Glucose als grondstof en brandstof
Bij koolstofassimilatie zetten autotrofe organismen water en koolstofdioxide om in
zuurstof en glucose.
Twee belangrijke functies van glucose
1. Glucose dient als grondstof voor het maken van organische stoffen.
● Koolhydraten.
● Vetten.
● Eiwitten.
2. Glucose is de belangrijkste brandstof.
● Bij verbranding van glucose wordt ATP gevormd.
❖ ATP levert energie voor voortgezette assimilatie.
, Koolhydraten
Waaruit zijn de moleculen van koolhydraten / sachariden opgebouwd
● Koolstof.
● Waterstof,
● Zuurstof.
Welke functie hebben koolhydraten / sachariden in een cel
● Bouwstof.
● Brandstof,
● Reservestof.
Koolhydraten worden opgedeeld in monosachariden, disachariden en
polysachariden. Monosachariden zijn enkelvoudige suikers en bevatten vijf tot zes
C-atomen.
Monosachariden
● Glucose.
● Galactose.
● Fructose.
Glucose is goed oplosbaar in water. Twee moleculen van monosachariden kunnen
met elkaar verbinden → Disachariden → +ose.
Lange ketens van glucosemoleculen → Polysachariden → Zetmeel → Wordt in de
bladgroenkorrels en zetmeelkorrels van plantaardige cellen opgebouwd uit
glucosemoleculen. Zetmeel is slecht oplosbaar in water, door de grote van de
glucosemoleculen. In het lever en de spieren van dieren wordt glycogeen gevormd.
Glycogeenmoleculen bestaan uit glucosemoleculen en is vertakt Glycogeen en
zetmeel zijn reservestoffen.
Cellulose → Polysachariden. Cellulose is het hoofdbestanddeel van de celwanden
van planten. De bindingen tussen glucosemoleculen en cellulosemoleculen zorgt
voor een stevige structuur.