WC 6. Sondevoeding bij CVA (soorten en wijze van toedienen)
KAHOOT
1. Een PVC-sonde kan slechts 7-10 dagen blijven zitten
Waar
2. Op welke manier kan de ligging van de maagsonde het snelste
bepaald worden?
pH-meting maaginhoud.
Röntgenfoto is de beste methode maar niet de snelste.
3. Welke afweging moet je maken voor de keuze van je sondevoeding?
- energie en eiwitbehoefte bepalen
- bepalen wat de vochtbehoefte is
- is er wel of geen contra-indicatie voor vezels?
4. Bij het opbouwen van de sondevoeding moet elke 6 uur de
maagretentie worden bepaald
Waar
Maagretentie die eruit wordt gehaald wordt ook weer terug gespoten, want de
medicatie moet terug, ook de voeding en het zuur moeten terug.
5. Waardoor ontstaat een hypofosfatemie (water- elektrolyten stoornis)
als metabole complicatie bij sondevoeding?
Refeeding, ondervoeding, medicatie
6. Waardoor kan bij neurologische ziekten beperkte voedselintake
ontstaan?
- dementie, afasie, depressie
- aversie, beperkt kauwen, niet herkennen van eten
- medicatie, obstipatie, reflux
7. Zuren voedingsmiddelen kunnen het slikproces bevorderen
Waar
8. Welke beschrijving geeft matige dysphagie het beste weer?
Aspiratierisico, slik/hoest reflex vertraagd.
9. Zoete producten veroorzaken meer speekselvorming en kunnen
problemen geven bij slikproblemen
Waar
Als iemand veel slijmvorming heeft door ziekte kanker en COPD ervaring meer
speekselvorming (melkproducten), nu gaat het om slikstoornissen en is niet het
advies om zure producten ten geven i.p.v. zoete.
10. Indien een patiënt >4-6 weken niet kan eten, wat zou je doen?
PEG-sonde plaatsen, is een sonde die via de buikwand naar de maag toe geeft,
geeft minder irritatie in neus, gezicht, keel en slokdarm. (van buitenaf de buik in)
TPV alleen geven als darmkanaal niet werkt! (gaat via slangetje, katheter, direct
in bloedvat)
11. welke is geen consequentie ie door een CVA kan ontstaan
Refeeding, want ontstaat dat patiënt lange tijd niet gegeten heeft.
12. door apraxie (moeite met spreken en handelen) ontstaat het risico:
, Dat de patiënt niet meer zelfstandig kan eten (niet meer zelfstandig praktische
taken kunnen uitvoeren)
13. bij neglect of hemianopsie kan het zo zijn dat de patiënt maar de
helft van zijn bord leegeet.
Waar, omdat ze maar de helft van het bord zien.
14. Welke voedingskundige problemen kunnen na een CVA ontstaan?
- minder eetlust
- dehydratie
- obstipatie
15. Welke vorm van sondevoeding toedienen heeft altijd de eerste keus
(in het ziekenhuis)
Neusmaagsonde via pomp, omdat je iedere keer een maaltijd kunt geven 6 tot 7x
per dag. Bij thuiszorg komen ze maar 2 tot 3x per dag langs.
Bij duodenumsonde mag je nooit zo in de darmspuiten, want krijg je
dumpingklachten.
KAHOOT
1. Een PVC-sonde kan slechts 7-10 dagen blijven zitten
Waar
2. Op welke manier kan de ligging van de maagsonde het snelste
bepaald worden?
pH-meting maaginhoud.
Röntgenfoto is de beste methode maar niet de snelste.
3. Welke afweging moet je maken voor de keuze van je sondevoeding?
- energie en eiwitbehoefte bepalen
- bepalen wat de vochtbehoefte is
- is er wel of geen contra-indicatie voor vezels?
4. Bij het opbouwen van de sondevoeding moet elke 6 uur de
maagretentie worden bepaald
Waar
Maagretentie die eruit wordt gehaald wordt ook weer terug gespoten, want de
medicatie moet terug, ook de voeding en het zuur moeten terug.
5. Waardoor ontstaat een hypofosfatemie (water- elektrolyten stoornis)
als metabole complicatie bij sondevoeding?
Refeeding, ondervoeding, medicatie
6. Waardoor kan bij neurologische ziekten beperkte voedselintake
ontstaan?
- dementie, afasie, depressie
- aversie, beperkt kauwen, niet herkennen van eten
- medicatie, obstipatie, reflux
7. Zuren voedingsmiddelen kunnen het slikproces bevorderen
Waar
8. Welke beschrijving geeft matige dysphagie het beste weer?
Aspiratierisico, slik/hoest reflex vertraagd.
9. Zoete producten veroorzaken meer speekselvorming en kunnen
problemen geven bij slikproblemen
Waar
Als iemand veel slijmvorming heeft door ziekte kanker en COPD ervaring meer
speekselvorming (melkproducten), nu gaat het om slikstoornissen en is niet het
advies om zure producten ten geven i.p.v. zoete.
10. Indien een patiënt >4-6 weken niet kan eten, wat zou je doen?
PEG-sonde plaatsen, is een sonde die via de buikwand naar de maag toe geeft,
geeft minder irritatie in neus, gezicht, keel en slokdarm. (van buitenaf de buik in)
TPV alleen geven als darmkanaal niet werkt! (gaat via slangetje, katheter, direct
in bloedvat)
11. welke is geen consequentie ie door een CVA kan ontstaan
Refeeding, want ontstaat dat patiënt lange tijd niet gegeten heeft.
12. door apraxie (moeite met spreken en handelen) ontstaat het risico:
, Dat de patiënt niet meer zelfstandig kan eten (niet meer zelfstandig praktische
taken kunnen uitvoeren)
13. bij neglect of hemianopsie kan het zo zijn dat de patiënt maar de
helft van zijn bord leegeet.
Waar, omdat ze maar de helft van het bord zien.
14. Welke voedingskundige problemen kunnen na een CVA ontstaan?
- minder eetlust
- dehydratie
- obstipatie
15. Welke vorm van sondevoeding toedienen heeft altijd de eerste keus
(in het ziekenhuis)
Neusmaagsonde via pomp, omdat je iedere keer een maaltijd kunt geven 6 tot 7x
per dag. Bij thuiszorg komen ze maar 2 tot 3x per dag langs.
Bij duodenumsonde mag je nooit zo in de darmspuiten, want krijg je
dumpingklachten.