Middenkader;
Operationele kern;
Ondersteunende staf.
Onderstaande mechanismen kunnen zorgen voor coördinatie:
Direct toezicht; Door direct toezicht heb je inzichtelijk wat er gaande is
Standaardisatie van arbeidsprocessen; Door het standaardiseren van processen weet je wat
er moet gebeuren en kun je hierin gemakkelijker overzicht in aanhouden
Standaardisatie van resultaten;
Standaardisatie van kennis en vaardigheden;
Onderlinge afstemming: Door afstemming onderling weet je wat er gaande is op de
verschillende afdelingen
Het dominante organisatieonderdeel en het coördinatiemechanisme zijn op elkaar afgestemd.
,
GRC
Auditfunctie: Vaststellen van opzet, bestaan en werking van organisatieonderdelen, projecten en
processen:
- Opzet: Is er in bijv. procesbeschrijvingen vastgelegd hoe het auditonderdeel volgens het
handboek zou moeten gaan
- Bestaan: Gebeurd het zoals het beschreven staat, eenmalig
- Werking: Gebeurd het meerder malen zoals het beschreven staat, eigenlijk dus het meerdere
malen toetsen van het bestaan.
Toegevoegde waarde van auditfunctie: Het kan de RvB aanvullende zekerheid verstrekken over de
kwaliteit van sturing en beheersing.
Loose control: minder strakke besturingsvorm, de beslissingsbevoegdheid ligt zoveel mogelijk bij het
lijnmanagement/lager in de onderneming. Denk aan creatieve afdelingen, Avans Hogeschool.
Tight control: Strakke besturingsvorm, beslissingsbevoegdheid in beperkte mate gedelegeerd of is er
veel top-down regelgeving voor nodig. Denk aan het leger, mc donalds en lopende band werk
Interne auditing is de verbijzonderde toetsende functie van en voor RvB
Om als auditor te kunnen voldoen aan de verwachtingen van RvB, moet de interne audit over de
nodige organisatie- en managementkundige kennis beschikken en zal de auditgroep multidisciplinair
moeten worden samengesteld
Onder verticale beheersing verstaan we de vastlegging, de herkenbaarheid, de werkbaarheid en de
toetsbaarheid van die beheerskaders en –maatregelen die de RvB neemt om de primaire
bedrijfsprocessen zodanig te kunnen aan- en bijsturen dat de doelstellingen van de organisatie
optimaal kunnen worden gerealiseerd.
Onder horizontale beheersing verstaan we al die maatregelen die de verantwoordelijke lijnmanagers
en de proceseigenaren nemen om op een ‘beheerste’ wijze de afgesproken resultaten te bereiken,
daarbij werkend binnen de opgelegde beheerskaders.
PIM
Redenen voor organisatiestructurering:
Bereiken van synergie (samen bereik je meer dan alleen).
Schaalvoordelen (inkoop, gebruik/productieonderdelen).
Autoriteit en hiërarchie (wie heeft leiding en wie neemt welke beslissingen).
Goede communicatie (door structuren zijn lijnen duidelijk).
Organisatiestructuren Mintzberg
Organisatiestructuren zijn nodig om:
Afstemming (coördinatie) te laten plaatsvinden in organisaties zodanig dat het werk goed op
elkaar afgestemd is en dat iedereen weet wie waar mee bezig is.
Elk organisatiestructuur kent een dominant organisatiedeel:
Strategisch top;
Technische staf;
, Middenkader;
Operationele kern;
Ondersteunende staf.
Onderstaande mechanismen kunnen zorgen voor coördinatie:
Direct toezicht; Door direct toezicht heb je inzichtelijk wat er gaande is
Standaardisatie van arbeidsprocessen; Door het standaardiseren van processen weet je wat
er moet gebeuren en kun je hierin gemakkelijker overzicht in aanhouden
Standaardisatie van resultaten;
Standaardisatie van kennis en vaardigheden;
Onderlinge afstemming: Door afstemming onderling weet je wat er gaande is op de
verschillende afdelingen
Het dominante organisatieonderdeel en het coördinatiemechanisme zijn op elkaar afgestemd.
,